Huisje-beestje-boompje

DE BRABANTSE BOEREN zijn op bestelling verschenen. Hun demonstratie in Den Bosch tegen een ontwerp-streekplan waarmee landbouwgrond moet plaatsmaken voor natuurgebied, viel samen met de presentatie van een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), Grond voor keuzen.

Dat rapport rekent op landbouw-technische uitgangspunten voor hoe in Nederland en in de Europese Gemeenschap de hoeveelheid grond die nu voor landbouw in gebruik is, met de helft tot driekwart kan worden teruggebracht. Hogere produktiviteit en teruglopende werkgelegenheid in de agrarische sector kunnen het landbouwareaal de komende jaren drastisch helpen verminderen.

Het WRR-rapport maakt een oude discussie actueel. Eind jaren zeventig verschenen nota's over verstedelijking en over landelijke gebieden in Nederland; begin jaren tachtig gevolgd door enkele groennota's. Deze planologische hoogstandjes hanteerden niet de technische mogelijkheden van de landbouw als uitgangspunt, maar kwamen met ambtelijke voorstellen voor verandering van de landinrichting. Niet dat daar iets mee gebeurde: de tuinbouw bracht steeds grotere delen van West-Nederland onder glas en kunstlicht, de veehouderij intensiveerde de vervuiling van de zandgronden en het grondwater, de graanboeren en melkveehouders voerden acties voor het behoud van hun bestaan.

GROND VOOR KEUZEN maakt duidelijk dat het anders kan. Het landgebruik ten behoeve van koeien en graan kan worden benut om iedere Nederlander in een huis met een tuin te laten wonen. Grote delen van Nederland en van West-Europa kunnen worden omgevormd tot natuurgebieden. Europa kan zijn eigen hout produceren door nu bossen te planten die over vijftig jaar de import van tropisch hardhout overbodig maken. Bovendien onderstreept het WRR-rapport dat het Europese landbouwbeleid hopeloos "oproeit tegen de stroom'. De voorgenomen Europese bijstand voor boeren is niet alleen een kostbare begrotingspost, een belasting van consumenten en een bron van handelsconflicten, maar ook een probleem van natuur en milieu.

DE AGRARISCHE sector is voor Nederland in economisch opzicht van groot belang: een kwart van de Nederlandse export bestaat uit hoogwaardige agrarische produkten, bloemen, tomaten, vlees en zaai- en pootgoed. De herindeling van het grondgebruik die volgens de WRR landbouw-technisch mogelijk is, zal zich daarom niet onmiddellijk voordoen, want dat vraagt ook om andere verschuivingen. Maar de studie biedt wel materiaal tot een debat over de inrichting van de samenleving, over de voordelen om de agrarische produktie te concentreren in Zuid-Europa, in Oost-Europa of in de Derde wereld. Als post-industriële gebieden zoals Nederland zich toeleggen op de dienstensector, komt in de 21ste eeuw ruimte beschikbaar voor de terugkeer van het oerbos of voor het buitenhuisje voor stadsbewoners.