Tabaksreclame taboe in trein, metro en bus in New York

NEW YORK, 27 JUNI. In de metro, bus en trein en op de stations in New York mag geen reclame meer worden gemaakt voor tabak. Dat hebben de openbaar-vervoerbedrijven in de stad gisteren besloten. De maatregel wordt in het ondergrondse vervoer per 1 januari 1993 van kracht. In het bovengrondse verkeer in maart 1994. Het verbod geldt niet voor lopende contracten met tabaksfabrikanten.

Het besluit werd met tien stemmen tegen één genomen. Het verbod op tabaksreclame betekent een verlies van 4,5 miljoen dollar op jaarbasis voor de openbaar-vervoerbedrijven. De tabaksreclames vormen 20 procent van alle publiciteit in het openbaar vervoer in New York.

Voorstanders van het verbod, onder wie burgemeester David Dinkins, hadden er op gewezen dat dagelijks 375.000 kinderen in de bussen, treinen en metro's zitten en dat zij een gemakkelijke prooi zijn voor de reclamemakende tabakfabrikanten.

De fabrikanten op hun beurt hebben tegengeworpen dat het niet zozeer gaat om het winnen van niet-rokers als wel om het verleiden van mensen die een ander merk roken. Het Amerikaanse Hooggerechtshof bepaalde deze week dat rokers fabrikanten van tabakswaren voortaan aansprakelijk kunnen stellen voor opgelopen schade aan de gezondheid.

Steden als Denver, Boston, Seattle en San Francisco hadden al eerder een verbod op tabakreclame in het openbaar vervoer ingesteld. Een woordvoerder van Philip Morris liet desgevraagd weten dat het verbod in New York “ernstige grondwettelijke problemen” oproept. Mede namens de andere fabrikanten verklaarde de woordvoerder van Philip Morris dat de tabakproducenten “alle mogelijke wettelijke acties zullen ondernemen om het verbod ongedaan te maken”. (AFP, Reuter)