De wereld van Plato

Beide hierbij gereproduceerde schilderijen van Magritte hebben dezelfde titel: La jeunesse illustrée. Het oudste van de twee, met op de voorgrond een sloot of meertje, komt uit het Musée de l'art wallon en is op het ogenblik te zien op de grote Magritte-tentoonstelling in Londen. Het is een gouache uit 1935. Het andere bevindt zich in het Museum Boymans-van Beuningen en dateert van 1937.

De twee schilderijen hebben niet helemaal dezelfde atmosfeer; het een heeft een wat dreigende hemel, het andere toont fraai zomerweer en is wat mooier van kleur. Ook de perspectieven zijn enigzins verschillend; op de ene voorstelling komt de weg van rechts, op de andere van links; van de dingen die zich op het weggetje bevinden zijn sommige elkaars spiegelbeeld, zoals de vrouwentorso en de leeuw.

Maar er zal weinig verschil van mening over bestaan dat het "hetzelfde schilderij' is. In wat ervan in het geheugen achterblijft spelen de verschillen geen rol. Wie ze op verschillende tijdstippen heeft gezien zal zich er vermoedelijk niet eens rekenschap van geven dat hij niet twee keer naar hetzelfde schilderij heeft gekeken.

Ziedaar een opvallende illustratie van mijn stelling (in mijn artikel van vorige week) dat je Magritte's schilderijen kunt reproduceren na ze eenmaal gezien en begrepen te hebben.

Iemand die dat vele malen heeft gedaan is Magritte zelf: van sommige van zijn schilderijen zijn wel drie of vier vrijwel identieke versies bekend, soms met vertaald opschrift. Zo hing er op de Londense tentoonstelling een curieuze Engelse versie van het bekende schilderij getiteld: Ceci n'est pas une pipe, nu voorzien van het opschrift: This is not a pipe, gemaakt voor een tentoonstelling in Amerika. Maar het zijn vooral deze twee varianten van La jeunesse illustrée die duidelijk maken waar het in een schilderij van Magritte om gaat¹, en hoe het begrip daarvan essentieel dezelfde voorstelling oplevert. Zo zal ook iedereen die begrepen heeft dat een vierhoek de doorsnede van een driezijdige piramide is er essentieel dezelfde tekening van maken, waarbij het het er niet toe doet of de figuur met een stok in het zand of spiegelbeeldig met rood krijt op papier wordt getekend. Hij tekent iets dat in zekere zin "bestaat', onafhankelijk van de waarnemer; je kunt als het ware gaan kijken hoe het er uitziet en zal terugkomen met hetzelfde resultaat, zoals iedereen die gaat kijken hoe bijvoorbeeld het achtste priemgetal er uitziet terug zal komen met het getal zeventien.

Wat de schilderijen van Magritte met zulke wiskundige voorstellingen gemeen hebben is au fond het Platonische. Net als priemgetallen doen Magritte's schilderijen zich aan ons (aan mij) voor als iets dat niet verzonnen, maar ontdekt is. Dat beeld van een man voor de spiegel die ook in de spiegel ruggelings wordt gezien heeft een soortgelijke eigen realiteit, het bestond al, zij het niet in materiële betekenis.

Het esthetische is de ontdekking. Het goede of schone gedefinieerd als "datgene wat ons in contact brengt met de wereld van Plato'. De ademloos makende nabijheid. "To be with Art is all we ask' (Gilbert & George).

1. In tegenstelling tot wat Magritte zelf graag beweerde is het niet te loochenen dat ook hier de voorstelling haar betekenis ontleent aan de titel. De weg het afgelegde traject in de tijd, de voorwerpen gesymboliseerde herinneringen. Zoals de meeste schilderijen van Magritte zijn ook deze twee eigenlijk symbolisch en niet surrealistisch. Maar dat is weer een ander chapiter.

Het heeft mij altijd een beetje dwars gezeten dat het auteurschap van Magritte's schilderijen niet alleen bij hem berust. Niet één vent achter de vorm, maar een hele cohorte. Maar alleen de resultaten tellen. “Magritte's enige reden om te schilderen,” heeft zijn vriend Louis Scutenaire eens gezegd, “was het oproepen van het mysterie van de wereld.” Dat blijft waar, ook al hebben Scutenaire en andere vrienden er zelf een veel groter aandeel in gehad dan algemeen bekend is.