Econo(m/v)ie.

Volgend jaar wordt in Amsterdam een internationale conferentie gehouden over sekse - het man of vrouw zijn - en economie. Men wil nagaan welke invloed sekse heeft of heeft gehad op de vorming van economische theorieën en op het economisch onderzoek. De organisatie is in handen van de vakgroep Emancipatie-economie van de Universiteit van Amsterdam.

Het lezen van zo'n aankondiging zet je als econoom aan het denken. Het roept een aantal vragen op. Maakt de economische theorie onderscheid tussen de seksen? Helpen de resultaten van economisch onderzoek de emancipatie van de vrouw? Of bevestigen ze juist een systeem waarin de vrouw nog steeds met moeite aan de bak komt?

Laten we bij de eerste vraag beginnen: is de economische theorie sekseneutraal? Volgens mij 100 procent; zij is zelfs volkomen sekseloos. Economie houdt zich bezig met mensen, ongeacht of ze man, vrouw, jong of oud zijn. Mensen die wensen hebben. Veel, heel veel wensen. Die willen ze vervuld zien en als ze aan de slag gaan om die wensen te vervullen, merken ze dat ze over beperkte middelen beschikken.

Bij "middelen' hoeven we niet meteen aan geld te denken. Tijd kan ook. De tijd die we beschikbaar hebben, is begrensd. Er gaan maar 24 uur in een etmaal en we zijn niet onsterfelijk. Wil je meer uren besteden aan bijvoorbeeld museumbezoek, dan gaat dit onherroepelijk ten koste van andere dingen die je ook zo graag wilt. Je moet steeds kiezen hoe je het beperkt beschikbare aantal uren - de schaarse tijd - verdeelt over alle wensen. Economie gaat over mensen die met beperkt beschikbare middelen proberen hun wensen te vervullen, hun behoeften te bevredigen. Dit wordt ook wel het streven van mensen naar welvaart genoemd.

Als je dit zo leest, is er dan een onderscheid tussen mannen en vrouwen opgedoken? Ik kan het niet vinden. Zijn er vrouwenwensen tegenover mannenwensen? Ongetwijfeld. Er zijn typisch vrouwelijke behoeften en typisch mannelijke. Maar ook binnen de groep vrouwen en binnen de groep mannen verschillen de behoeften. Iedereen heeft zo zijn eigen behoeften. De economische theorie houdt zich met de inhoud van die behoeften niet bezig. De wensen zijn voor die theorie een gegeven uitgangspunt. Bij welk mens of welk geslacht ze ook horen.

Zijn er dan misschien in de rest van het begrippenapparaat waarvan de economie zich bedient dingen geslopen die haar niet sekseneutraal maken? We zagen al dat je aan schaarste, behoeften, middelen en kiezen niet kunt zien of het over mannetjes of vrouwtjes gaat.

De term "huishoudingen' misschien? Of consumeren, produceren, arbeid, natuur, kapitaal, produktiefactoren, krediet, rente? Wie het ziet, mag het zeggen. Mij lijken ze volkomen sekseloos.

Wacht, misschien zouden we de economie dàt juist moeten verwijten - dat zij niet uitdrukkelijker aandacht schenkt aan de wensen van vrouwen. Wensen die in deze samenleving nogal eens in de verdrukking komen. Emancipatie is immers het uit de verdrukking halen van mensen of groepen die daarin zitten. Zou de economische theorie met meer verve de emancipatie (van de vrouw) moeten helpen bevorderen? De term "emancipatie-economie' doet vermoeden dat het die kant op moet.

Als dit het probleem zou zijn, moeten we oppassen. Dan gaan we op dun ijs schaatsen. Want nu komt de vraag naar voren wat wetenschap eigenlijk is en doet. De algemeen gangbare opvatting is dat wetenschappers willen weten. Ze willen weten hoe de dingen in elkaar steken. En om dat uit te zoeken, blijven ze steeds opnieuw "hoe zit dat en waarom?' vragen. Ze zijn bezig verschijnselen te analyseren (uiteen te rafelen). En om dat onbevangen te kunnen doen, moeten ze vrij zijn. Niemands knecht. Niet van de Shell, niet van de FNV, niet van Greenpeace en niet van enige emancipatiebeweging. Uit wetenschappelijk onderzoek kunnen immers wel eens resultaten naar voren komen die heel vervelend zijn voor mensen of groepen in de samenleving. De wetenschap moet de vrijheid hebben ook die resultaten naar voren te brengen. Zonder het gevaar te lopen dat zij als boodschapper om zeep wordt gebracht omdat de boodschap niet beviel. Zodra wetenschappers recepten gaan geven, gaan vertellen hoe het moet in plaats van hoe het is, zit er een luchtje aan. Dan gaan wetenschappers op de stoel van politici zitten.

Maar emancipatie van de vrouw is toch een goede zaak? Waarom zou de economie daar niet aan bijdragen? Economen zouden toch hun onderzoek kunnen richten op economische kanten van het doen en laten van vrouwen in onze samenleving? Hun resultaten kunnen ze dan beschikbaar stellen aan onder andere emancipatiebewegingen.

Akkoord, nadat de samenleving heeft vastgesteld dat emancipatie van de vrouw wenselijk is, kan de economie mogelijkheden onderzoeken om die wens te vervullen. Als meer vrouwen hun eigen inkomen willen verdienen, zijn er onder andere meer kinderdagverblijven nodig. Een econoom zou een kosten-baten berekening kunnen maken van bijvoorbeeld een verdubbeling van het aantal kinderdagverblijven. Hij kan ook andere oplossingen voorstellen en doorrekenen. Maar het is uiteindelijk de samenleving die moet kiezen voor het een of voor het ander.

Het doel "emancipatie' kan de economie niet uit zichzelf ophoesten. Wetenschap kan geen doelen formuleren. Zij onderzoekt alleen de alternatieve paden die tot het gegeven doel zouden kunnen leiden.

Waar zouden ze op die internationale conferentie mee voor de draad komen?