In Glasgow is de dierentuin geen etalage

Kort geleden werd bekend dat de oudste dierentuin ter wereld, de London Zoo, bij gebrek aan bezoekers en financiën binnenkort zijn poorten moet sluiten. Ook in Glasgow staat een oude dierentuin. Daar worden de nieuwste inzichten in dierpsychologie in praktijk gebracht. Jan Libbenga bracht er onlangs een bezoek.

De dierentuin van Glasgow verdient geen schoonheidsprijs. Plaatselijke gidsen spreken misprijzend over een "modest affair'. De VVV van Glasgow doet zelfs alsof de tuin in het geheel niet bestaat. Men zal er zeker geen weelderige rotspartijen of indrukwekkende roofdierengalerijen aantreffen. Sommige verblijfruimten zijn weinig meer dan geïmproviseerde afpalingen van een stuk grasveld met een schuur als onderkomen. En toch is er geen dierentuin ter wereld waar zoveel aandacht wordt geschonken aan de psychologische behoeften van de dieren.

Beren brengen de dag door in een met bomen en heuvels verfraaid vakantieverblijf - zonder publiek! - of in een ruime kooi waar speciaal ter verpozing van de dieren een houten klimrek is neergezet. Jachtluipaarden liggen languit onder buitensporig veel gebladerte. Voor de katachtigen zijn complete mini-jungles ingericht, dicht begroeid met woekerplanten en lianen. Het voederen is in Glasgow helemaal een sensatie: tijgers moeten hun vlees eerst uit een metershoge paal halen, beren worden geacht het eten uit kokers te peuteren en wilde katten moeten zeer ingewikkelde manoeuvres bedenken om hun maaltijd van het plafond te graaien.

Het zijn allemaal voorbeelden van "behavioural enrichment' (vrij vertaald: gedragsgestuurde verrijking), de nieuwste trend in dierentuinen. “Hoe zou jij het vinden als je hier de hele dag opgesloten zat?” vraagt Graham Law, de goedlachse verzorger van de carnivoren van de dierentuin in Glasgow. “Ons uitgangspunt is dat als je het dier zijn territorium ontneemt, je er iets gelijkwaardigs voor in de plaats moet geven, anders krijg je een verveeld of zelfs ziek beest tot je last.”

Samen met zijn Engelse collega David Shepherdson van de onlangs definitief gesloten dierentuin in Londen behoort Law tot de belangrijkste voorvechters van "behavioural enrichment'. Als pioniers worden onder anderen Carl Hagenbeck, de ontwerper van de dierentuin van Hamburg, en Hal Markowitz van Portland Zoo, Oregon, genoemd. Deze laatste bedacht een hele reeks van technieken om de dieren actief te houden: hij liet bijvoorbeeld poema's achter prooien aanrennen, als windhonden die een nephaas proberen te vangen. Markowitz' aanpak werd echter niet overal gewaardeerd: men kan ook overdrijven. Doch voor Law gaat geen zee te hoog. “Te veel dierentuinen hebben het karakter van een trofeeëngalerij, waarbij de dieren de hele dag op hun eten zitten te wachten. Je kunt het goed merken aan hun gedrag. Ze worden apathisch of lopen de hele dag met hun kop te schudden.”

Met ingehouden humor vertelt Law over de inrichting van de verblijven van de dierentuin. “Vroeger werden alle dieren 's nachts in hun hokken opgesloten. Het is waar dat beren alleen overdag naar eten zoeken, maar in maanloze nachten worden ze ook actief. In de meeste dierentuinen ziet het dier echter alleen het daglicht. Voor hen begint het leven pas weer als 's ochtends de hokken worden opengemaakt. Stel nou eens dat je deze dieren weer naar hun oorspronkelijke omgeving zou willen terugbrengen, schrikken ze dan niet van de maan? Wij laten onze beren 's nachts vaak buiten, ik weet zeker dat ze dat waarderen. Zelf heb ik eens zes maanden in het ziekenhuis gelegen. Ik was zielsgelukkig toen ik een bed naast het raam kreeg. Ik kon naar de wolken kijken en de bedrijvigheid op straat volgen. Dat was het moment waarop ik me realiseerde dat we voor onze dieren meer moesten doen.”

