Eigenzinnigheid kenmerk van opleiding tot marinier

DEN HAAG, 24 JUNI. “Een aantal mariniers was schijtziek van de situatie op het centraal station. Toen ook familieleden lastig werden gevallen door verslaafden bij perron 0. was de maat kennelijk vol. We trekken dat wel even recht, werd de wapenspreuk voor die avond. En zo trokken ze massaal de stad in om een lesje te geven.”

De marinier betrokken bij de opleiding van nieuwe eenheden heeft geen goed woord over voor de eigenzinnige actie, maar hij wil wel uitleggen wat de honderd mannen maandagavond heeft bewogen. “Bij ons korps gaat het om een geheel eigen cultuur. Daarom zijn wij ook elite-troepen. Dat wil Defensie zo. Het gaat om avontuur, om verantwoordelijkheid op jonge leeftijd. We kennen een grote groepsbinding en een grote saamhorigheid. Daar trainen we voor in onherbergzame streken van Schotland en in barre omstandigheden van dertig graden onder nul in Noorwegen. We stonden onlangs nog ons mannetje in Turkije en Irak en nu weer in Cambodja. Ja, je kan ons om een boodschap sturen en daar zijn we trots op.”

Naar de actie van de honderd mariniers maandagavond wordt nu een diepgaand onderzoek verricht. Daarbij wil de marineleiding ook nagaan of de “mentaliteit die uit de actie spreekt op een of andere manier toch insluipt in het lesprogramma: jongens van Jan de Witt ook in eigen land. Wordt de energie die de knapen soms in overmaat bezitten ook wel goed genoeg gekanaliseerd?”

Op verzoek van admiraal Michiel de Ruijter richtte Johan de Witt op 10 december 1665 het korps op. De marine had behoefte aan vechtersbazen, aanvankelijk alleen op schepen, later ook om landingen uit te voeren. Het korps telt iets meer dan 3.000 militairen, voor het allergrootste gedeelte mannen. Een kwart van hen is nu uitgezonden naar Cambodja, enkele honderden mariniers zijn gestationeerd op de Nederlandse Antillen, anderen staan paraat voor NAVO-trainingen en opdrachten.

Uit eerste onderzoeken blijkt niet dat officieren van het korps betrokken zijn bij de actie van maandagavond. De "veegactie' zou spontaan zijn ontstaan, hoewel bij het korps nog vrij regelmatig de herinnering opkomt aan acties op de Dam en het Centraal Station in Amsterdam meer dan twintig jaar geleden. De moeilijke opdracht in Cambodja in het gebied van de Rode Khmer, na de actie op de grens van Irak, heeft het korps een grote zelfverzekerdheid gegeven. De landmacht heeft telkens moeite om voldoende vrijwilligers te vinden voor lastige opdrachten. De mariniers staan altijd klaar. Zij noemen de VN-taken een mooie uitdaging.

Generaal-majoor Spiekerman, de commandant van het korps, heeft zijn commandanten gisteren opdracht gegeven na te gaan wat er mankeert en hun duidelijk gemaakt dat hij niet gediend is van deze "eigenrichting'. De leiding zegt verrast te zijn door de actie. Eind jaren zestig kon je, volgens hoge officieren, makkelijker bevatten dat zulke acties werden ondernomen. Ze verzwijgen niet dat een aantal kaderleden daar toen ook bij was betrokken. Maar de laatste jaren wordt juist geprobeerd bij het lesprogramma de "macho-mentaliteit' om te buigen.

“Rambo werkt namelijk niet in ons voordeel. Je dient in stilte je werk te doen. Het gaat nu veel meer dan weleer om geweldsbeheersing. Agressiviteit alleen werkt niet, noch bij gijzelingen noch bij vredestaken. Dat is gebleken en daar leggen we nu de nadruk op”, aldus een van de docenten. “Je moet rekenen dat het mannen waren die nog met hun opleiding bezig zijn. Het is een feit dat zij ook door hun uiterlijk vaak werden aangesproken op het centraal station. Die jongens vinden het daar werkelijk een puinhoop. Ze worden er twee keer per week mee geconfronteerd. Ze verloren het zicht. Dat kwam ook doordat er maandagavond vrij stevig was gedronken.”

Toegegeven wordt dat mariniers opgeleid worden om een unieke rol te vervullen. Er ligt veel nadruk op de taak zelf het karwei te kunnen klaren. Daarbij loopt men het risico dat een dergelijke voorbereiding verkeerd uitpakt. Wat dat betreft ligt in de strekte van het korps ook meteen de zwakte. Het "zorg dat je erbij komt, bij de jongens van stavast' kan nog steeds verkeerd worden opgevat. Bovendien merken de mariniers dat er ook sympathie bestaat voor die eigenzinningheid.

Naar buiten toe zegt de marine dat het gaat om een uit de hand gelopen kwajongensstreek, maar intern wordt sinds gisteren wel degelijk nagegaan of er niet bij de opleiding een nog sterker accent moet liggen op de volstrekte onaanvaardbaarheid van dit soort acties. De massaliteit van de actie - nagenoeg een gehele opleidingseenheid trok uit -, heeft het kader verrast.

Bij het selecteren van mariniers wordt ook gekeken of bij de kandidaten voldoende durf en avonturierszin aanwezig is. Hun taken liggen volgens de wapenspreuk "zo wijd de wereld strekt'. Die ambitie ging de politie maandagavond dicht bij huis nog met een waarschuwingsschot tegen. Binnen de poort breekt men zich het hoofd hoe die waarschuwing te laten gelden.