NS wil dertig stations extra bouwen voor de Randstad

ROTTERDAM, 2 JULI. Door de bouw van dertig nieuwe stations in de Randstad kunnen de Nederlandse Spoorwegen met grote frequentie extra stoptreinen laten rijden die de auto op korte afstanden beconcurreren. Dit staat in Randstadspoor, een plan dat de NS in opdracht van Verkeer en Waterstaat hebben gemaakt.

De studie ligt nu ter beoordeling bij het ministerie van Maij-Weggen. Het plan is een aanvulling op Rail 21, het toekomstplan van de NS dat zich vooral richt op vervoer over afstanden langer dan veertig kilometer. Rail 21 voorziet ook al in de bouw van twintig nieuwe stations.

De overheid voert een beleid dat beoogt de functie van het openbaar vervoer te versterken om te voorkomen dat het wegvervoer in de Randstad vastloopt. Randstadspoor is daarvan een uitwerking. Het NS-plan is niet afgestemd op bus-, trein-, en metroplannen van de steden in de Randstad.

Als de extra stations worden gebouwd, kunnen de NS 10 tot 13 procent meer treinreizen in de Randstad verzorgen. De geplande stations zullen voornamelijk aan bestaande lijnen worden gebouwd. De afstand tussen de stations is vergelijkbaar met die tussen de stations aan de Zoetermeerlijn, enkele minuten reizen. NS voorziet de nieuwe stations aan de noord-zuidroute (Amsterdam Geuzenveld, Haarlem-Oost en -Zuid, Hillegom, Sassenheim, Voorhout, Warmond, Leiden-Merenwijk, Leidschendam-Noord, Den Haag-Moerwijk, Schiedam-Spaland, Rotterdam-Stadion en Dordrecht-Amstelwijck), in en om Amsterdam, in de omgeving van Nootdorp en langs een nieuwe spoorlijn tussen de Hofpleinlijn (Rotterdam-Den Haag) en Zoetermeer.

Volgens de NS bedragen de kosten van de in Randstadspoor voorziene nieuwe infrastructuur tussen de 2 miljard en de 3,5 miljard gulden. Het bedrag is afhankelijk van extra's als ongelijkvloerse kruizingen, keerfaciliteiten bij de nieuwe stations en extra perrons. In de nieuwe opzet van de NS (rapport Wijffels) is de overheid verantwoordelijk voor de infrastructuur en moet de NS zorgen voor rendabele exploitatie van het spoorwegnet.

De NS schatten de exploitatiekosten van Randstadspoor op 120 miljoen gulden per jaar. Het bedrijf heeft nog niet berekend hoeveel inkomsten hier tegenover staan.

De NS hebben ook forse bedragen nodig om andere toekomstplannen te verwezenlijken. Voor Rail 21 is 15 miljard gulden nodig, voor de Betuwelijn 5 miljard en voor de Hoge-snelheidslijn 3 miljard.