Socialist Amato formateur in Italië na stapje terug Craxi; Oud-minister is "onkreukbaar politicus'

ROME, 18 JUNI. De socialist Giuliano Amato, een voormalig minister van schatkist, is vanmorgen benoemd tot kabinetsformateur nadat hij gisteren de steun heeft gekregen van de christen-democraten terwijl de ex-communistische Democratische Partij van Links (PDS) een afwachtende houding aannam.

De benoeming van Amato betekent een doorbraak in de slepende kabinetsformatie, die lang is gehinderd door veto's over en weer. De socialistische leider Bettino Craxi was als kandidaat-premier afgewezen door de PDS wegens het corruptieschandaal in Milaan, en ook de christen-democraten aarzelden over Craxi.

Voorstellen voor een niet-socialistische formateur stuitten op een veto van Craxi. Deze trok gistermorgen zijn kandidatuur in en gaf president Scalfaro een lijst van drie mogelijke kandidaten uit zijn partij, onder wie Amato.

Verwacht wordt dat binnen een paar dagen duidelijk zal zijn of de formatiepoging slaagt en of Amato premier wordt van het 51ste kabinet na de oorlog. President Scalfaro, die vorige week had gewaarschuwd dat de situatie “buitengewoon ernstig” is, zei dat de nieuwe premier drie hoofdtaken heeft: aanpak van het enorme begrotingstekort, strijd tegen de mafia, en optreden tegen corruptie, in wat hier “de morele kwestie” wordt genoemd.

De 54-jarige Amato geldt als een vertrouweling van Craxi en was tijdens diens premierschap van 1983 tot 1987 Craxi's rechterhand, als staatssecretaris van de premier. In de twee jaren daarna heeft hij als minister van schatkist vergeefs geprobeerd het begrotingstekort aan te pakken. Veel economische saneringsplannen sluiten aan bij de lijnen die hij toen heeft uitgezet maar die de toenmalige kabinetten niet wilden en konden invullen.

Amato heeft zich ook binnen en buiten de partij veel respect verworven als een onkreukbaar politicus. Vorige maand stuurde Craxi hem naar Milaan om daar orde op zaken te stellen in de door het corruptieschandaal aangetaste partij-afdeling, die werd geleid door zijn zoon Bobo Craxi.

Het was vanmorgen nog onduidelijk wat voor kabinet Amato nastreeft. De christen-democraten hebben gezegd dat zij Amato zullen steunen bij diens formatiepoging. Partijleider Arnaldo Forlani beloofde “maximale collaboratie en loyale participatie”. De twee kleine regeringspartijen, liberalen en sociaal-democraten, hebben ook hun steun toegezegd.

Omdat de basis voor voortzetting van de voorgaande vier-partijencoalitie als te smal werd gezien, hebben de christen-democraten aangedrongen op een brede coalitie die gesteund zou worden door de PDS. Craxi heeft gezegd dat hij als premier niet met de PDS wil regeren.

De PDS stelt zich afwachtend op. De partij had vorige week gezegd dat een premierschap van Craxi “een tragedie” zou zijn omdat hiermee de roep om politieke verandering en morele vernieuwing zou worden genegeerd. Dat Craxi zijn aspiraties heeft moeten opgeven, wordt gezien als een politiek succes van de PDS.

PDS-leider Achille Occhetto heeft gezegd dat hij Amato zal beoordelen op zijn programma, maar waarschuwde dat zijn partij zich zal verzetten tegen een poging om de oude vier-partijencoalitie nieuw leven in te blazen.

Amato zal waarschijnlijk proberen de steun te krijgen van de kleine Republikeinse partij, die twee jaar geleden voor de oppositie heeft gekozen na jarenlang te hebben deelgenomen aan verschillende coalities. De protestpartij Lega Nord heeft al gezegd dat zij in de oppositie zal blijven.

De aanstelling van Amato als formateur betekent dat Craxi zijn politieke nederlaag zoveel mogelijk heeft beperkt, door toch een socialistische kandidaat benoemd te krijgen. Craxi was voorbestemd om premier te worden, maar de beschuldiging dat hij politieke gunsten heeft verleend aan een corrupte Milanese bestuurder in ruil voor financiële steun bij de verkiezingscampagne voor zijn eigen zoon, heeft zijn prestige zwaar aangetast.

Voor het eerst sinds hij in 1976 de partijleiding overnam, staat Craxi's positie serieus ter discussie. Dissidenten als vakbondsleider Ottaviano Del Turco en Enrico Manca, ex-president van de staatsomroep Rai en aspirant-minister van cultuur, hebben openlijk gesuggereerd dat het tijd wordt voor een wisseling van de macht en pleiten voor een bijzonder partijcongres. Dergelijke uitspraken weerklinken als donderslagen binnen de partij, waar Craxi heerste als in een absolute monarchie.

Zijn positie is verder aangetast doordat de christen-democraten duidelijk maakten dat zij Craxi niet meer de steun van heel de partij konden garanderen. De afgelopen weken zijn de centrifugale krachten binnen de christen-democraten sterker geworden, en van verschillende kanten is voorgesteld een nieuwe, meer vernieuwingsgerichte partij op te richten.

De felle interne discussie maakte duidelijk dat een "oude' kandidaat van eigen huize, zoals Arnaldo Forlani, Giulio Andreotti en in iets mindere mate Ciriaco De Mita, voor het vernieuwingsgezinde deel van de partij niet meer aanvaardbaar zou zijn.

Giovanni Goria, minister van landbouw, kwam eind vorige week fel in botsing met ex-premier Ciriaco De Mita na een opmerking dat de christen-democratische stemmen uit het noorden van Italië meer waarde hebben dan die uit het zuiden, met de suggestie dat ze in het zuiden zijn gekocht.

Ex-Milanvoetballer Gianni Rivera, aanhanger van de politieke vernieuwingsbeweging van Mario Segni, heeft gezegd dat de DC zoals zij nu is, niet in staat is hervormingen door te voeren. Hij zei dat het beter zou zijn “een andere DC te maken die zich meer bezig houdt met de belangen van de mensen”. Segni zelf heeft steeds geaarzeld om uit de partij te stappen, uit angst dat zijn politieke gewicht dan aanzienlijk zou verminderen.