Als Wenen zich terugtrekt; VN-bureau vestigt zich in Den Haag

GENÈVE/DEN HAAG, 19 JUNI. Den Haag krijgt vrijwel zeker de vestiging van het VN-agentschap voor controle op naleving van de chemische wapenconventie, de Organisation for the Prohibition of Chemical Weapons.

De 39 lidstaten van de Conference on Disarmament van de Verenigde Naties hebben zich vanmorgen met ruime meerderheid voor Den Haag uitgesproken. De andere kandidaat, Wenen, heeft het verzoek gekregen zich terug te trekken.

De nieuw in het leven geroepen organisatie zal uit een kleine duizend hooggeschoolde medewerkers bestaan, die in eerste instantie een gebouw aan de Laan van Meerdervoort in Den Haag betrekken. Binnen enkele jaren zal een grote kantoortoren met 18.000 vierkante meter bureauruimte voor hen worden gebouwd bij het Centraal Station.

De stad Den Haag en de Nederlandse regering hebben het afgelopen jaar zeer intensief gelobbyd om het prestigieuze VN-orgaan te krijgen. Daarbij werd bijvoorbeeld voor de eerste vijf tot zeven jaren de kantoorruimte gratis aangeboden, met inbegrip van de complete inboedel en de bureaubenodigdheden.

In de afgelopen week heeft in Genève een ware strijd plaatsgehad tussen Nederlandse en Oostenrijkse diplomaten en hun speciale adviseurs. Een van de betrokken Nederlanders sprak zelfs van een “klein oorlogje”, waarbij men trachtte de diplomaten van de 39 lidstaten voor zijn stad te winnen. Tegelijkertijd waren Nederlandse diplomaten in de hoofdsteden van de lidstaten actief om de keuze voor Den Haag te bepleiten. De belangrijkste argumenten, die voor Den Haag werden aangevoerd, waren de Nederlandse traditie in het strijd voeren tegen chemische wapens, de aanwezigheid van het Internationale Gerechtshof voor het geval er geschillen bij de naleving van de conventie optreden, de nabijheid van het Prins Mauritslaboratorium van TNO in Rijswijk, dat gespecialiseerd is in chemische toxologie en het feit dat de kosten van levensonderhoud in vergelijking met Wenen nogal wat lager zijn en in vergelijking met Genève aanzienlijk lager.

In een op dat moment niet-bindende stemming afgelopen maandagavond verkreeg Den Haag 14 stemmen, Wenen 10,5 en Genève 2,5. Dat was nog niet voldoende voor een meerderheid van 20. Bovendien was bepaald dat de afstand tussen de eerste en de tweede kandidaat zo groot moest zijn, dat van een duidelijke voorkeur kon worden gesproken. In de stemming vanmorgen kreeg Nederland meer dan de benodigde minimale meerderheid. De enige die de definitieve beslissing nog zou kunnen ophouden, was Wenen, als het zou weigeren de kandidatuur van die stad terug te trekken. In Genève werd aangenomen dat de Oostenrijkers dat echter wel zouden doen.