Dichteres Anna Enquist wint met debuut Buddingh'-prijs

ROTTERDAM, 22 JUNI. Op de slotavond van Poetry International heeft de dichteres Anna Enquist (47) met haar bundel Soldatenliederen de C. Buddingh'-prijs voor debutantenpoezië gewonnen.

Enquist Soldatenliederen werd uit een kleine dertig inzendingen uitverkoren. Volgens de jury, bestaande uit Remco Campert, Neeltje Maria Min en Eddy van Vliet, was de keuze dit jaar zowel gemakkelijk als gênant geweest: gemakkelijk omdat de bekroonde bundel opviel door zijn superioriteit, gênant omdat de kwaliteit van het debuut reeds onderkend was in uitvoerige en enthousiaste recensies.

In het juryrapport werd vooral de beeld- en vormkracht van de dichteres geprezen. “Er staat wat er staat, zonder schroom wars van elk maniërisme, eerlijk en los van elk literair dogma. Een dichteres die niet bang is haar angst, pijn, twijfel, liefde en verdriet te verwoorden in zelfzekere en beklijvende beelden”.

Enquist bedankte - heel toepasselijk - met een gedicht dat ze ter ere van Poetry International had geschreven. Een kleine impressie van de afgelopen week waarin ze zichzelf zag als een spin; ''gespannen in rag, trillend tussen duizend oren''.

Na de uitreiking van de prijs kon het avondprogramma, dat als titel De nacht van de aap had meegekregen, echt van start. De dichters die aan deze slotmanifestatie deelnamen, hadden zich laten inspireren door C. Buddingh's beroemde vers De aap. Met name de eerste regel van het gedicht, “Ons naaste familielid”, was menig dichter uit het hart gegrepen.

Terwijl op het podium twee pluche gorilla's met bananen speelden, maakten de dichters zich op voor hun voordracht. De Amerikaan John Ashbery opende met een vers over de treurige status van de aap. “Tegenwoordig ziet men ze voornamelijk achter tralies, ongekleed, masturberend, tot grote vreugde van kinderen en hun ouders, en enigszins bezorgd zoekend naar vlooien”. Ashbery mocht het podium niet verlaten zonder eerst een banaan en een rode roos van de twee apen in ontvangst te nemen.

Na de “sysagte blou-apies” van de Zuid-Afrikaanse Anthie Krog was de beurt aan Lo Fu uit China. “Zijn kooi een duizelingwekkend heelal/de aap hurkt achter tralies/zijn klauwen graveren eenzaamheid”, dichtte Lo Fu. Zijn aap was ongetwijfeld de zieligste aap van de avond. Gevangen achter “duizend ijskoude armen” restte het dier niets anders dan een “ijskoude lach”.

Het aardigst aan deze avond was misschien wel de afwisseling tussen sombere, lichtvoetige, mooie en geestige gedichten. Iedere voordracht week af van de vorige en dat hield de vaart erin.

Na afloop konden de bezoekers nog napraten in de feestzaal. Omdat het de laatste avond was, had de organisatie voor een kleine verassing gezorgd. Op de tafels in de feestzaal stonden de bordjes met apenoten al klaar.

Foto: Anna Enquist: als een spin "gespannen in rag, trillend tussen duizend oren' (foto NRC Handelsblad/Maurice Boyer)