Darkness on Springsteen

Maandagochtend om 8.15 uur vertrokken we. Op weg naar Parijs, waar de Amerikaanse zanger Bruce Springsteen een concert zou geven in de sporthal Bercy.

Bij zijn Europese tournee zal hij Nederland niet aandoen, dus platenmaatschappij Sony had een busreis georganiseerd naar Parijs voor een afvaardiging van de nationale pop-pers en de radio, en een aantal fans die via een radio-prijsvraag een kaartje hadden gewonnen. Om een uur of vijf zou de bus Parijs bereiken. Daar zou ons eerst een maaltijd wachten, waarna om acht uur het concert begon. Na afloop zouden we direct teruggaan, om dan dinsdagochtend rond zessen weer op het Stadionplein in Amsterdam te staan.

Het was prachtig weer. De bus, met twee verdiepingen voor slechts dertig mensen, was riant. De chauffeur heette Rinus de Koele (“niet erg toepasselijk”, merkte hij nog op) en de ijskast leek een onuitputtelijke voorraad frisdrank te bevatten. Er werd gezongen, de journalisten overhoorden elkaar over de titels van Springsteens lp's en de fotografen bekeken tevreden de speciale lenzen van 600 mm die ze - voor 150 gulden - hadden gehuurd om The Boss op de door hem bedongen afstand van veertig meter te kunnen registreren. En achterin, op de bovenverdieping, zat het groepje ontzèttende Bruce Springsteen-fans. Zij zaten zich in stilte voor te bereiden op de ontmoeting met hun held.

Om één uur waren we al flink opgeschoten, we zaten nog slechts zo'n tweehonderdvijftig kilometer van Parijs. Dat was maar goed ook want op de bovenverdieping begon het, zo vlak onder het dak, een beetje warm te worden. Toen stonden we stil. Na vijf minuten stonden we nog steeds stil. We klommen eens overeind en kregen een vreemd, asymmetrisch beeld van de snelweg voor ogen. Op de linker weghelft reed geen enkele auto, op de rechter weghelft reed ook geen enkele auto, maar daar stonden er een heleboel. Bumper aan bumper stonden vrachtwagens, personenauto's en tourbussen in een rij tot aan de horizon. Dit was geen file. Een ongeluk op twee weghelften? De chauffeur ging even informeren bij mensen die buiten op de rijweg stonden. En langzaam werd het nieuws door de bus verspreid. Het was een blokkade. Een zeer effectieve, wist de chauffeur te vertellen: de blokkade was dertig kilometer vanaf Parijs en we waren op dat moment tweehonderd kilometer van ons reisdoel. Dat betekende dus 170 kilometer stilstaand verkeer vóór ons.

De bus liep langzaam leeg, want buiten was het minder warm dan binnen, waar 34ß8C werd gemeten. Het eerste uur ging ongemerkt voorbij. Het was wel gezellig op de rijbaan, met allerlei mensen uit andere bussen die kwamen vertellen waarheen zij op weg waren. Plotseling stond het hele vrouwelijke deel van een schoolbus uit Coevorden bij onze touringcar. Het was uitgelekt dat Mart Smeets en Jan Douwe Kroeske er in zaten. En zo ging er een vrolijk half uurtje voorbij: de meisjes om de beurt op de foto met Kroeske en Smeets.

De stoet kwam in beweging, snel instappen. Maar na honderd meter stopten we weer. Toen drong de ernst van de situatie tot ons door: de airconditioning was kapot en de onuitputtelijk lijkende voorraad frisdrank was op. Er was alleen nog bier. Een Franse politieman op een motor vertelde dat ook de afritten afgesloten waren, en dat ontnam ons de hoop nog op die manier te kunnen ontsnappen. De eerste twijfels kwamen op: dat we misschien Bruce Springsteen helemaal niet meer zouden halen, dat we maar terug moesten. Maar vooral voor de fans was dat een schrikbeeld. Een vertelde hoe ze al een kaartje voor het concert in Frankfurt gehad had, maar dat had weggegeven toen ze dit reisje had gewonnen. Om zes uur werd de blokkade zo lang opgeheven dat we ergens een open afrit konden bereiken. De chauffeur berekende dat we zonder te eten op zijn gunstigst om half tien bij Bruce zouden zijn. Dat was te laat om er een recensie over te schrijven en de fotografen hadden alleen permissie om tijdens de eerste twee nummers te fotograferen. Rinus de Koele nam de beslissing: hij keerde om. Gegeten werd er nog in Tournai, een rustiek plaatsje in België.

Om acht uur zaten we aan het voorgerecht en rond drie uur 's nachts waren we terug op het Stadionplein in Amsterdam. Ruim twee uur eerder dan wanneer we The Boss gezien zouden hebben.