Voorzitter A. Pais van Stichting Frankfurter Buchmesse presenteert plannen; Nederlanders en Belgen werken samen

AMSTERDAM, 23 JUNI. De Nederlandse presentatie op de Frankfurter Buchmesse van 1993 zal zich voornamelijk op boeken en schrijvers concentreren. Dat verwacht dr. A. Pais, voorzitter van de Stichting Frankfurter Buchmesse die de manifestatie voorbereidt. Met de Buchmesse directeur Peter Weidhaas die gisteren in Amsterdam was, is afgesproken om op de komende Buchmesse een uitvoerige opzet te presenteren. Vooruitlopend op deze presentatie kan Pais nu echter al wel de grove contouren van de Nederlandse en Vlaamse plannen aangeven.

Uitgangspunt is dat Nederland en Vlaanderen in gelijke mate aan de presentatie deel zullen nemen. Pais: “Het wordt een coproduktie in de meest ware zin van het woord.” Hij wijst erop dat dit een novum is in de geschiedenis van de Messe. Tot nu was altijd één land het "Schwerpunktland'. Bij de voorbereidingswerkzaamheden zullen ongeveer evenveel Belgen als Nederlanders betrokken zijn, tenzij dit tot absurde resultaten zou leiden. Pais: “Als zou blijken dat 90 procent van de goede dichters in Vlaanderen woont, moet je bij een poëziemanifestatie natuurlijk niet naar een 50-50 verhouding streven.”

Ook de financiering is paritair. De Nederlandse en de Vlaamse regering hebben ieder ongeveer 2,5 miljoen gulden toegezegd. Daarnaast is er nog een bedrag van tegen de 1 miljoen gulden, afkomstig uit andere bronnen. De Nederlandse en Vlaamse uitgeversbonden leveren wellicht nog een bijdrage, "een paar ton' is door sponsors toegezegd. Pogingen om dit laatste bedrag te vergroten zijn tot nu toe op weinig uitgelopen. Pais: “Het aantal bedrijven dat voor sponsoring in aanmerking komt is beperkt, vaak voelen ze ook geen enkele band met de literatuur.” Misschien melden zich in de vijftien maanden voordat de Messe begint nog bedrijven aan. Pais: “1992 is een jaar met veel andere activiteiten die een beroep op het bedrijfsleven doen: Sevilla, de Olympische Spelen, de voetbalkampioenschappen.”

Met een budget van 5 tot 6 miljoen heeft de Stichting aanmerkelijk minder te besteden dan andere landen die de afgelopen jaren zwaartepunt-land waren. Pais herinnert eraan dat het ministerie van WVC in eerdere begrotingen was uitgegaan van 16 miljoen gulden, alleen uit Nederlandse bron. Een bedrag van 10 miljoen gold lange tijd als een absoluut minimum.

Een gevolg van het beperkte budget is dat de nadruk sterk op de literatuur zal komen te liggen. Pais: “Frankfurt zal geen algemeen cultureel festival worden. Het accent ligt op schrijvers, uitgevers en drukkers. De Buchmesse is voor literatuur de grootste manifestatie ter wereld.”

Tot nu toe zijn er een paar concrete plannen. Pais: “We zitten nog voornamelijk in de brainstormingsfase.” Vast staat dat er in een oplage van enkele honderdduizenden exemplaren een gratis krant zal worden gedrukt over Nederlandse en Vlaamse literatuur, formaat Le Monde. Daarnaast brengt de Duitse uitgeverij Hanser met steun van het Nederlandse Literair Productiefonds een almanak op de markt waarin alle belangrijke nederlandstalige schrijvers sinds het begin van deze eeuw staan. Pais: “We willen laten zien dat Nederland en Vlaanderen meer te brengen hebben hebben dan kaas en bier.”

De afbakening van de nederlandstalige literatuur die op de beurs wordt gebracht is vaag. Zo zal er aandacht worden gegeven aan Friese auteurs, aan Antillianen en Surinamers, en ook aan Afrikaans schrijvende Zuidafrikanen. Pais: “al was het alleen maar omdat ze in Nederland wonen, denk aan Elisabeth Eybers.” De Friese gedeputeerde staten is om een bijdrage gevraagd. In Zuid-Afrika wil de Stichting om begrijpelijke redenen echter geen beroep op overheidsfondsen doen. Uitgevers in Zuid-Afrika zijn nog niet benaderd.

De vormgeving van de presentatie is in handen gelegd van twee particuliere bureaus. De vignetten, logo's en de huisstijl zullen worden ontworpen door het Brusselse Mega.L.Una. De standbouw wordt verzorgd door het Amsterdamse bedrijf JOWA. Over een paar maanden zullen zij hun eerste ontwerpen presenteren. In een later stadium wil de Stichting nog een bureau in Frankfurt inschakelen, met mensen die de weg kennen in het Duitse culturele leven.

De Stichting Frankfurter Buchmesse is sinds kort gevestigd in twee kamers in het Amsterdamse stadhuis. De reden hiervoor is vooral van praktische aard. Pais: “Het was niet moeilijk geweest om in het Wereld Handels Centrum te gaan zitten, maar we wilden de kosten voor overhead graag op een minimaal niveau houden. Het is hier centraal gelegen, goed geoutilleerd en niet duur.” Voordat de Stichting er in trok stonden de kamers leeg. “De gemeente Amsterdam heeft eerst een nieuw stadhuis laten bouwen om vervolgens tot de ontdekking te komen dat het niet nodig was.”

De bezetting van het bureau is minimaal. Er zijn drie personeelsleden en zes onbezoldigde bestuursleden: drie Belgen en drie Nederlanders. Pais weerspreekt de suggestie dat hij zich als Nederlander vooral zal inzetten voor de Nederlandse belangen. “Als u diep in mijn hart kijkt, zult u zien dat mijn lievelingsauteurs uit Vlaanderen komen.” De top-drie aller tijden bestaat voor hem uit Elsschot, Boon en Hugo Claus. “Die lees ik, en herlees ik, en herlees ik, steeds maar weer.”