Voor Serviërs 48 uur respijt; EG wil militair ingrijpen in Bosnië via VN

LISSABON / WASHINGTON, 27 JUNI. De EG zal de Veiligheidsraad vragen om een resolutie die militair ingrijpen ten bate van humanitaire hulp aan Bosnië-Herzegovina mogelijk maakt.

De secretaris-generaal van de Verenigde Naties heeft Servische aanvallers 48 uur de tijd gegeven hun offensief in de buurt van de luchthaven van de Bosnische hoofdstad Sarajevo te staken, dat een hulpoperatie voor de 300.000 inwoners verhindert.

Het EG-besluit werd vanochtend genomen door de elf regeringsleiders en het Franse staatshoofd bij hun halfjaarlijkse overleg, deze keer in Lissabon. Er wordt gedacht aan een militaire operatie in het kader van de Westeuropese Unie (WEU), de defensie-arm van de Gemeenschap. Operaties door legereenheden worden niet uitgesloten, maar de eerste gedachten gaan uit naar een marine-blokkade. De komende dagen zoeken deskundigen van de negen WEU-lidstaten uit over welke praktische militaire mogelijkheden Europa beschikt.

In een verklaring aan de Veiligheidsraad liet VN-secretaris-generaal Boutros Boutros Ghali gisteren weten dat hij de hele VN-operatie in het gebied zal heroverwegen en de Raad zal vragen andere maatregelen te nemen om een eind te maken aan het lijden van de bevolking als het Servische offensief niet wordt gestaakt. Diplomaten zeiden dat de Raad inderdaad overweegt om met militair geweld voedsel en medicijnen af te leveren bij de hongerende bevolking van de stad, die doelwit is van een blokkade door Servische milities. De Franse ambassadeur, Jean-Bernard Merimee, zei dat niets uitgesloten was. Ook denkt de Raad aan verdere sancties tegen Servië, dat als macht achter de milities wordt gezien. De Veiligheidsraad komt maandag weer bijeen om de situatie opnieuw te bekijken.

Boutros Ghali wees met name op de zware straatgevechten in het vroegere Olympische dorp Dobrinja, strategisch gelegen tussen Sarajevo en het vliegveld, ondanks de belofte van de Serviërs hun beschietingen van civiele gebieden te staken. Een VN-woordvoerder in New York wees erop dat er geen enkele manier zou overblijven om de luchthaven van Sarajevo te openen voor een hulpoperatie als Dobrinja in handen van de Serviërs valt.

In een reactie tegenover de BBC waarschuwde de "president' van de door de Serviërs uitgeroepen eigen republiek in Bosnië, Radovan Karadzic, dat een militair ingrijpen van buitenaf “een tweede Vietnam” ten gevolge zou hebben.

Pag 5: VS: pas hulp na bestand

“De Serviërs kunnen niets anders doen dan vechten en zich verdedigen”, aldus Karadzic. Eerder had het hoofd van het Servische leger in Bosnië, Ratko Mladic, tegenover Radio Belgrado al aangekondigd dat zijn troepen zich teweer zouden stellen bij een buitenlandse interventie.

Washington probeerde gisteren een eind te maken aan de speculaties over een ophanden zijnde Amerikaanse interventie in Sarajevo met de mededeling dat een luchtbrug pas kan beginnen wanneer een duurzaam staakt-het-vuren is bereikt. Nationaal veiligheidsadviseur Brent Scowcroft herhaalde tevens na een ontmoeting met president Bush en de ministers van buitenlandse zaken en defensie, Baker en Cheney, dat de VS alléén in samenwerking met de VN zullen handelen. Baker wees erop dat de huidige VN-resoluties over Joegoslavië niet voorzien in het gebruik van geweld. Baker staat overigens ten aanzien van Sarajevo een activistische lijn voor, in tegenstelling tot Cheney en de voorzitter van de verenigde chefs van staten generaal Colin Powell die geen Amerikaanse troepen willen inztten.

De Europese Raad besloot vanochtend ook om EG-waarnemers naar Kosovo te sturen. Geeft de Servische president geen toestemming, dan worden de waarnemers naar de Bulgaarse en Albaanse zijde van de grens met Kosovo gestuurd.

De Franse president Mitterrand vroeg om een “stevige actie” tegen Servië en zei erbij dat het hier een “Franse eis” betrof. De Britten toonden zich aanmerkelijk gereserveerder voor de risico's van militair ingrijpen ten gunste van VN-hulpacties, maar wilden na enig aandringen wel zeggen dat bij een dergelijke operatie “Engeland zijn rol zou spelen”. Duitsland evenals Nederland is voorstander van actieve militaire bijstand bij hulpacties in Bosnië. Minister Van den Broek heeft vorige week tijdens een bijeenkomst van de WEU in Bonn al gezegd dat ook Nederland bereid moet zijn om militairen te leveren voor een dergelijke operatie.

“Komt het zo ver dat de Veiligheidsraad om ingrijpen van de WEU vraagt dan gaan ook wij na wat we kunnen doen”, zei hij vannacht in Lissabon. Volgens Van den Broek is in Lissabon het besef bij de Europese Raad doorgedrongen dat doorgaan met het afleggen van verklaringen over Joegoslavië niet meer zinvol is. Er worden in de oorlog in Joegoslavië volgens hem “humanitaire grenzen overschreden”, waardoor het de vraag is in hoeverre de Gemeenschap zijn zelfrespect kan blijven behouden door aan de kant te blijven staan. De situatie is daar “niet meer tolerabel”, meent hij. Militair ingrijpen door de Gemeenschap zou de vorm moeten krijgen van het “kracht bijzetten” van humanitaire hulp, het “effectief maken van embargo's”.