Hubertus Maria van 't Hek (1947) was Canisiaan in ...

Hubertus Maria van 't Hek (1947) was Canisiaan in Nijmegen, deed eindexamen HBS in Hilversum, maakte zijn rechtenstudie in Groningen niet af en heeft sinds 1980 het communicatie- en organisatiebureau 'tHekst & Uitleg. Met vrouw Dia Flinterman - kinderrechter te Groningen - en drie kinderen woont hij in Haren. Ruim 25 avonden per seizoen onderhoudt hij het Groningse publiek met zijn operacursussen. Deze week reisde hij met Zdislaw Supierz naar Polen en Rusland om operavoorstellingen te zien die in het seizoen '93-'94 naar Nederland gehaald kunnen worden.

Vrijdag 19 juni

”Jo resto per terminar un articolo per NRC', Rodolfo, La Bohème.

Organisatie, communicatie en opera. Zaken doen is het beheersen van de communicatiekanalen. Zaken doen is handelen in emoties. Uitgedrukt in een produkt of dienst. Ziedaar mijn werk. Het eeuwige pleidooi voor het zelfstandige individu. Kunnen handelen uit eigen wil. Aan de wil van een ander kleeft altijd een bezwaar. Zeker als die ander een systeem heeft, een systeem is of een systeem vertegenwoordigt. Docenten moeten dat begrijpen. Minder informatica, meer informatiekunde.

Eerste lichting uitnodigingen weg voor 4 juli. Tuinfeest om familie, vrienden en collega's simpelweg te laten weten hoe ons bestaan aan het hunne hangt.

Familie, vrienden en collega's. Individuen zijn het, geen systemen. Daarom werkt het. Daarom blijft de sfeer goed. Bureau leeg, klaar maken voor de reis naar Polen en Litouwen.

De operacursus in Groningen. Daar ligt de oorsprong. Per seizoen 25 avonden opera. Opera als theatertaal. Opera als communicatiemiddel. Opera als uiting van individuele gevoelens. De voorstelling blijft hetzelfde. Toch ziet en hoort iedere toeschouwer iets anders. Opera als spiegel van ons dagelijks doen en laten. Christina Deutekom (met haar goudstuk Jaap) was mijn laatste gast. Zangers van de Opera van Krakow. Lucia di Lammermoor in Groningen.

Zdislaw Supierz reist, handelt, organiseert en communiceert. Hij brengt Oosteuropese solisten, quartetten, dirigenten en orkesten naar Nederland en West-Europa. Sinds twee jaar ook opera. Morgen gaan wij samen op reis. Warschau - Vilnius - Krakow - Petersburg. Zdislaw belt nog om 23.30 uur. Het reisschema is weer gewijzigd.

Ik zie wel.

Zaterdag

”Sono straniev, un Olandeso', Don Carlos, Verdi.

Polen wil een nieuw gezicht op de Westeuropese markt. Daarom heeft LOT vier Boeings 737 aangeschaft. Public relations in de vorm van een vliegtuig. Stabiele vlucht. Zeer helder weer. Vertrekken precies op tijd, 11.05 uur. Landen in Warschau om 12.45 uur. Kennis maken met het marktprincipe. Moeten onderhandelen met taxichauffeur. Hij heeft een Mercedes 190. Er rijden hier heel veel in Nederland en Duitsland gekochte en gestolen auto's.

Hotel Maria Sczaniecka. Absoluut prachtig. Wij gaan de stad in. Warschau is vol van kleine markten. Iedereen die denkt iets te kunnen verkopen, staat op straat. Bloemen, juwelen, souvenirs en vooral Russische poppetjes en gelakte doosjes. De eerste inkopen gedaan. De bevolking ziet er minder armoedig uit dan ik had gedacht. Van de Stads Operette hebben wij een auto gekregen. Schrik niet, een FSO Polonez. Als je hoest, gaat een van de deuren open.