Law begon zijn experimenten met dieren die men in de dierentuin van Glasgow niet meer zal aantreffen: ijsberen. Aan de ijsberenkuil - zoals gebruikelijk een fantasieloos bassin met rotsen - viel op korte termijn weinig te veranderen, maar de voedergewoonten konden wél gewijzigd worden. De dieren kregen levende krabben, vissen die in plastic containers werden gestopt of fruit dat was ingevroren. Law: “De dieren moesten het ijs eerst kapot maken voordat ze het voedsel konden eten. In de natuur doen ze niet anders.” Als het aan Law had gelegen had hij het hele bassin laten droogleggen en bomen laten plaatsen voor de beren om in te klimmen. Law: “Het is een misverstand om te denken dat ijsberen de hele dag in het water liggen, of nooit in bomen klimmen. Vergeet niet dat hun voorouders miljoenen jaren lang landomnivoren waren. Je kunt de omstandigheden van Antarctica hier onmogelijk nabootsen, dus zul je de dieren op zijn minst een volwaardig alternatief moeten bieden. In Antarctica maken ijsberen nesten van sneeuw, hier hebben we ze stro gegeven. Daar waren ze even gelukkig mee.”

De beren uit de Himalaya hebben een 1,4 hectare groot gebied tot hun beschikking. Daar houden ze zich vooral bezig met het zoeken van rozijnen en ander snoepgoed dat met enige regelmaat als een fragmentatiebom over het hek wordt gegooid. “Zijn ze uren zoet mee”, grinnikt Law. De Schot geeft ze ook vlees, dat hoog op platforms wordt gelegd. Een enkele keer wordt het alleen maar over de grond gesleept, zodat de beer het vlees wel kan ruiken, maar het niet vindt. “In de natuur leidt ook niet elk geurspoor tot succes”, weet Law, die moet toegeven dat de beren zich niet graag inspannen en het klimrek pas bestijgen als daar vlees op ze ligt te wachten.

De jachtluipaarden stellen hun houten uitkijktoren echter wél op prijs. Law: “In de natuur staan luipaarden meestal op termietenheuvels op de uitkijk. Ook al hoeven ze in de dierentuin niet op jacht te gaan, ze kunnen in elk geval vanaf het platform de oppasser zien aankomen. Daarnaast vinden ze het heel leuk om naar auto's op de snelweg te kijken, vermoedelijk vanwege de lichtreflecties.” Law zou de luipaarden graag levende kippen willen voeren, maar dat is niet toegestaan. “In Amerikaanse dierentuinen krijgen luipaarden voedsel dat je ook aan je kat zou geven. De kwaliteit is goed, maar het sluit nauwelijks aan bij de oorspronkelijke eetgewoonten van de dieren. Wetenschappelijk onderzoek heeft uitgewezen dat verwilderde katten heel anders eten dan dieren die langdurig in gevangenschap hebben gezeten. Hier krijgen de dieren kippen die ze zelf moeten kaalplukken.”

Voor de katachtigen heeft Law een hok met een betonnen vloer getransformeerd in een jungle waar de kamperfoelie welig tiert. Het is een complete biosfeer, waarin de dieren spelenderwijs leren wat vliegen, planten en insecten zijn. Ook voelen zich tussen zoveel gebladerte een stuk veiliger. “We hoeven het hok zelden grondig schoon te maken”, zegt Law. “Bacteriën ruimen de fecaliën op.” Het voedsel wordt meestal goed weggestopt, zodat de dieren op hun reukorganen moeten afgaan.

Law, die het grootste deel van zijn kennis zegt te ontlenen aan wetenschappelijke publikaties en boeken van “beroemde tijgerjagers”, is geen voorstander van safariparken, waar terwille van het publiek sommige diersoorten min of meer gedwongen worden in groepen te leven en elkaars aanwezigheid eerder als bedreigend dan prettig ervaren. Law ziet als een van belangrijkste taken van de dierentuin het beschermen en fokken van bedreigde diersoorten. “Als je de dieren wilt voorbereiden op de terugkeer naar hun oorspronkelijke omgeving, zul je daar bij de inrichting van de dierenverblijven rekening mee moeten houden.”

Laws ideeën lijken navolging te krijgen. De meeste dierentuinen hebben inmiddels een kunstmatige termietenheuvel waar chimpansees met takjes insecten kunnen vangen. “Niet alle dierentuinen zullen dit soort veranderingen toejuichen”, zegt Law. “Hier in Glasgow laten we tijgers doelbewust tussen bomen en struiken rondlopen. Vaak zie je ze niet eens. De meeste dierentuinen zullen dat niet echt leuk vinden. Toch moeten we eens af van het idee dat een bezoek aan de dierentuin een soort etalagekijken is. Laat het publiek zich ook maar eens inspannen.” Aan de ogenschijnlijke lege kooi hangt een bord: “Zoek de tijger.”

Glasgow Zoo is gevestigd in Calderpark in Glasgow en is het hele jaar door geopend, 's zomers van 10.00 tot 18.00 uur en 's winters van 10.00 tot 17.00 uur.