Werken tussen vissekoppen en koeiedarmen

Driekwart van de Nederlandse beroepsbevolking behoort tot de wereldelite, de rest is ziek of arbeidsongeschikt. Om dat te verbeteren verdienen ook arbeidsomstandigheden meer aandacht. Aflevering 6: diervoederfabrikant Satrun Petfood.

HATTEM, 22 JUNI. Op de lopende band die nu stil staat, ligt een blok diepgevroren slachtafval. Verderop staart een vissekop van de grond naar het plafond. De rest van zijn lichaam zit een halve meter hoger aan het ijs vastgeplakt. Achter in de hal liggen kleine donkerrode plasjes - bloed blijkt later. Een grote stofzuigermond spuugt fijngemalen vlees in een bak. Ploegchef M. Hakkenhaar pakt de droge stukken vlees uit de bakken en geeft daarna een hand. De werkruimte stinkt, een ondefinieerbare geur die vaag doet denken aan smeerpâté op boterhammen.

Wie aan de produktiemedewerkers van diervoederfabrikant Saturn Petfood vraagt wat er in het bedrijf moet veranderen, krijgt geen klachten over stank of de onesthetische aanblik van darmen en andere organen. Hakkenhaar, die onder meer op de zogenaamde bliklijn werkt, meent “dat iedereen aan die geur gewend raakt”. Hij hekelt vooral de geluidsoverlast van diverse machines. En de vrouwen op de inpakafdeling zeggen unaniem dat het aantrekken van veel uitzendkrachten het meest storend is. “Net als ik iemand heb ingewerkt, is hij weer vertrokken. Als hij het al langer dan een half uur uithoudt.”

Niet bekend

Saturn Petfood uit Hattem kende vorig jaar een ziekteverzuim van maar liefst 19 procent. Dit cijfer wordt enigszins geflatteerd door het lage verzuim van administratief- en kantoorpersoneel. Op de inpakafdeling, bij voorbeeld, lag het ziekteverzuim op 31 procent.

Maters denkt dat het hoge verzuim grotendeels aan de sterk gestegen werkdruk binnen het bedrijf is te wijten. “Onze filosofie was zoveel mogelijk van de markt te veroveren en de kwaliteit van het produkt te verbeteren. Daarbij is een stukje zorg voor mens en omgeving achterwege gebleven”, zegt hij nu. Voor een deel schrijft Maters het opvoeren van de werkdruk toe aan de "Duitse' manier van leidinggeven, waar Saturn Petfood vanaf 1987 mee te maken kreeg. Toen ging het bedrijf over van de familie Benz (Melitta, koffiezakjes) naar het Duitse Stockmeyer (worsten). Maters: “We vulden zoveel mogelijk bussen en pakjes en haalden het maximum uit onze mensen. We moesten van een verliesgevende situatie naar een positief resultaat.”

Toen het kabinet in de zomer van 1991 zijn plannen voor WAO en ziektewet bekendmaakte, schrok de leiding in Hattem. Uitgerekend werd dat de plannen het bedrijf voorlopig acht ton zouden kosten. Daar was een eventuele extra premie voor bedrijven met een hoog ziekteverzuim nog niet eens in verdisconteerd. De directie in Duitsland schrok ervan en stemde in met maatregelen die het ziekteverzuim moesten terugdringen.

Een nieuwe fabriek in Bremen haalde “de druk van de ketel”, het GAK uit Zwolle ging over op bedrijfsgewijze begeleiding en de structuur van de organisatie veranderde. Persoonlijke aandacht voor uitgevallen werknemers kwam voorop te staan. Produktiemedewerkers moesten zich vanaf 1 februari ziekmelden bij de eigen ploegchef in plaats van bij “iemand van het kantoor”.

Ploegchef L. Vollering zegt zo meer inzicht te krijgen in de situatie van "zijn' personeel. Zijn collega Hakkenhaar: “Ik moet nog wel leren zowel met de ogen van de baas als met de ogen van de eigen mensen te kijken”. Op de werkvloer zegt het personeel nog weinig van de nieuwe maatregelen te merken. “Wat maakt het nou uit bij wie ik me ziek meld”, meent een medewerkster.

Ook werden kleine aanpassingen in de arbeidsomstandigheden aangebracht. Nieuwe stoelen voor achter de etiketteer-machine, een uitbreiding van de bedrijfsruimte en betere oorbeschermers. De losse oordoppen die het personeel vroeger gebruikte, vielen nog wel eens in het vlees.

Maar niet alleen de kosten noopten Saturn Petfood tot de aanpassingen. “Het werd steeds moeilijker goed personeel te vinden. Bij de uitzendkrachten stond de fabriek niet bovenaan de lijst”, zegt G. Speelma, verzuimbegeleidster bij de diervoederfabrikant. Verzekeringsgeneeskundige W. Muller zegt te zijn geschrokken van de situatie bij Saturn Petfood. Het bedrijf betrekt inmiddels twee vaste rapporteurs, een verzuimadviseur, een veiligheidsadviseur en een verzekeringsgeneeskundige van het GAK.

In een korte periode heeft het beleid toch vruchten afgeworpen. Op de inpakafdeling is het verzuim van 31,9 procent in 1991 gedaald naar 19,5 procent in maart 1992. Bij de bliklijn daalde het verzuim van 12,2 procent vorig jaar naar 10 procent in maart van dit jaar. Voor het hele bedrijf gold een daling van 19 procent naar 11 procent.

Toch is de fabriek nog lang niet klaar. Nabij de grote stoomketels, waarin bacterieën in hondevoer worden vernietigd, wordt in de zomer een temperatuur van 60 graden bereikt. Dit bij een vochtigheidsgehalte van ruim 70 procent. De blikken schuren de hele dag met het schelle geluid van ijzer tegen ijzer tegen de leiding van de lopende band aan. En het water om de machines te koelen, stroomt over de vloer.

Foto: Bij diervoederfabrikant Saturn Petfood in Hattem zitten de medewerksters op de inpakafdeling op verstelbare stoelen. (Foto NRC Handelsblad/ Freddy Rikken)