Deetman: Kamer te instabiel voor heftige debatten

Tweede-Kamervoorzitter Deetman maakt zich zorgen over de emotionele stabiliteit van Kamerleden en politieke journalisten.

Het is mooi dat Kamerleden een wat meer fiere houding innemen, minder “labbekakkerig” zijn, vond Deetman tijdens een debat de afgelopen week naar aanleiding van de eigen begroting. Maar: “Ik wijs er op dat wanneer er een wat fel debat is, vervolgens iedereen denkt dat er de volgende dag een kabinetscrisis moet uitbreken. Ik wijs er tevens op dat indien wij in deze zaal heftige debatten willen, wij daartegen emotioneel bestand moeten zijn, ook degenen die de debatten gadeslaan.”

Dat alles staat in het teken van de roep om meer levendigheid in het parlement. Het van een hoog Wiegel-gehalte voorziene begrip "labbekakkerig' was afkomstig van de VVD'er Wiebenga. “Medeleden, toon karakter!” had de behoedzame jurist ineens fier uitgeroepen: “Praat niet de kritiek van buitenaf na. Dit parlement is geen waardeloos parlement. Het is een van de betere parlementen in de wereld.”

Wiebenga weigerde dan ook zich “te laten verleiden tot modieus doemdenken en/of tot zelfbevlekking”. Tegenover de toenemende kritiek op de verambtelijking van het parlement zette hij een moreel appel: “Wij moeten wel visie tonen en karakter, besluitvaardigheid en openheid.” Dat maakte voorzitter Deetman, zoals gezegd, behoorlijk bezorgd, want hij vreest voor de parlementaire stressbestendigheid.

Vooralsnog was daar geen reden toe, want de leden van de Tweede Kamer wierpen zich vervolgens traditiegetrouw vol vuur op de details, vooral over het nieuwe onderkomen. Men sprak bijvoorbeeld over het “broeikaseffect” in het nieuwe gebouw door de falende klimaatbeheersing, het ontbreken van bordjes met brandveilige vluchtroutes, over het verschil tussen de gebruikte tekstverwerkingsprogramma's, de ontbrekende mogelijkheid voor bezoekers “om een verfrissing te gebruiken”, de slechte verstaanbaarheid in de grote vergaderzaal, de geluidsoverlast in de nieuwe werkkamertjes, enzovoorts.

Er is inderdaad veel mis in de nieuwe Kamer. Tijdens een debat de afgelopen week over fraudebestrijding tracteerde staatssecretaris Van Amelsvoort (belastingen) zijn gehoor op een geslaagde imitatie van een mafioso, door met een zonnebril op achter het spreekgestoelte te verschijnen. Anders zou hij worden verblind door een agressieve streep zonlicht, die geregeld precies op het gezicht van de spreker valt.

Het debat over de begroting liep nauwelijks uit. Niet als gevolg van ineens doorbrekende “visie en karakter”, maar simpelweg omdat niemand de voetbalwedstrijd Nederland - Duitsland wilde missen. Want welke politicus, afgezien van de mannen van de kleine confessionele partijen, zou de indruk willen wekken zich niet voor deze volkssport te interesseren? (HS)