Wolfson moet weg bij DNB na EMU

DEN HAAG, 25 JUNI. Prof. D.J. Wolfson, Koninklijk Commissaris bij De Nederlandsche Bank, raakt deze functie over enkele jaren vermoedelijk kwijt. Dit blijkt uit een nota over de gevolgen van de Economische en Monetaire Unie (EMU) voor De Nederlandsche Bank, die minister Kok van Financiën deze week aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Wolfson zit als Koninklijk Commissaris de Bankraad voor waarin maatschappelijke organisaties zijn vertegenwoordigd. Volgens het EG-verdrag van Maastricht moeten leden van besluitvormende organen van centrale banken onafhankelijk zijn. Kok schrijft dat in de herziene Bankwet, die de oude Bankwet van 1948 vóór 1 januari 1996 moet vervangen, “de functie van Koninklijk Commissaris vermoedelijk in zijn huidige vorm niet gehandhaafd (zal) kunnen blijven”.

Als de tweede fase van de EMU vanaf 1 januari 1994 een feit is wordt monetaire financiering verboden. Dat betekent dat de Staat niet langer een beroep kan doen op De Nederlandsche Bank om tijdelijke geldtekorten te dekken. Ook de gemeente Amsterdam en de Sociale Verzekeringsbank zullen hun huidige recht op krediet verliezen.

In de derde EMU-fase, op zijn vroegst per 1 januari 1997, zal de Europese Centrale Bank een feit zijn. Dan komt het “aanwijzingsrecht” van de Staat te vervallen. Nu heeft de minister van Financiën formeel nog het recht de president van De Nederlandsche Bank zijn wil op te leggen; overigens hebben de achtereenvolgende ministers van dat recht nimmer gebruik gemaakt.

De rol van de president van De Nederlandsche Bank als regeringsadviseur blijft volgens de nota gehandhaafd. De president is onder meer kroonlid van de Sociaal economische raad en neemt deel aan de Raad voor economische aangelegenheden, een onderraad van de ministerraad.

Volgens de nota van Kok heeft de EMU belangrijke gevolgen voor de winst van De Nederlandsche Bank, die nu bijna geheel naar de 's Rijks schatkist vloeit. Uit het jaarverslag van De Nederlandsche Bank blijkt dat in 1991 van de totale winst van 2,23 miljard gulden 2,13 miljard gulden naar het Rijk ging. Over de gevolgen van de EMU bestaat nog onzekerheid. Op het ministerie van Financiën circuleren berekeningen die uiteenlopen van 200 miljoen gulden extra voor de Schatkist tot 600 miljoen gulden minder.

De rente-inkomsten op de reserves aan dollars, yen en andere niet-EMU-valuta vloeien in de toekomst in de kas van de ECB. De winst zal, na aftrek van de beheerskosten, worden afgedragen aan de centrale banken. Wat daarbij de verdeelsleutel zal zijn is echter nog niet duidelijk, al zal er op een of andere wijze een relatie met de omvang van de ingebrachte reserves moeten zijn. De Nederlandse centrale bank houdt haar functie als toezichthouder op het kredietwezen.