"Als ze niet winnen zijn ze uit ieders hart verdwenen'

AMSTERDAM, 24 JUNI. “Een bijeengeraapt zootje”, zegt de man die zijn neus boven een groot oranje boeket uitsteekt. Nee hoor, voor het Nederlands elftal is hij niet gekomen. Hij wacht op zijn vrouw: “Die is tenminste betrouwbaar”. In de aankomsthal van Schiphol is het de gewone drukte van zoenende familieleden en reisleiders met bordjes die op hun onbekende klanten wachten. Van voetbalfans was gistermiddag op de luchthaven geen spoor te bekennen. De terugkeer van het team dat maandag op het EK door Denemarken werd uitgeschakeld vond in alle stilte plaats. “Als ze niet winnen zijn ze gelijk pfft weg en uit ieders hart verdwenen”, zegt het meisje van de informatiebalie treurig. “Als u Van Basten nog spreekt moet u hem maar vragen of hij lekker heeft geslapen vannacht”, roept haar collega.

In het kantoortje van de maatschappij die het elftal terug naar huis vliegt zijn de werkzaamheden in volle gang. Hier hangen ze nog wel, de droomjongens. Fier en prachtig in hun glimmende voetbalshirts. "AHUM' heeft iemand met grote letters over de poster heen geschreven. “Zielig gewoon”, zegt een stewardess. Haar oogschaduw schittert vervaarlijk. Oh, ze kòn ze wel gisteravond. Nee hoor, die nederlaag is verdiend. Ze moet ze zo meteen ook nog bloemen gaan brengen. Zes vrouwen met bloemen om die jongens te verwelkomen, kun je je voorstellen? Als het aan haar lag zouden ze gewoon langs de zijdeur worden afgevoerd.

Ook binnen de douanegrenzen is in geen velden of wegen een supporter te bekennen. Tussen de klompen en de kaasschaven van de tax-free shop hangt nog een eenzaam oranje petje. “Het is meer oranje-bitter hè”, zegt de douane-ambtenaar die met zijn neus tegen de grote ruiten de binnenkomst van het vliegtuig afwacht. Een manager van de luchtvaartmaatschappij loopt zenuwachtig heen en weer. Voor de zoveelste keer ordent hij het bord met de tekst: "Oranje we still love you'. “Ik blijf ze een beetje steunen hoor”, zegt hij.

De bloemenmeisjes staan in slagorde opgesteld. Het extra boeket dat een anonieme trooster voor Marco van Basten bezorgde, is door de aanwezige pers in alle standen gefotografeerd. Een meisje vindt dat hij het heeft verdiend: “Hij had het niet makkelijk. Toen kreeg hij ook nog een dreun van dat Deense etensmandje, die Picknick. Terwijl die jongen met z'n hoofd natuurlijk al bij de finale zat”. Dan komt het vliegtuig eindelijk aan.

Als eerste stapt trainer Michels uit de slurf. Zijn kaboutergezicht staat onbeweeglijk. Hij wil niet praten. Dan de Milanees Rijkaard maar: “U schrijft toch ook niet elke dag een goed stuk? Zulke dingen gebeuren gewoon.” Snel benen de voetballers door de gangen. Een groepje luchtvaartpersoneel heft een applaus aan. Keeper Van Breukelen slaat zijn arm om een paar stewardessen die met een fototoestel komen aangesneld. Zure lachjes, wat grappen en grollen: “De pest erin? We lopen te stralen!”

“Voetbal is een kwestie van centimeters”, zegt linksbuiten Roy. “Zoals het de ene kant uit rolde tegen de Duitsers, zo rolt het de volgende keer weer anders.” Bij de bagageband nemen de ex-teamgenoten vast afscheid van elkaar. “Marco, goeie vakantie jongen”. Van Basten mompelt iets over "that's the game'. Lekker geslapen heeft hij niet. “Je slaapt nooit lekker na zo'n wedstrijd”, zegt de jonge Bergkamp terwijl hij een kledingzak van de band afsleept. Hij is de enige, samen met verdediger Wouters die nog wel iets over de nederlaag wil zeggen: “Je prent in je hoofd dat je zo'n wedstrijd niet moet onderschatten”, zegt Wouters. “Het wordt je door de trainer nog eens gezegd. Toch denk ik dat je onbewust te licht aan zo'n duel begint.” Verderop staat Michels. Hij moppert: Geen ruimte voor trainingswedstrijden.. “Clubeigenaren als Berlusconi zeggen: het nationale elftal kan er niet af”.

Als om drie uur de spelers naar buiten komen, staan er twee meisjes. Ze hebben oranje cocktailprikkers in hun haren. “Kieft, wat een stuk!”, roepen de meisjes. Twee oudere dames klappen beschaafd. Nee, ze zijn hier om hun broer uit Australië af te halen. Maar ze vinden het zo sneu. In jaren hebben ze niet naar voetbal gekeken. Maar vorige week hebben die jongens hen echt laten genieten, “hè Els?” Je moet het maar zo zien zegt de dame: Misschien hebben ze ons een hoop narigheid bespaard met hooligans, “hè Els?”

“Nou, dan hoop ik maar dat die Denen winnen”, houdt haar zuster koppig vol.