Ineens ben ik geen vreemdeling meer. Ik rijd in Polen, Warschau. Weinig verkeer. Autorijden is heel erg duur geworden. Om 19.00 uur zijn wij bij een voorstelling van La Vie Parisienne van Offenbach. Deze voorstelling komt naar Nederland. Het Pools kan ik niet volgen. Had graag hun Duits gehoord.

In de pauze vliegensvlug naar de Nationale Opera. Een voorstelling van Straszny Dworak van Stanislaw Moniusko. Puur Pools nationalisme. De muziek is prachtig. Het theater heeft meer ruimte dan het muziektheater in Amsterdam. Uitverkocht huis, 1800 stoelen. Kinderen, heel veel kinderen. In de opera leren wat het is om Pool te zijn. In de opera leren wat het is om een identiteit te hebben. Deze muziek organiseert en communiceert dat gevoel. Aan het theater is het Operamuseum verbonden. Vrije toegang in de pauze. Kostuums van vroeger, foto's van solisten en dirigenten, voorwerpen die gebruikt zijn, decors op schaal nagebouwd. Na de voorstelling wordt nog lang nagepraat op het grote plein. Wij hebben een tafel besteld in een Pools eethuis in de Oude stad. Uitstekend gegeten. Moe, maar voldaan naar bed.

Zondag

”Chi mi frena in tal momento'. Lucia di Lammermoor, Donizetti.

Vroeg op, wij moeten rijden, omdat de vliegtuigen en treinen helemaal vol zijn. Voor de boeg 550 km tweebaansweg. Dat gaat nog. Wij zijn praktisch alleen op de weg. Bij de grens tussen Polen en Litouwen slaat de nieuwe tijd toe. Het nieuwe systeem - de macht van het eigen leger - is net zo erg als het oude. Het kaartje van Zdislaw doet wonderen.

De weg naar Vilnius is vreselijk. Hier ligt de eerste opgave voor West-Europa. Vertrek Warschau 09.30 uur. Aankomst Vilnius 18.00 uur. Ingekwartierd in het gastenverblijf van de Nationale Litouwse Opera. Om 19.00 voorstelling van Nabucco, Verdi. De directie programmeert zo actueel mogelijk. Toen Gorbi gas en elektriciteit afsloot werd ”Jeanne d'Arc au Bücher' gespeeld. Tijdens de beschieting van het Parlementsgebouw ”Carmina Burana'. Nu, omdat de Russen nog steeds proberen de boel bezet te houden, ”Nabucco' van Verdi. Iedere toeschouwer mag zich vereenzelvigen met het lijden van de Joden. Op het podium worden Joden omgesmeed tot Litouwers. Aangrijpend kun je dit niet meer noemen. Dit gaat zoveel verder.

Een uitverkocht Operahuis, 1200 stoelen, lijdt en huilt. Tijdens het Va Pensiero moet ik zo vreselijk veel moeite doen om mijn tranen te bedwingen. Huilen wil ik, lang en hard. Dit is opera op en top. Een theatertaal die zoveel meer communiceert dan tekst en muziek. Dirigent en orkest gaan geen enkel effect uit de weg. De zaal klapt, schreeuwt, scandeert applaus. Hier schreeuwt de vrijheid. Hier schreeuwt het individu. ”Va Pensiero sull'ali dorati.' De gedachten gaan op gouden vleugelen de wereld over. Help ons in onze strijd. De bezetter is nog niet weg.

Na de voorstelling gesprekken. Met de dirigent en de solisten. Tijdens de pauzes zijn wij als VIPS voorgesteld aan de Minister van Cultuur. Groningen verkocht op het kaartje van Marieke. Over de voorstelling nemen wij ter plekke geen beslissing. De Opera van Vilnius komt naar Nederland in oktober met Don Carlos.

Eten kunnen wij nog in een discotheek. Hier huilt, lijdt en schreeuwt het andere publiek. Jonger en ouder. De muziek is weer het middel. Het dient maar één doel: de vrijheid.

Maandag

”Preate fanciulle le nostra preghiera', Nabucco, Verdi.

