Suriname herdenkt 8-decembermoorden

AMSTERDAM, 22 JUNI. De nabestaanden van de vijftien Surinamers die op 8 december 1982 door militairen zijn vermoord, mogen hun doden dit jaar in Paramaribo herdenken. Tot nu toe hadden de herdenkingen altijd in Nederland plaats.

Dat heeft een woordvoerder van de Surinaamse president R. Venetiaan zaterdag gezegd na een ontmoeting met enkele nabestaanden in Den Haag. J. Kamperveen, wiens vader in 1982 om het leven werd gebracht, toonde zich verheugd over de toezegging van Venetiaan. “Ik denk dat wij op die dag in ieder geval een fakkeloptocht zullen houden. Misschien ook een vredesmars die dan zou moeten eindigen bij Fort Zeelandia.”

In een vraaggesprek met deze krant zegt Venetiaan dat amnestie voor de daders “natuurlijk de weg opent om de zaak verder af te doen zonder al te grote risico's voor de rust in de samenleving. Maar het is ook gebleken dat volgens sommigen amnestie niet mogelijk is. Daarom zeg ik: we zijn nog niet klaar”. Wel zegt Venetiaan: “Mijn ontmoeting met de nabestaanden alsmede de behoefte om de tienjarige herdenking dit jaar een bijzondere plaats te geven in Suriname zijn voor ons wel aanleiding er versneld aan te werken”.

De president is vanochtend teruggekeerd naar Suriname, na een bezoek van een week aan Nederland. Het officiële gedeelte van zijn bezoek werd donderdag afgesloten met de ondertekening van een raamverdrag over hernieuwde, intensieve samenwerking tussen Nederland en Suriname.