WRR-leden beschouwen inkrimping als opheffing; Verbijsterd over bezuiniging

DEN HAAG, 27 JUNI. Binnen de Wetenschappelijk Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) wordt al enige tijd discussie gevoerd over inkrimping. Aan zo'n operatie valt volgens leden van de raad niet te ontkomen. Maar afslanking tot vier wetenschappers met een staf van acht personen, zoals ambtenaren van de Grote Efficiency Operatie voorstellen in een gisteren bekend geworden plan, beschouwen WRR-leden als een opheffing van hun adviesorgaan.

De enige betrokkene die gisteravond niet verbijsterd reageerde op het ambtelijke voorstel was WRR-voorzitter prof.dr. F.W. Rutten. Hij weigerde iets te zeggen en verwees voor commentaar naar het ministerie van algemene zaken, waaronder de WRR ressorteert. Binnen de staf van de WRR wordt gezegd dat er zo weinig contact is met Rutten, dat men geen idee heeft wat zijn mening is. Hij werkt doorgaans thuis en laat zijn post per auto uit Den Haag komen. Rutten wilde gisteravond ook niet over zijn beperkte contact met de staf praten.

Volgens WRR-lid prof.dr. D.J. Wolfson heeft discussie binnen de raad geleid tot het voorlopige standpunt dat inkrimping van de huidige elf leden tot zeven à acht aanvaardbaar zou zijn. Daarbij zou een staf horen van meer dan één persoon per WRR-lid. De huidige WRR-staf telt vijftig personen (veertig formatieplaatsen). “Wat nu is voorgesteld, heeft niets te maken met waar wij aan denken”, aldus Wolfson.

Slechts onder voorwaarde dat zij niet geciteerd worden erkennen WRR-leden dat binnen hun raad verschillende opvattingen bestaan over omvang van een afslanking. Welk standpunt Rutten daarbij heeft ingenomen, willen zij niet zeggen. Rutten was enkele jaren geleden secretaris-generaal bij het ministerie van economische zaken en toonde zich toen groot voorstander van een afgeslankte overheid.

WRR-lid prof.dr. A.M.J. Kreukels zegt dat de discussie over de toekomstige rol en omvang van de raad tot nu toe intern is geweest en dat hij dat voorlopig zo wil houden. Zijn collega prof.dr. H.P.M. Adriaansens zegt: “Het is jammer dat het ambtelijk voorstel bekend geworden is. Als het serieus is, is het geen voorstel tot afslanking, maar tot opheffing van de WRR. Dan moet je ook stoppen met praten over afslanking en het direct over opheffing hebben”.

Pag 3: Afslankingsvoorstel leidt tot onrust

Binnen de riante witte villa's van de WRR aan het Haagse Plein 1813 heeft het gisteren bekend geworden afslankingsvoorstel tot grote onrust geleid. De indruk is dat de hele WRR op de tocht staat. “Ik kan me niet voorstellen hoe de raad, als er zoveel mensen moeten verdwijnen, nog kan functioneren”, zegt secretaris dr. A.P.N. Nauta. Het ambtelijke idee om, ter compensatie van het verlies aan personeel, het onderzoeksbudget te verdubbelen tot twee miljoen gulden beschouwt men binnen de WRR als “een doekje voor het bloeden”.

Nauta :“Je moet dan onderzoek uitbesteden. Dat doen we nu ook, maar in beperkte mate. Uitbesteding vergt dat je een vastomlijnde onderzoeksopdracht verstrekt. En dat is bij het werk van de WRR lang niet altijd mogelijk.”

Woensdag beslissen de secretarissen-generaal van de diverse ministeries of ze de ambtelijke afslankingsplannen aan het kabinet voorleggen. Een topambtenaar merkt in dit verband smalend op: “Bij de ministeries wordt de taakstelling van de Grote Efficiency Operatie niet volledig gehaald en daarom kijkt men extra kritisch naar de adviesorganen.”

Een vraag is of er sprake is van overlapping van het werk van de WRR met dat van andere instellingen zoals het Centraal Planbureau of het Sociaal- en Cultureel Planbureau (SCP). Nauta ontkent dit. “Ik heb zelf vroeger bij het SCP gewerkt en van een hinderlijke overlapping heb ik nooit iets gemerkt.”

De WRR, opgericht in 1972, richt zich vooral op de lange en zeer lange termijn. De afgelopen jaren is het accent echter naar actuele problemen verschoven. Studies over de Randstad en over arbeidsparticipatie en minimum loon leverden een bijdrage aan de discussie over controversiële maatschappelijke vraagstukken. Recent was dat ook het geval met een studie over het milieubeleid. Binnenkort verschijnt een rapport over de toekomst van de Europese en de Nederlandse landbouw. Soms was de WRR zijn tijd vooruit. Enkele jaren geleden, toen op de discussie over het minderhedenbeleid nog een hardnekkig taboe rustte, publiceerde de WRR een rapport over deze problematiek. Dat werd later door velen als een "eye-opener' beschouwd.

De WRR wordt in zijn voortbestaan bedreigd op het moment dat het Centraal Planbureau zich voor het eerst waagt op het terrein van de brede toekomstverkenning. Daardoor zijn de druiven voor de wetenschappers aan Plein 1813 extra zuur. Het lijkt of het Planbureau nu oogst, wat de WRR eerder zaaide. Het Planbureau laat, in één van haar recent gepubliceerde scenario's voor Nederland tot het jaar 2015, de (gunstige) gevolgen zien van een geleidelijke invoering van een basisinkomen voor iedereen. Toen de WRR in 1983 aandacht vroeg voor het idee van een gedeeltelijk basisinkomen, werd hij onder kritiek bedolven.