"De nieuwe bondscoach kan misschien beter verjongen'; Niemand bij Oranje bereid het mea culpa uit te spreken

GOTHENBURG, 23 JUNI. De diepe ontgoocheling maakte bij de spelers van het Nederlands elftal al snel na de uitschakeling plaats voor verwijten. Zelden was er sprake van enige zelfkritiek. Flemming Povlsen noemde de confrontatie tussen de Denen en Nederland van tevoren een duel tussen David en Goliath. Dat de denkbeeldige reus werd geveld had toch een reden, maar niemand bij Oranje was bereid het mea culpa uit te spreken.

Er werd slechts in elkaars richting gewezen. Of een positiever beeld geschetst dan de realiteit eigenlijk toestond. Misschien dat alleen Adri van Tiggelen, de 35-jarige stopper die kon terugzien op opnieuw een goede wedstrijd, het recht had om harde uitspraken te doen. “De nieuwe bondscoach (Advocaat, red.) zal zich moeten afvragen of de vedetten van Milan en Barcelona het nog kunnen opbrengen om met het Nederlands elftal grote toernooien te spelen. Als dat niet zo is, kan hij beter gaan verjongen. Talent genoeg in Nederland. Zo'n speler als Aron Winter zit al vier jaar op de bank. Op een gegeven moment verdwijnt bij hem de motivatie. Er zijn internationals die misschien te veel hebben meegemaakt om zich nog beschikbaar te stellen.”

Voor Van Tiggelen zelf viel gisteren in ieder geval het doek als international. De PSV'er kan het niet meer opbrengen zich weer twee jaar door de kwalificatieronde te worstelen voor deelname aan een groot toernooi. Op het wereldkampioenschap in de Verenigde Staten zou hij bovendien 37 jaar zijn, een te hoge leeftijd om nog op dit niveau te kunnen acteren. Het Nederlands elftal kent meer spelers die het mondiale evenement in Amerika om deze reden mogelijk niet meer halen.

Zoals bijvoorbeeld de nu bijna 30-jarige Ruud Gullit, die gisteravond verklaarde wel oproepbaar te zijn voor de voorronde van het WK. En Jan Wouters die volgende maand 32 jaar wordt? Hij toonde in het Ullevi-stadion weinig sporen van emotie over het voortijdige afscheid in mogelijk zijn laatste grote toernooi. “Dit is vervelend, maar ik wil het snel vergeten. Morgen moet ik toch weer gewoon boodschappen doen. En ik ga ook nog twee weken op vakantie. Dan kan ik het ten opzichte van mijn vrouw niet verkopen om al die tijd met een sikkeneurig gezicht rond te lopen.”

Hans van Breukelen laat Dick Advocaat, de opvolger van Rinus Michels, in augustus weten of hij zijn interlandcarrière voortzet. De doelman kan record-international Ruud Krol (83 caps) overtreffen als hij het verzoek dat de nieuwe bondscoach hem heeft gedaan inwilligt. Daarvoor heeft hij nog tien interlands nodig. Het drama van gisteravond zette Van Breukelen niet aan het denken, noch was hij bereid hand in eigen boezem te steken. Bij de eerste treffer van Larsen had de laagstaande zon hem parten gespeeld. Dat de speler van Lyngby BK helemaal vrijstond was hem even ontgaan. “Ik lette te veel op de voorzet. Die bal van Laudrup ging net met een boogje over me heen.”

Over de strafschoppen had Van Breukelen voldoende informatie. Twee keer, bij Larsen en Povlsen, beroerde hij de bal met de vingertoppen. Maar dat was niet genoeg om de misser van Van Basten weg te poetsen. “Alleen over Vilfort had ik geen gegevens. Ik wist van Elstrup dat hij in Nederland (bij Feyenoord, red.) de bal vaak rechts heeft ingeschoten. Bij Christofte waren er twee mogelijkheden. Na een korte aanloop schiet hij links, bij een langere rechts. Het werd dus een korte.”

Onomwonden stelde Van Breukelen met name de vleugelspelers verantwoordelijk voor het fiasco in de eerste helft. “Op rechts kon Henrik Andersen voortdurend doorbreken. Gullit zou met hem meegaan, dat bleek een probleem. Daardoor moest Rijkaard aan die kant assisteren en ontstond er ruimte op het middenveld waar Laudrup van profiteerde. Op links hadden De Boer en Witschge hetzelfde probleem met Vilfort. Wouters probeerde nog op het middenveld te beuken. Maar hij werd overlopen.”

Het antwoord op deze beschuldigingen kwam even later van Ruud Gullit. “De middenvelders trokken te veel naar het centrum. Daardoor ontstond er in mijn rug een ruimte van veertig, vijftig meter. Dat was voor mij niet te belopen. Ik kon niet aanvallen en verdedigen te gelijk. Met Kieft in de ploeg werd het evenwicht hersteld. Toen kwam ik weer aan mijn normale spel toe.”

Afgezien van deze taktische analyses was er natuurlijk vooral het verschil in werklust dat het Nederlands elftal in de eerste helft opbrak. Van Tiggelen voelde een dag ervoor op de training al dat de scherpte was weggeëbd. “Er heerste een sfeer van: we gaan die Denen even pakken en dan de Duitsers. Daarom zijn we veel te slap begonnen.”

En Hans van Breukelen: “Na het duel met de Duitsers heeft Michels ons voldoende gewezen op het gevaar van gemakzucht. Een gewaarschuwde telt kennelijk niet voor twee. Je zag dat Brian Laudrup al in de eerste minuut zo door kon lopen.” Ruud Gullit bekeek het anders. “In de tweede helft hebben we laten zien dat de motivatie er wel was. De Denen zaten er helemaal doorheen. Het is geen schande om door strafschoppen te worden uitgeschakeld. Dat blijft een loterij. Ik ben trots op dit elftal. We zijn met opgeheven hoofd uit het toernooi gestapt.”

Marco van Basten vroeg om begrip. Uitgerekend hij, die het afgelopen seizoen een groot deel van zijn 25 treffers in de Serie A met het benutten van strafschoppen vergaarde, miste als enige vanaf elf meter. Van Basten heeft in de Italiaanse competitie vanaf de stip 26 keer raak geschoten en slechts twee keer (tegen Parma en Napoli) leverde zijn penalty geen doelpunt op. “We hadden in de verlenging moeten toeslaan”, meende hij spijtig. “De doelman dook toevallig naar de goede hoek. Of ik die strafschop wel had moeten nemen? Ik heb wel vaker in wedstrijden dat ik niet goed speelde toch gescoord uit een penalty. Wij zijn ook maar mensen. Het kan een keer misgaan. Ik voel me niettemin behoorlijk rot.”

Het wisselende optreden van Oranje in Zweden wordt toch nog redelijk beloond: alle internationals krijgen tachtig mille op hun rekening bijgestort.