Rijk leende extra geld bij banken

AMSTERDAM, 1 JULI. In het begin van de afgelopen verslagweek heeft de Staat diverse betalingen verricht waardoor de roodstand bij DNB fors is opgelopen. Door de netto betalingen door het Rijk nam post "Papier door de bank gekocht' met 1,1 miljard gulden toe. Volgens het financieringsarrangement mag de Staat op deze wijze maximaal 5,58 miljard gulden van DNB lenen. Op woensdag en donderdag was deze ruimte echter niet toereikend en moest het Rijk extra geld aantrekken bij de banken.

De daggeldrente liep hierdoor met ongeveer 6 basispunten (honderdsten van een procentpunt) op. Op vrijdag en maandag werden de schulden van de staat bij het bankwezen geheel en bij DNB gedeeltelijk aangezuiverd met de belastingafdrachten die het Rijk van bedrijven en particulieren ontving in verband met de maandultimo.

Tevens blijkt uit de weekstaat (per maandag 29 juni) dat het door de banken bij DNB geleende bedrag in de vorm van voorschotten in rekening-courant 2,4 miljard gulden hoger uitkwam dan de week ervoor. De resulterende 6,4 miljard gulden ligt hoger dan het bedrag dat de banken gemiddeld via deze faciliteit mogen lenen.

Doordat het dagelijkse beroep de voorgaande dagen onder het toelaatbare gemiddelde lag, behoefde het gezamenlijke bankwezen niet in te teren op het contingentsverbruik. Inmiddels is 74 procent van de periode verstreken terwijl 72 procent van het contingent verbruikt is, evenals als verleden week een positief saldo van 2 procent.

In Duitsland was de prijsstijging over de maand mei in de deelstaat Beieren (0,3 procent op maandbasis, 4,7 procent op jaarbasis) conform de verwachtingen en was daarom niet van invloed op de geldmarktrente. Toch stegen ook in Duitsland de tarieven licht. Een wat ongelukkige inschatting van het geldmarkttekort door de Bundesbank lag hieraan ten grondslag. Het daggeldtarief ligt nu tegen het Lombardtarief van 9,75 procent aan. Deze situatie wordt door de Bundesbank in beginsel niet op prijs gesteld, omdat de banken dan veel fondsen via de Lombardfaciliteit gaan aantrekken. Dit was maandag al het geval. De banken namen toen 11,5 miljard Duitse mark op via deze faciliteit. Vooralsnog lijkt het marginaal oplopen van de spanning op de Duitse geldmarkt een zaak van tijdelijk aard.

Het ligt niet in de lijn der verwachting dat de Bundesbank de korte rente snel zal verlagen. Dit werd bevestigd in de OESO Economic Outlook die verleden week donderdag werd gepubliceerd. Door de BTW-verhoging van 17 naar 18 procent op 1 januari 1993 zal de inflatie in Duitsland met ongeveer 0,5 procent toenemen, hetgeen de ruimte voor renteverlagingen verder beperkt. De OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) verwacht daarom dat de geldmarktrente in Duitsland voorlopig gelijk zal blijven en ook in de tweede helft van 1992 gemiddeld 9,7 procent zal bedragen. Pas in 1993 zal de korte rente mondjesmaat omlaag gebracht worden. Ook het Nederlandse rentebeeld is hiermee bepaald. De renteprognose van de OESO staat op gespannen voet met de verwachtingen van veel partijen op de geld- en kapitaalmarkten, die ervan uitgaan dat sneller en forser zal worden verruimd.

Bron: Economisch Bureau NMB Postbank Groep