Jemen laat gevluchte Somaliërs toe

ADEN, 25 JUNI. De 2.000 overgebleven Somalische vluchtelingen op een schip voor de kust van Jemen hebben gisteren eindelijk toestemming gekregen om aan wal te gaan.

Ze werden ondergebracht in een tentenkamp van de vluchtelingenorganisatie van de VN, het UNHCR.

Eerder was een deel van de ongeveer 3.300 opvarenden van de Gob Wein, ten einde raad over de erbarmelijke omstandigheden aan boord waarbij elk uur iemand door uitputting overleed, van boord gesprongen met de bedoeling zwemmend de kust van Jemen te bereiken. In totaal kwamen er volgens een opgave van UNHCR-functionarissen zeker 149 Somaliërs om het leven.

De Filippijnse kapitein van het schip met de vluchtelingen zei dat hij met de dood was bedreigd door de wanhopige vluchtelingen indien hij zijn boot niet aan de grond zou zetten bij Jemen.

Na het eerste schip kwamen er nog twee kleinere schepen met Somalische bootvluchtelingen, een met 95 mensen en een met 400. De Somaliërs ontvluchten hun land wegens de burgeroorlog en hongersnood daar. In het arme Jemen, dat nog steeds worstelt met de opvang van honderdduizenden Jemenieten die tijdens de Golfoorlog uit het buitenland naar hun vaderland terugkeerden, verblijven al zo'n 50.000 Somaliërs. (AFP, AP, Reuter)