Verdachte ontsnapt met hulp van nep-agenten

AMSTERDAM, 30 JUNI. Eén van de hoofdverdachten uit de "XTC-zaak', de 45-jarige T. van D. uit Rotterdam, is ontsnapt uit de Bijlmerbajes in Amsterdam.

Naar nu bekend is geworden werd Van D. vorige week maandag opgehaald door twee mannen in burger, die aan de functionarissen van het huis van bewaring Demersluis een zogeheten lichtingspapier overlegden met de mededeling dat de verdachte op het Amsterdamse politiebureau Lijnbaansgracht moest worden verhoord. Daarna is niets meer van Van D. vernomen.

Van D. wordt ervan verdacht een sleutelrol te hebben gespeeld in een internationale organisatie die XTC fabriceerde en verhandelde. Hij behoorde tot de groep mensen die werd gearresteerd tijdens een grootscheepse actie op 7 februari van dit jaar. Na maandenlange voorbereiding door het interregionaal rechercheteam Utrecht/Noord Holland wist de politie op 2,3 miljoen XTC-pillen, enige vuurwapens en Nederlandse en vreemde valuta ter waarde van negen miljoen gulden beslag te leggen. In elf gemeenten in de Randstad werden op 31 adressen invallen gedaan, waarbij 13 arrestaties werden verricht.

In totaal worden twintig mensen van medeplichtigheid verdacht. Zeven van hen zitten nog vast. Van D. is de tweede belangrijke verdachte die is ontsnapt. Ook de Belgische bedrijfsarts D. L. is nog steeds voortvluchtig. Na een borgsom van honderdduizend gulden mocht hij van justitie de begrafenis van zijn grootmoeder in België bijwonen. L. is daarna niet meer teruggekeerd.

De rijksrecherche stelt een onderzoek in naar de ontsnapping. De politie moet altijd via het parket van de officier van justitie toestemming vragen als zij iemand uit een penitentiaire inrichting op wil halen voor verhoor. Tevens kondigt de politie bij de betreffende inrichting van te voren aan dat zij iemand komt halen. Wanneer de verdachte wordt opgehaald, moeten de politiefunctionarissen tekenen voor de ontvangst van de verdachte.