Vroeg op om nog iets van de stad te zien. Wij gaan naar de Madonna, de Heilige Maagd, de Heilige Moeder van de God die ons uit deze ellende moet redden. Op de trap omhoog zinken vrouwen ineen. Gesteund door de rozenkrans gaan hun gedachten en gebeden op gouden vleugelen omhoog. Bij de Madonna ga ik op de knieën en bid. Ik bid, omdat hier gebeden wordt. Bidden kanaliseert de emotie precies even sterk als de muziek uit de opera. Buiten de kerk wordt gebedeld, wat moet je als alles je is afgenomen?

Onderweg praten wij lang en intensief over Nederland, het kunstenplan en de opera. Muziektheater is een niet aan te slepen produkt. Daarom reizen wij hier, omdat wij hier nog kunnen inkopen tegen uiterst verantwoorde bedragen. Althans bedragen waarvoor wij de Nederlandse theaters een produkt kunnen leveren van een goede kwaliteit (prijsverhouding). Bij de grens gooi ik het kaartje van de Minister van Cultuur in de strijd. Het werkt. Zdlislaw zegt dat hij mijn chauffeur is. Dat werkt ook!

Om 18.00 uur zijn wij terug in Warschau. Om 19.55 vertrekt de trein naar Krakow. Aankomst 23.15 uur. Wij zijn moe, doodmoe. Toch de stad in. Om exact 24.00 uur hoor ik het wereldberoemde ”Hejnal z Wiezy Mariackiej w Krakowie' live vanaf de toren. Even slikken, dit is Krakow, stad van Kunst en Cultuur. De stad die de communisten niet klein gekregen hebben. De stad die daarvoor is gestraft met de aanleg van Staalindustrie. Die industrie heeft de stad vervuild. Krakow heeft stand gehouden. Viert nu zijn vrijheid. Nog een biertje in een studentenkroeg en naar bed.

Morgen Nabucco en Carmen.

Dinsdag

”La seule ce que m'ivresse, la liberté!' Carmen, Bizet.

Opera van Krakow, 10.00 uuur, Nabucco eerste en derde acte, kostuum en lichtrepetitie, speciaal voor ons. Kasper Jansen kan gerust zijn; deze enscenering ziet er echt goed uit. Deze Zaccharia heeft een wereldstem en de uitstraling van een megastar. Prijswinnaar van het Pavarotti-Concours in Amerika. Zingt hier voor ƒ 500,- in de maand.

Het weerzien met Eva Michnik is allerhartelijkst. Haar man, bariton Boguslaw Szinalsky omhelst mij uitbundig. Met Eva werk ik de partituur door en vraag op een aantal plaatsen om verbetering: kleur, klankbalans, tempi, crescendi. Om 13.00 uur inleidende, zakelijke gesprekken. Om 14.00 de stad in. Herinneringen aan Krakow gekocht. Om 19.00 uur voorstelling van Carmen. Voor Poolse begrippen een zeer moderne regie. Geen gesproken dialogen, maar gezongen recitatieven. Mijn kritiek: deze voorstelling ademt nog niet. Onder het publiek veel vrouwen en meisjes. De Carmens winnen het van de Micaela's. De Kerk ziet de vrouw graag als Micaela. Carmen vertegenwoordigt het echte vuur in de echte vrouw. Dat vuur - zegt de Kerk - moet worden gedoofd. In het nieuwe Polen zal Carmen winnen.

Na de voorstelling aan tafel. Eva, intendante en dirigente, Boguslaw en de voltallige directie. Het gesprek spitst zich toe op Valery Kostin, de tenor, de Don José. Op mijn voorstel heeft hij voorgezongen bij Forum. Aan tafel wordt beweerd dat hij bij Opera Forum in Enschede een contract heeft voor 20 voorstellingen Butterfly (Pinkerton). Gage: ƒ 3.000,- per voorstelling. Hij wil vrij hebben om in Nederland te kunnen zingen en wil misschien wel weg uit Krakow. Het bepaalt de stemming van de gesprekken.

