Bukman vertrouwt op zijn ambtelijke top bij "cultuurverandering'

DEN HAAG, 25 JUNI. Minister Bukman (landbouw, natuurbeheer en visserij) houdt vast aan zijn uitgangspunt dat het goed mogelijk is de noodzakelijke cultuurverandering op zijn departement met de huidige ambtelijke top te realiseren.

PvdA, D66 en Groen Links betwijfelen dat. Maar alleen Groen Links dringt aan op het vertrek van de top. De Tweede Kamer houdt Bukman wèl nadrukkelijk verantwoordelijk in het geval het mis mocht gaan.

Dit bleek gisteren tijdens het parlementaire debat over het onderzoek van de commissie-Kroes naar het functioneren van Landbouw. Het CDA schaarde zich goedddeels achter partijgenoot Bukman. De VVD vond dat de Kamer zich niet te veel met de interne organisatie van het ministerie moet bemoeien en het ministerie vooral op de kwaliteit van het beleid moet beoordelen.

Volgens de commissie-Kroes, vorig jaar door Bukman in het leven geroepen na onthullingen in de media over intimidatie op Landbouw, is de managementstijl van de ambtelijke top autoritair, communiceert de top veel te weinig met de rest van het ministerie, krijgen kritische ambtenaren te weinig ruimte en heerst er een klimaat waarin initimidatie gedijt. De commissie constateert instemmend dat Bukman maatregelen heeft getroffen om de cultuur te verbeteren.

De minister gaf gisteren toe dat hij een zeker risico neemt door de huidige ambtelijke top te handhaven. Volgens de bewindsman zou hij evenwel ook risico lopen als hij de top zou vervangen.

Bukman beloofde de Kamer dat hij de komende jaren bij de memorie van toelichting op de begroting van Landbouw zal rapporteren over de voortgang van de cultuuromslag. Hij wil voor het einde van deze kabinetsperiode medio 1994 de omslag gerealiseerd hebben. Dan moet het ministerie zijn veranderd van een gesloten en defensief opererende organisatie in een open en offensieve organisatie.