Kleine plagen

De slag bij Perron 0 in Rotterdam is wonder boven wonder goed afgelopen: de mariniers krijgen straf èn sympathie uit de hoogste kringen, en het opvangcentrum is verplaatst naar de andere kant van het station waar een politiebureau in de buurt is.

Mooier kan het niet maar gemakkelijk had het anders gekund: een verslaafde die in de mêlée "ongelukkig was terechtgekomen' en het niet had overleefd, een marinier die was neergestoken. Over de dapperheid van een massale verrassingsaanval op een ongeregeld clubje dat in niet optimale gevechtsconditie verkeert, lopen de denkbeelden uiteen. Over de risico's van zo'n razzia zou geen verschil van mening moeten bestaan. Alleen al daarom verdient het aanbeveling zich een paar keer te bedenken voor men achteraf zo'n dolle sympathie met de aanvallers betuigt. Die zouden daaruit gemakkelijk kunnen afleiden dat ze de volgende keer ook op zo'n warme bijval kunnen rekenen. Iedere "spontane' confrontatie draagt het risico van een noodlottige afloop. Het zal goed zijn als men zich eens voorstelt welke escalaties van verbittering daarop zouden volgen, ongeacht aan welke kant het slachtoffer was gevallen. Het is klassiek: een relatief geringe aanleiding waarna er per ongeluk iemand een behandeling met dodelijke afloop ontvangt.

Alle partijen hebben geluk gehad en het Rotterdamse gemeentebestuur misschien nog het meest. Zoals iedereen weet die weleens met de trein in de grootste havenstad ter wereld aankomt, was het daar voor het Centraal Station een treurig zootje. Bij ieder groot station in een grote stad verzamelt zich een gemengd publiek dat niet voor de treinen komt. Een deel daarvan heeft legale commerciële motieven, een ander deel illegale. Als dit laatste deel te groot wordt en iedere dag weer de duizenden reizigers ontmoet, wordt de kans op een grimmiger confrontatie steeds groter, tenzij de overheid er bijtijds iets aan doet. In het Amsterdamse Amstelstation heeft een poosje "een gespannen sfeer' geheerst. Het gemeentebestuur en de politie hebben begrepen dat daar ongelukken van zouden komen. Zo heeft ook iedereen kunnen zien aankomen dat het Rotterdamse CS rijp werd voor ernstiger onheil. Omdat het gemeentebestuur het wel van plan was maar er niets noemenswaardigs aan heeft gedaan, draagt het mee in de verantwoordelijkheid voor het relletje.

Kleine onverzoenlijkheid broeit in Nederland. Dat komt doordat in een steeds voller land steeds meer mensen geneigd zijn zonder overleg hun eigen zin te doen. Het persoonlijke territorium wordt kleiner, het gevoel dat men daar niet veilig is groeit. Amsterdamse grachtenbewoners voelen zich in deze dagen getergd door de files van plezierbootjes, niet zelden met beschonken bemanning. Er schijnt een snorfietsenplaag te zijn waaraan de regering paal en perk wil stellen met het gevolg dat de goede snorfietser onder de slechte moet lijden, wat weer heeft geleid tot de oprichting van een bond van bonafide snorfietsers. Wegwerkers blijken te worden bekogeld met blikjes, geworpen door automobilisten die vinden dat ze te lang in de file hebben gestaan. Het is een van de eigenaardigste uitingen van eigenrichting omdat het beoogde doel er verder door verwijderd raakt. Als ik, mijn instinct volgend, de mariniers op een volksgroep zou mogen afsturen, zou ik de jetskiërs aanwijzen maar ik ben onbewijsbaar bang dat er al teveel jetski's worden bereden door mensen die marinier zijn of het nu willen worden. Een andere doelgroep lijkt me te bestaan uit de eigenaars van pitbulls die de aanlijn- en muilkorfverordening aan hun laars lappen. Regelmatig zit ik met zo'n hond in de tram zonder dat er een marinier in de buurt is. Veel geringe dagelijkse irritaties kunnen zich samenvoegen tot één politieke kracht.

Nederland is een land van kleine plagen, en daarom behoort de kleine-plaagbestrijding tot de belangrijke taken van de overheid. Maar de kleine plagen zijn zo talrijk dat ook een bovenmenselijke overheid niet aan allemaal een eind zou kunnen maken. Dat zou tot de totale politionering van de natie leiden. Er moet worden gekozen en dan niet alleen worden bekendgemaakt dat de keuze is gedaan. Met de uitvoering moet lang en consequent ernst worden gemaakt.

Het is vreemd dat het dikwijls moet worden uitgelegd. Een kleine, hardnekkige plaag in een openbare ruimte die voortdurend dichtbevolkt is, lokt onherroepelijk uit tot ernstige confrontaties. In het midden van de jaren tachtig heeft een zekere heer Goetz in de New-Yorkse subway vier rovertjes neergeschoten. Hij is even zeer populair geweest, werd veroordeeld en het moorden is niet opgehouden. De kleine plaag die op zijn beloop wordt gelaten is de grondslag voor een grote jungle. Toen Jopie de Vries op de Amsterdamse Wallen regeerde, heerste daar rust en orde maar volgens andere wetten dan die we hebben aangenomen.