Veertien doden bij beschieting Sarajevo

LJUBLJANA, 23 JUNI. Bij een beschieting met mortiergranaten van de Bosnische hoofdstad Sarajevo zijn gisteren ten minste 14 doden gevallen en meer dan honderd mensen gewond geraakt.

De beschieting van Servische eenheden volgde op een korte gevechtspauze die veel inwoners van de stad gebruikten om de schuilkelders te verlaten en op zoek te gaan naar levensmiddelen.

Waarnemers veronderstellen dat de mortierbeschieting een vergelding was vanwege aanvallen van de Bosnische Territoriale Verdediging (TO), moslim en Kroatische milities, op servische stellingen op de heuvels van de stad. De commandant van de VN-vredesmacht in Sarajevo, generaal Lewis MacKenzie, zei geschokt te zijn door het bloedbad. “Wanneer je het vuur van de vijand beantwoord, kies je daarvoor militaire doelen en geen burgers”, aldus de Canadese generaal. MacKenzie vroeg de strijdende partijen zaterdag te vergeefs om een 48 uur durend staakt-het-vuren in acht te nemen om de VN-eenheden in de gelegenheid te stellen het vliegveld van de stad open te stellen voor humanitaire transporten. Mackenzie zei gisteren na zijn gesprekken met de Servische leider Radovan Karadzic niet bijzonder optimistische te zijn over een mogelijke snelle opening van het vliegveld dat gecontroleerd wordt door Servische troepen.

Voor de 300.000 Sarajevcani wordt de situatie steeds moeilijker. Zij leven al weken van water en brood en wanneer zij geluk hebben slagen zij er tijdens een gevechtspauze in wat bonen en uien te bemachtigen.