Duitse coalitie akkoord met verzekering bejaardenzorg

BONN, 1 JULI. Op de valreep, maar nog net voor het parlementaire zomerreces, heeft de Duitse regeringscoalitie haar meest omstreden wetgevingsproject weten af te ronden. Na een jarenlang gevecht, dat vooral de laatste maanden zeer heftig was, ging de FDP gisteren namelijk onder zware druk van de CDU/CSU alsnog akkoord met een verzekering voor bejaardenzorg in het snel vergrijzende Duitsland. Anders dan de FDP wilde is in hoofdzaak niet voor een particuliere opzet maar voor een volksverzekering onder het dak van de ziektewet gekozen.

Minister Norbert Blüm (CDU), die geldt als de architect van de regeling, sprak gisteren van “een gouden dag na een discussie van twintig jaar”. Het akkoord kwam na de vorige week in een vrije stemming door de Bondsdag aangenomen nieuwe abortuswet en een ingrijpend saneringsprogramma voor de kosten van de gezondheidszorg, twee weken geleden. Naast het afbestellen van het jachtvliegtuig Jäger-90 werden gisteren in een topoverleg van de coalitie onder leiding van kanselier Helmut Kohl nog enkele knopen doorgehakt.

Zo werd beslist dat de speciale investeringspremies voor Oost-Duitsland met twee jaar ('93/'94) worden verlengd, zij het dat het premiepercentage van 12 tot 8 zal worden teruggebracht (kosten: 17 miljard mark). Eerder werd al een akkoord over een hardere wettelijke aanpak van de “grote” criminaliteit en - eind vorige week - over de begroting '93 bereikt.

Minister Theo Waigel (CSU, financiën) heeft zijn collega's gewaarschuwd dat de Duitse economie nu “op de rand” staat en dat tot 1996 niet mag worden getornd aan 2,5 procent als absolute stijgingsgrens voor de departementale uitgaven (3 procent voor de deelstaten). Méér uitgaven zijn economisch evenzeer taboe als welke lastenverzwaring ook. Elk procentpunt dat de geraamde groei tegenvalt (dit jaar 2, volgend jaar 2,5 à 3 procent) zal 42 miljard mark kosten en onder meer de opbouw van Oost-Duitsland in gevaar brengen, zo heeft Waigel gewaarschuwd.

Afgezien van een (grond)wettelijke wijziging van het asielrecht, waaromtrent de coalitie en de oppositionele SPD elkaar naderen, een akkoord wordt komende herfst verwacht, heeft de regeringscoalitie haar wetgevingsplannen daarmee nog net volgens haar eigen agenda gerealiseerd. Dat is politiek mede van belang wegens het veelbesproken onvermogen van Helmut Kohls coalitie om haar wetgevingsprogramma tijdig te realiseren.

Het compromis over de verzekering voor de bejaardenzorg is direct door links én rechts onder vuur genomen. De FDP, die een voorkeur had en houdt voor een meer particuliere opzet, moest gisteren bij een laatste topoverleg in Kohls kanselarij min of meer kiezen tussen het risico van een coalitiebreuk, eventueel op termijn, en het “volksverzekeringsmodel” van minister Blüm.

FDP-voorzitter Otto graaf Lambsdorff zei gisteravond dat zijn partij tenslotte “knarsetandend” akkoord was gegaan. Hij wees er op dat de SPD alvast steun had aangeboden voor het voorstel-Blüm, zodat het uiteindelijk toch van een meerderheid verzekerd zou zijn geweest. Enkele CDU-ministers, zoals minister Hannelore Rönsch (familiezaken), hadden ook al openlijk gespeculeerd over een gelegenheidsbondgenootschap met de oppositie. Dat had Kohl er eind vorige week toe gebracht zijn veto over zo'n “coalitiebreuk” uit te spreken én de FDP onder grote druk te zetten.

De FDP heeft wel afgedwongen dat de wet pas in 1996 ingaat. De premie van 1,7 procent over het bruto-inkomen wordt gedeeld door werknemers en werkgevers, ook, en dat is nieuw in de sociale wetgeving, bij de ambtenaren. Voor de aanloopjaren, als er nog onvoldoende premie-opbrengst is, wordt 25 miljard beschikbaar gesteld. De wet zal thuisverpleging aanmoedigen, wie daardoor niet zelf aan werk buitenshuis toekomt mag op sociale compensatie rekenen.

De geïndexeerde maximale verpleeg-uitkering wordt straks 2.100 mark per maand, daarboven kan men zich particulier “bijverzekeren”. Wiens inkomen boven de ziekenfondsgrens ligt (5.100 mark) kan zich desgewenst geheel particulier verzekeren. Een andere concessie aan de FDP is dat de premielasten van de werkgevers zullen worden gecompenseerd door werknemers bij de eerste dagen ziekte te laten kiezen tussen het opnemen van vakantiedagen of afzien van loon (zogenoemde Karenztage). De FDP acht invoering van zo'n eigen risico gewenst om de in vergelijking met het buitenland toch al (te) hoge loonkosten niet nog verder te laten stijgen.

Dat laatste idee van een eigen risico bij ziekte is zeer omstreden, terwijl ook de uitvoerbaarheid ervan niet overal gegeven is. In veel CAO's is doorbetaling van loon bij ziekte al decennia geregeld. “Zieken zo laten betalen voor de verpleging van bejaarden” is bovendien “asociaal”, vindt de overkoepelende Duitse vakbond DGB, die in de jaren vijftig juist het principe van de Lohnfortzahlung bij ziekte afdwong met de grootste stakingen uit de geschiedenis van de Bondsrepubliek.

De SPD is “verheugd over het omvallen van de FDP” maar vindt dat veel te veel concessies zijn gedaan aan een partij die tien procent van de kiezers vertegenwoordigt. SPD-Bondsdagspecialist Rudolf Dressler noemde het eigen risico bij ziekte “ongrondwettig” en voorspelde dat de sociaal-democratische meerderheid in de Bondsraad daarmee nimmer akkoord zal gaan.