Miljarden voor veiliger overwegen

ROTTERDAM, 1 JULI. Gelijkvloerse kruisingen tussen wegen en spoorlijnen moeten verdwijnen op trajecten waar de trein in de toekomst 160 kilometer per uur mag rijden. De Raad voor de Verkeersveiligheid en de Spoorwegongevallenraad adviseren dit de minister van verkeer en waterstaat, omdat bij hoge snelheden gelijkvloerse kruisingen te gevaarlijk zijn.

Nu geldt voor intercitytrajecten een maximum snelheid van 140 kilometer per uur. In het kader van het Rail 21 plan van de Nederlandse Spoorwegen moet dit 160 worden. Bovendien moet het aantal treinen dat per dag langskomt met de helft toenemen. Volgens de twee raden, beide onder voorzitterschap van Pieter van Vollenhoven, zal hierdoor het aantal ongelukken op spoorwegovergangen en het aantal slachtoffers dat daarbij valt aanzienlijk groter worden. De raden vinden dit onaanvaardbaar. Nu vallen er per jaar gemiddeld 36 doden bij ongevallen op spoorwegovergangen.

De lijnen waarop in de toekomst 160 gereden wordt, tellen in totaal 1044 spoorwegovergangen. Hiervan zijn 352 AHOB's (Automatische Halve Overweg Bomen), 378 AKI's (Automatische Knipperlicht Installaties), 61 onbeveiligde en 253 particuliere overgangen. Bij de NS wordt nog onderzocht wat het zou kosten om al die overgangen op te heffen en waar nodig te vervangen door ongelijkvloerse kruisingen. Een woordvoerder spreekt over “miljarden”. De raden gaan in hun advies uit van 3,58 miljard gulden. Deze kosten zijn niet opgenomen in de begroting van de infrastructuur voor Rail 21, waarvoor in totaal al 15 miljard gulden is uitgetrokken.

Opheffen van de gelijkvloerse kruisingen zou volgens de raden nog een belangrijk bijkomend voordeel hebben: het oponthoud voor het wegverkeer zou aanzienlijk verminderen. Als er anderhalf keer zoveel treinen langskomen, zou het verkeer namelijk om de haverklap stilstaan.