Krakow begrijpt dat wij zangers en zangeressen willen helpen in de ontwikkeling van hun carrière. Maar wij bezorgen Eva en haar staf een groot probleem. Zdislaw praat en praat en praat en praat. Eva belooft ons om te brengen als wij nog meer zangers weghalen. Om 01.30 uur staan wij buiten. Boguslaw en Eva nodigen ons uit mee te gaan naar hun huis. Wij praten en leggen uit. Goede vrienden blijven kan alleen als wij zakelijk geen verschil van opvatting hebben. Eva Michnik: een prachtige zakenvrouw en lieve vriendin in één. Boguslaw is de perfecte gastheer. Kookt, bakt en schenkt in. Om 05.00 uur in de morgen brengt hij ons terug naar het hotel. Met gemengde gevoelens slaap je zeer onrustig.

Woensdag

”Se vuol ballare, Signor Kostino', Nozze di Figaro, Mozart.

Zdislaw gewekt om 09.00 uur. Aan het ontbijt praten wij door. Wat willen wij in de toekomst en hoe willen wij dat? Zakelijk gezien kan hier - Warschau, Krakow, Vilnius - goedkoop worden geproduceerd. De produktiekosten zijn hier tien procent van de bedragen die nu in Nederland worden gebruikt. Orkestleden verdienen hier als basis ƒ 200,- in de maand. Als wij doorpraten en doorrekenen komen wij tot de conclusie dat wij voor - naar verhouding - zeer geringe bedragen zelf opera kunnen produceren. Voor ƒ 50.000,- maken wij een goed bezette Simon Boccanegra in Krakow. Voor ƒ 30.000,- een goede Anna Bolena in Vilnius. Gemeten aan het stemmenmateriaal dat er nu is. Het zijn slechts voorbeelden. Wij weten dat het kan. Tien miljoen voor Opera Forum en dertig miljoen voor Opera in Amsterdam (in beide gevallen zonder orkest!) worden dan ineens astronomische bedragen.

Koffers pakken, trein in-trein uit, naar het vliegveld. Bij het inchecken blijken onze namen uit de computer te zijn gegooid. Stennes maken helpt niet. Wij komen het vliegtuig naar St. Petersburg niet in.

Om 20.00 uur zijn wij op tijd voor de tweede acte van Nozze di Figaro. De Kameropera van Warschau doet deze zomer alle vocale werken van Mozart. Een gigantisch project waarvoor verschillende locaties in de stad worden gebruikt. Het eigen theatertje is een snoepje: 160 stoelen, een orkestbak en een toneel. Orkest en solisten van een goed niveau. Het belangrijkste blijft dat je elke avond een opera van Mozart kunt zien.

Morgen om 07.30 op het vliegveld: er gaat om 09.00 een vliegtuig. Hotel Cromada mag verder geen naam hebben.

Donderdag 25 juni

”Vivremo insiem e moriremo insiem', Don Carlos, Verdi.

Om 08.00 uur op het vliegveld. Het antwoord blijft neen. LOT moet ons probleem oplossen. Om 14.00 uur is er nog een vlucht met Malev. Eerst ontbijten. Om 09.00 zijn wij op het kantoor van Malev. De man is uiterst behulpzaam, telext en faxt met de hele wereld. Vindt uiteindelijk één stoel. Zdislaw gaat vliegen, ik blijf in Warschau. Kamer in Hotel Maria. Bellen met Teatre Wielki. Ik krijg vanavond als enige buitenstaander toegang tot de generale repetitie van Nabucco. Inderdaad, alweer. Schrijven.

Ben om 19.00 uuur in het theater. Voor mijn ogen ontvouwt zich de Andrzej Majewski Show. Dit heb ik nog nooit gezien. Een koor van 150 mensen. Frontopening 32 meter. Opkomst van Nabucco met vijf paarden. Cecil B. de Mille in opera. Muzikaal heb ik veel aan te merken, maar dit toneelbeeld moet naar Amsterdam. In de eerste pauze wordt Majewski aan mij voorgesteld. Geen verhalen over Zdislaw Supierz. De gedreven Wie er musicus, de gedreven impresario. Geen verhalen over de Oostblok-mentaliteit die mij soms mateloos irriteert.

Geen verdere 'tHekst & Uitleg.