"Slecht' voorjaar voor hooikoortslijders; Aantallen pollen tien tot vijftig keer hoger dan normaal

ROTTERDAM, 18 JUNI. Niesbuien, opgezette slijmvliezen, branderige ogen, soms astma-aanvallen, regelmatig medicijngebruik, binnenblijven en een beroerd gevoel. Het zijn de ongemakken waar hooikoorts-patiënten dit mooie voorjaar extra last van hebben.

Naar schatting heeft vier tot zes procent van de Nederlandse bevolking in meer of mindere mate last van hooikoorts. Voor hooikoorts moet je aanleg hebben en in contact komen met de allergieverwekkers. De boosdoeners zijn de in groten getale ronddwarrelende zaadjes van grassen en sommige bomen, zoals de eik, de els en de berk.

Omdat het weer de klachten beïnvloedt - meer last bij droog, zonnig weer en minder bij regen - betekent dit voorjaar voor veel patiënten een verergering van de klachten. Exacte cijfers over een toename van het aantal patiënten door het mooie weer zijn er niet. Er is geen landelijke registratie van hooikoortspatiënten, maar volgens dr. J.H. Dijkman, hoogleraar longziekten aan het Academisch Ziekenhuis Leiden (AZL), “zijn er dit jaar in ieder geval meer mensen die klachten hebben, of mensen die nu veel last hebben, terwijl zij dat in andere jaren niet of nauwelijks hadden”.

De afdeling longziekten van het Leids Academisch Ziekenhuis meet met een speciale pollenteller - een kastje op het dak van het ziekenhuis - het hele jaar door de hoeveelheid pollen in de buitenlucht. Volgens een medewerkster was vorige maand vooral de eik de grote boosdoener, daarna de den.

Dijkman: “Het dagelijks gemeten aantal pollen in de buitenlucht is inmiddels gestegen naar tien tot vijftig maal het normale peil. Worden er anders in deze periode enkele tientallen pollen gemeten, de aantallen lopen nu in de vele honderden.” De afdeling stelt vanaf begin mei tot half juli een speciaal hooikoortsweerbericht op, dat dagelijks wordt uitgezonden op Teletekst en op Radio 5, vóór het nieuws van zes uur.

Wanneer de periode van hooikoorts begint en wanneer zij eindigt is nooit precies te bepalen. Dijkman: “Half april beginnen de bomen, eerst de els, dan de berk en daarna de grassen. Maar door het mooie voorjaar en de zachte winter bloeit alles zo'n 14 dagen vroeger dan andere jaren en bloeit er veel tegelijk. Bovendien valt er weinig regen, dus de zaadjes blijven dwarrelen en komen niet op de grond terecht. We zijn nu wel over het hoogtepunt heen, de bloei van de bomen loopt terug, maar de bloei van de grassen nog niet. De ervaring leert dat de last voor hooikoortspatiënten ongeveer medio juli weer voorbij is.”

De bloei van de grassen veroorzaakt met name bij droog en zonnig weer bij hooikoortspatiënten ontstekingen aan ogen, neus en keel met jeuk, niezen en afscheiding als gevolg. Niet iedereen heeft dezelfde verschijnselen. Een 32-jarige lijdster aan hooikoorts beschouwt zichzelf als een licht geval: “Ik heb het alleen 's ochtends erg, bij het wakker worden. Maar als ik op mijn werk kom is het voorbij. Ik moet alleen wel de hele dag een zakdoek in de buurt houden.” Een andere patiënte: “Het is dit jaar een echte ramp. 's Morgens vroeg nog voor het opstaan begint de ellende al; binnen een paar minuten loopt het water uit m'n ogen, heb ik een loopneus en moet ik vreselijk niezen. Overdag regelmatig pillen slikken en oogdruppels gebruiken om het een beetje draaglijk te houden en 's nachts soms piepend in bed door een astma-aanval. Een vakantie aan zee bracht ook geen verlichting; er stond een landwind.”

“Er zijn wel medicijnen waar mensen goed op reageren, maar het werkt allemaal maar tijdelijk. Je moet vroeg in het seizoen beginnen met slikken, en dat regelmatig blijven doen. We zijn nog steeds op zoek naar een blijvende oplossing”, aldus dr. Dijkman.

Professor P.H. Dieges, allergoloog van het Rotterdamse Dijkzigt-ziekenhuis, adviseert om al half mei te beginnen met medicamenten, ongeveer een week voordat de pollen in de lucht verschijnen. Na half juli kan de dosering langzaam worden verminderd. Hij ziet deze weken veel patiënten die hij al jaren niet meer op het spreekuur heeft gezien. Dieges: “Ze konden andere jaren volstaan met alleen tabletten, nu is dat niet meer voldoende. Naast de gebruikelijke medicijnen zijn nu ook oogdruppels en neussprays noodzakelijk. Bij ernstige gevallen van hooikoorts kan een langdurige behandeling met injecties met graspollenextract de klachten verminderen, maar het lukt meestal niet om de klachten totaal te laten verdwijnen.”

Niet bekend