Gras Wimbledon kent geen genade bij 'n mindere dag

LONDEN, 2 JULI. Gras is eigenlijk ongeschikt om tennis op te spelen. Zoals kinderkopjes geen plaveisel vormen om een wielerwedstrijd op te houden. Maar wat Parijs-Roubaix is voor de wielersport, is Wimbledon voor het tennis. Met banen die genadeloos zijn voor spelers met een minder goede dag. De harde opslagen, en de al even harde return en slagen vragen om een juiste reflex. In combinatie met een perfecte techniek. Wie dat mist, al is het maar even, verliest een set. Wie er een partij lang wanhopig naar zoekt is reddeloos verloren.

“Op gras komt strategie er niet aan te pas. Je moet zorgen dat je eerste opslag binnen de lijnen is, dat je een goede volley hebt en elk breekpunt binnenhaalt”, zei Pete Sampras. Hij was één van de "kampioenendoders' op het toernooi der toernooien. Want in de kwartfinales van de mannen verloor Wimbledon gisteren twee voormalige winnaars. Titelverdediger Michael Stich en Stefan Edberg. Hun uitschakeling had een enorme schok moeten zijn, maar het leek wel alsof het voor kennisgeving werd aangenomen. Alsof het een onontkoombaar noodlot betrof. Iets dat nu eenmaal kan gebeuren op Wimbledon.

Het was dan ook vooral de manier waarop het zich voltrok die voor de opwinding zorgde. Stich liet zich zonder al te veel verzet van de baan vegen door Sampras, in 1990 winnaar van de US Open en nu ook op de grasbaan de kwaliteiten heeft ontwikkeld die hem altijd al werden toegedicht: 6-3, 6-2, 6-4. En Edberg, de tweevoudige winnaar, stond tegenover de opslagmachine Goran Ivanisevic. Tot gisteren had hij in dit toernooi al honderd aces geslagen. In de vijf sets tegen de Zweed kwamen er nog eens 33 bij. Of dit nu zijn beste opslag was? “Het zijn maar 33 aces. Dat is niet zo goed”, reageerde hij na de vijfsetter: 6-7 (10), 7-5, 6-1, 3-6, 6-3.

Die ontmoeting had ondanks dat servicegeweld duidelijk wel het karakter van een duel. Stich-Sampras was meer een administratieve handeling, die een uur en 27 minuten in beslag nam. De 23-jarige Duitser, sinds het begin van Wimbledon vorig jaar zestien partijen - waaronder vijf in Rosmalen - ongeslagen op gras, leek precies op tijd in topvorm te zijn gekomen maar was geen schim van de vastberaden overtuigende speler die hij op deze ondergrond is geworden. Het lag volgens hem aan de slechte conditie van de baan. Die was nat, een beetje glad en riskant. Hij klaagde er bij de scheidsrechter over dat hij bang was geblesseerd te raken, maar omdat Sampras er geen enkel probleem mee leek te hebben vond de umpire geen reden om in te grijpen.

Natuurlijk wist Stich ook wel dat het helemaal niet aan het gras lag. Vorig jaar had hij ook geen hinder gehad en toen had het aan het begin nog wel viereneenhalve dag geregend. Tegen deze Sampras zou hij zich overal onbehaaglijk hebben gevoeld. “Ik denk dat Michael geen goede dag had. En niet zo goed serveerde”, dacht de Amerikaan. Bijna achteloos sloeg hij de services terug. Zo indrukwekkend goed dat zelfs de Duitser er voor applaudiseerde. Een sportief en tevens pijnlijk moment, want Stich had vooraf nog zo verklaard dat hij Sampras op zijn zwakste punt, de return, moest treffen.

Sampras kon zich voorstellen hoe Stich zich voelde. Na zijn titel op Flushing Meadow, waar hij als negentienjarige de jongste winnaar uit de historie werd, zei Sampras steeds dat die winst hem als een loden last op de schouders lag. Dat moet zijn tegenstander na de finalewinst op zijn landgenoot Boris Becker vorig jaar in Londen ook gevoeld hebben. Verliezen op het terrein waar je de roem aan te danken hebt is, volgens Sampras, een goede therapie om die druk kwijt te raken.

Sampras komt morgen in de halve finale tegenover de Kroaat Ivanisevic. Er zullen harde klappen vallen. Tegen Edberg verloor hij de eerste set in de tiebreak (12-10), kreeg last van zijn rug, liet zich verbinden en scoorde direct daarop drie aces. Hij sloeg er gemiddeld zeven per set. “Als hij serveert als vandaag tegen mij is hij voor iedereen een moeilijke tegenstander”, voorspelde de Zweed. “Die opslag geeft hem rust. Hij weet bijna zeker dat hij zijn servicegames wint.”

Het gaat hem zo gemakkelijk af. Hij gunt zich nauwelijks tijd voor de opslag, loopt naar de baseline, laat de bal een of twee keer stuiten, gooit op en slaat. “Ik ben altijd een beetje gehaast. Anders dan Lendl, die er de tijd voor neemt. Als die serveert kun je eerst nog even koffie gaan drinken. Maar ik doe het als een machine. Bovendien was ik mentaal sterk.”

De pezige Kroaat, doorgaans één brok emotie op de baan maar nu opmerkelijk rustig, belandde dit jaar nog met hartklachten in een ziekenhuis in Monte Carlo. De artsen hielden het op spanning. “Ze zeiden dat het iedere sportman kon overkomen en er was geen enkel probleem om door te gaan met tennissen.” Voor de tweede keer in zijn loopbaan bereikte hij de halve eindstrijd van Wimbledon, waar hij in 1990 verslagen werd door Boris Becker.

Die zag zijn partij tegen Andre Agassi bij 4-3 in de vierde set (2-1 in sets voor Agassi) wegens de regen afgebroken en datzelfde gebeurde met John McEnroe en Guy Forget (6-2, 5-5).

Bij de vrouwen kwamen Gabriela Sabatini en Jenifer Capriati op de baan om de partij uit te spelen. Het inspelen duurde langer. In luttele minuten won Sabatini met een verbijsterend zachte service de laatste game en plaatste zich voor de halve eindstrijd.