En wat doen we met Andriessen?

De banencarrousel, met Grote Benoemingen in het verschiet bij de NAVO, de Europese Commissie en nu ook nog bij de Wereldvoedselorganisatie, maakt de politici in Den Haag nerveus.

Nederland wil traditioneel een woordje meespreken in de wereld en de post van bijvoorbeeld EG-Commissaris verschaft niet alleen een hoog inkomen, maar ook veel prestige.

In de kruisgangen van het Binnenhof wordt gespeculeerd, gecalculeerd, gekonkeld. “Twaalf jaar Andriessen is wel genoeg”, vond Jan Lonink, voorzitter van de PvdA-fractiecommissie Europese Zaken. “Piet Dankert zou een goede kandidaat zijn.” Hoeveel carrièreplanning er achter deze manoeuvre zit, is niet bewijsbaar, maar Lonink en zijn mede-commissieleden Maarten van Traa en Bram Stemerdink weten al te goed dat er ook een opvolger voor Dankert moet komen als deze naar Brussel vertrekt.

Voor Dankert is de hulp van dit drietal niet de sterkste ondersteuning van zijn Europese ambities. Het is de partijtop die voor hem moet opkomen, dus fractieleider Wöltgens en partijleider Kok. Wöltgens, net terug uit Portugal, wist echter van niets, liep ook niet over van enthousiasme. “Er is slechts op verkennende wijze gesproken”, zo klonk het gedistantieerd bij de fractiekamer, waar Loninks actie enigszins honend werd afgedaan als Wichtigtuerei.

Het CDA kwam uiteraard met een tegenzet. De naam van oud-minister Gerrit Braks dook op, de voorzitter van de KRO. Een “oud verhaal”, volgens sommigen, niet in de laatste plaats aangewakkerd door Braks zelf. “Ik zit goed bij de KRO, maar mijn hart ligt toch wel in Europa”, zo had hij links en rechts laten weten. Voor Braks daagt inmiddels trouwens ook een andere hoogbetaalde Grote Benoeming op: baas van de Wereldvoedselorganisatie in Rome.

De vraag wie de volgende Nederlandse Euro-commissaris wordt, wordt beslist in Den Haag. Maar over portefeuilles wordt in Brussel gevochten. Andriessen wil alleen blijven als hij zijn zware portefeuille "externe betrekkingen' kan behouden; dat is zo'n beetje minister van buitenlandse zaken van Europa. Daarvoor moet hij in de slag met Delors en met Duitsland.

De Duitsers, die traditiegetrouw zwakke commissarissen naar Brussel sturen, zijn inmiddels wakker geworden. Na de val van de Berlijnse Muur ligt Oost-Europa aan hun voeten en klopt Oostenrijk op de EG-deur: dat zijn zaken voor een Duitser, zo vinden de Duitsers. Zij willen dus de "externe betrekkingen'.

En Delors, wat wil hij? Na een moeizaam begin met knetterende ruzies tussen "de twee baasjes' is Andriessen weer on speaking terms met de Fransman, die vanuit beide ooghoeken scherp de troon van Mitterrand in de gaten houdt. Wil Delors Andriessen in het zadel houden of het liefst een Duitser naast zich zien? Het zijn vragen die na de Europese Top van eind deze week worden beantwoord in Brussel en Bonn. De invloed van Den Haag is daar beperkt, die van Lonink nihil. (DJE)