Patten bindt strijd aan met Chinese draak; De nieuwe gouverneur zal minder inschikkelijk zijn; Laatste Britse hoofdstuk is begonnen; Nog conflicten met Peking over talrijke kwesties

HONGKONG, 2 JULI. Gisteren is, wat China noemt, de eindfase van het overgangstijdperk van Brits naar Chinees bestuur over Hongkong begonnen. Precies over vijf jaar zal de kroonkolonie worden omgedoopt tot Speciale Administratieve Regio van China. De Britten zullen nog vijf jaar de soevereine macht over Hongkong uitoefenen, maar China's invloed zal onmiskenbaar groeien, meer dan de regeringen in Londen en Hongkong lief is.

Om in deze eindfase van toenemende Chinese druk en inmenging beter tegenspel te bieden heeft de Britse regering gemeend de Hongkong-heerschappij van de zogenoemde "China-mandarijnen' (sinologen) van het Foreign Office te moeten breken en Hongkong als het ware onder rechtstreeks bestuur vanuit Londen te stellen. China-mandarijn Lord Wilson (57), die als te toegeeflijk tegenover Peking werd beschouwd, zal deze week vertrekken als gouverneur en worden vervangen door de conservatieve partijpoliticus en persoonlijke vertrouweling van premier John Major, Chris Patten.

De bedoeling is dat Patten (48) meer gewicht in de schaal kan leggen en dat de Chinezen meer ontzag voor hem zullen hebben dan voor een carrièrediplomaat. “Als u met Chris Patten praat, praat u met mij”, zei Major tijdens de Rio-top vorige maand tot zijn Chinese ambtgenoot Li Peng met wie hij opnieuw moest bakkeleien over de financiering van Hongkongs nieuwe supervliegveld. Het vliegveld is slechts een van de vele belangrijke kwesties waarover China en de regeringen in Londen en Hongkong voortdurend overhoop liggen. De andere zijn: Het democratiseringsproces. China wil dat zo minimaal mogelijk houden om te voorkomen dat liberaal-democratische elementen te veel macht vergaren die hen in 1997 moeilijk te ontnemen is; Benoemingen in de Uitvoerende Raad. Lord Wilson heeft geweigerd om Hongkongs populairste politicus, de liberaal Martin Lee, die bij de (beperkte) verkiezingen vorig jaar verreweg het grootste aantal stemmen behaalde in dit hoogste adviescollege, te benoemen. Chris Patten is voornemens Lee alsnog te benoemen. China heeft daarop al tweemaal met sancties gedreigd; De samenstelling van het Hooggerechtshof. Om de Britse rechtsorde na 1997 in tact te houden is het nodig dat er Britse of andere niet-Chinese rechters in zullen blijven zitten. Dit is in het verdrag van 1984 en in de basiswet vastgelegd, maar China wil dat maximaal twee van de vijf opperrechters buitenlanders zijn en dat onwrikbaar vastleggen; De verplaatsing van een vlootbasis uit de centrale financiële wijk van Hongkong-Island naar een afgelegen eiland. China wil dat die basis, HMS Tamar, daar blijft om er in 1997 zijn militair hoofdkwartier te vestigen; De privatisering van radio en televisie. China wil dat die in regeringshanden blijven om ze in 1997 om te vormen tot propagandastations.

Patten en de nieuwe Britse minister voor Hongkong-zaken, Alastair Goodlad, hebben te kennen gegeven dat zij de “grenzen van het mogelijke” (China's tolerantie) zo ver mogelijk willen verruimen. Goodlad bezocht eind mei Hongkong en kondigde aan dat het tempo van het democratiseringsproces moest worden verhoogd en dat er bij de volgende verkiezingen in 1995 meer rechtstreeks gekozen zetels in de Wetgevende Raad moeten komen.

China's minister voor Hongkong-zaken, Lu Ping, protesteerde meteen luidkeels dat zo'n stap “illegaal” was, omdat de basiswet voorschrijft dat er in 1997 slechts twintig gekozen zetels (van de 60) mogen zijn. De basiswet, door China met enige inspraak van benoemde Hongkong-Chinese leden gedicteerd, is volgens de Peking-Chinezen “gegraveerd in steen”, kan vóór 1997 niet geamendeerd worden en daarna alleen door China's nationale volkscongres. Goodlad hield voet bij stuk en zei dat de basiswet wel gewijzigd kan worden als daartoe de politieke wil bestaat.

Tezelfdertijd ontving premier John Major in Londen de liberale voorman Martin Lee, iets waartoe Margaret Thatcher op advies van de China-mandarijnen nooit bereid was geweest. Voor zijn besprekingen noemde Lee het gouverneurschap van Lord Wilson een “ramp”, omdat die zijn verkiezingsoverwinning had genegeerd en in plaats van Lee ongekozen leden in de Uitvoerende Raad (Exco) had benoemd.

Als Hongkong een echte democratie was geweest, zou Lee tot premier zijn benoemd, want zijn partij, de Verenigde Democraten van Hongkong (UDHK), behaalde 12 van de 18 verkiesbare zetels. Wilson schoof Lee echter terzijde omdat die weigerde de bestaande regels van Exco te aanvaarden. Exco is een geheim adviescollege waarin besluiten unaniem worden genomen met collectieve verantwoordelijkheid. De UDHK wees de geheimhouding en de collectieve verantwoordelijkheid echter af en wilde er een soort open coalitiekabinet van maken.

Hongkong wacht nu in spanning af hoe Chris Patten dit dilemma zal oplossen. Als hij de benoeming van Martin Lee doorzet zal dat twee ingrijpende gevolgen hebben. In de eerste plaats zal het het karakter van Exco drastisch veranderen. Exco is nog steeds een plutocratisch elitecollege, waarin prominente zakenmensen zitting hebben. Zij opereren in het geheim en vormen de grondslag van Hongkongs spectaculaire succes als handels- en financieel centrum van wereldklasse. Als een radicale democraat met een massa-aanhang als Martin Lee aan hun gelederen wordt toegevoegd, met een Britse raspoliticus in plaats van een diplomaat als gouverneur zal dat een revolutie in de politiek van Hongkong betekenen.

De tweede consequentie betreft Peking. China kan de staatsinrichting van Hongkong op dit moment niet veranderen, maar het kan wel wraak tegen Britse “eenzijdige actie” nemen op andere fronten. Het gevoeligste doelwit is het vliegveld. In september vorig jaar reisde Major speciaal naar Peking om na een nietes-welles-spel van anderhalf jaar een "memorandum of understanding' te ondertekenen dat het Chinese verzet tegen het project van 30 miljard gulden ophief. Dit voorjaar bleek echter dat er kostenstijgingen tot wellicht 40 miljard gulden zullen zijn. Sindsdien neemt de veto-stemming in Peking weer dagelijks toe en moet er een nieuwe ronde van onderhandelingen komen, wellicht weer tot op topniveau toe.

Over enkele dagen zal Chris Patten zijn intocht in Hongkong maken. Hij heeft zich niet tot "Sir' laten verheffen en zal evenmin het witte koloniale uniform met gepluimde koetsiersteek dragen, maar een gewoon pak. Ook in dat opzicht verschilt hij van al zijn voorgangers. Zal hij de Chinese draak te slim af zijn of zal die ook hem verslinden?