Jordanië wil geen inspectie van naleving embargo tegen Irak

AMMAN, 25 JUNI. De Jordaanse regering heeft een Amerikaans verzoek afgewezen om inspecteurs van de Verenigde Naties op haar grondgebied toe te laten voor toezicht op de naleving van het handelsembargo tegen Irak. Volgens een Jordaanse regeringsfunctionaris heeft koning Hussein hiertoe besloten na uitgebreide consultaties met premier Sharif Zeid Bin Shaker en andere medewerkers.

Verscheidene ministers en andere politici zeiden eerder deze week al dat het voorstel neerkwam op een schending van Jordaniës soevereiniteit en daarom onaanvaardbaar was. Als zo'n “vernederend” plan werd geaccepteerd, zou dat volgens hen in het parlement en bij de bevolking tot scherpe kritiek op de koning en het kabinet leiden.

Jordanië heeft herhaaldelijk onderstreept het handelsverbod strikt na te leven. Even vaak echter is het van Westerse zijde beschuldigd van ernstige schending van het embargo. Bouwmateriaal en mogelijk zelfs wapens zouden via Jordanië Irak binnenkomen, een zaak die vooral de Amerikaanse regering dwarszit.

Het Amerikaanse ministerie van defensie liet vorige week weten dat het de inspectie van scheepvaart naar de Jordaanse Rode-Zeehaven Aqaba zou beëindigen als Amman VN-inspecteurs zou toelaten. Amerikaanse, Franse en Australische schepen hebben daar tussen augustus 1990 en half april van dit jaar in totaal 13.400 schepen onderschept, waarvan er 4.000 daadwerkelijk zijn geïnspecteerd. Niettemin zou er veel verboden waar tussendoor slippen.

Het was nog onduidelijk of Jordaniës opstelling consequenties heeft voor zijn relatie met de Verenigde Staten. Aan de ene kant ligt elke actie die de positie van de Iraakse president Saddam Hussein kan schragen erg gevoelig in Washington, zeker nu de presidentsverkiezingen naderen. Aan de andere kant hecht de Amerikaanse regering ook veel belang aan de Jordaanse rol in het vredesproces in het Midden-Oosten en wil zij een mogelijke destabilisering van het koninkrijk vermijden. (Reuter)