Op reis

Taferelen die je niet kunt ontlopen: grote, in overwegend bruin uitgevoerde affiches waarop te zien is hoe twee bemodderde heren gewichtig kijkend uit een in de prut geraakte terreinwagen hangen; waarschijnlijk in Afrika.

Iedere situatie heeft haar typische manier van gewichtig kijken. Deze eist weer een andere oogopslag dan die waarin men met de Uzi geheven staat, oude wijn drinkt, aan de computer zit, op de gitaar slaat, de deodorant toepast. De vastgeraakte chauffeurs kijken zoals de moderne ontdekkingsreiziger dat moet doen nadat hij zich expres in een ongemakkelijke toestand heeft gebracht. Stanley en Livingstone keken heel anders als ze zoiets overkwam - denk ik, want ze hebben zich op dergelijke ogenblikken nooit laten fotograferen. De twee eerstgenoemden willen zeggen: wij zijn op reis, niet zoals u en uw buren op reis gaan, maar zwaar op reis. Als wij zo op reis gaan is er geen houden aan. Is dat goed begrepen?

Hetzelfde geldt, met toepassing van de nodige veranderingen, voor het computeren, het slaan op je gitaar en het drinken van eerlijke cognac. Bij het moderne genieten gaat het er tegelijkertijd om, zoveel mogelijk toeschouwers zo krachtig mogelijk aan hun verstand te brengen waar je eigenlijk mee bezig bent.

Ik kreeg een boekje in handen, Three Letters from the Andes, van Patrick Leigh Fermor. Dun, lama's en indianen op de buitenkant, ouderwets getekende kaart binnenin, veel voetnoten, onvertaalde Spaanse uitroepen, het wantrouwen gewekt. De Andes hoort nu, net als Patagonië en de Galapagos eilanden, tot de gebieden waar je je bijna niet meer kunt vertonen zonder fotograaf die vastlegt hoe je met je vierwielaandrijving in de modder vastraakt om de sigarettenverkoop te bevorderen. Bij nadere lezing bleek het een lief boekje te zijn, gevuld met het verslag van de gebruikelijke ontberingen (in slechte staat verkerende autobussen), beschrijvingen van architectuur, natuur en weersgesteldheid, bergbeklimmersavonturen en hier en daar een folkloristische of historische wetenswaardigheid. Nog heel wat voor honderd ruim gezette pagina's, helemaal niet slecht en zoals ik zei, lief, wat komt doordat de schrijver je niet tussen de regels aankijkt met die blik die ik hierboven heb aangeduid.

Twintig jaar, misschien wel langer geleden, werd de Piltdown Man ontdekt, een voorouder van de Neanderthaler en de Cromagnon die door een paar geleerden in elkaar was gezet en begraven waarna ze hem door een vakgenoot lieten ontdekken. Zoals het met dit skelet is gebeurd zou je ook een reisverhaal kunnen knutselen. Zeker, het is door Swift al ontmoedigend goed gedaan, maar ik bedoel nu iets anders. Ook geen ontdekkingsreis in de oorspronkelijke betekenis, in de loop waarvan men datgene aanschouwt waarop nog geen beschaafde sterveling voordien het oog had geworpen. Ook geen Münchhausiade. Het moet een betrekkelijk gewoon reisverhaal zijn, vol ervaringen waarop Paul Theroux het patent heeft, zodat de lezer in het begin denkt: dat komt me bekend voor. Maar dan, gaandeweg, groeit zijn verbazing. Terloops meldt de schrijver dingen waarvan hij nog nooit heeft gehoord. Het maakt hem zo nieuwsgierig dat hij er ook heen wil en dan blijkt bij de reisbureaus dat dit land in geen enkele folder voorkomt, terwijl we weten dat alle landen ter wereld wel in een folder zijn opgenomen. Het gaat dus om een reisverhaal dat een eind zal maken aan alle reisverhalen.

Het lijkt misschien gemakkelijk, maar het is heel moeilijk: iets te verzinnen en dit daarbij te voorzien van een dusdanige overtuigingskracht dat de lezer er zelf heen wil. In wezen is het natuurlijk de ultieme truc van het schrijven.

Het is bijna twee eeuwen geleden dat Xavier de Maistre, na een duel door huisarrest gedwongen, zijn stoel beklom en de reis door zijn kamer maakte: Voyage autour de ma chambre. Ik vind het altijd een beetje flauw, het verleden uit te spelen tegen het heden, maar in dit geval kan het. Deze Fransman heeft op zijn stoel veel meer beleefd dan die heren met hun vierwielaandrijving in de Afrikaanse modder.

Dat is niet de schuld van het verschil in voertuig. De chef d'équipe van het Itala-team dat meedeed aan de race Parijs-Peking-Parijs - een graaf wiens naam ik me niet kan herinneren - had al zijn reserveonderdelen al verkocht voor het startschot had geklonken. Ik heb dat altijd een respectabele manier gevonden om avonturen te veroorzaken, en daar gaat het om op reis.