De parameters van de meidenwereld

Internationaal Meidenfilmfestival "Alice in Wonderland'. Amsterdam, Kriterion. 18 t/m 25 juni.

"Over de leefwereld van meiden in de leeftijd van 13 tot 21 jaar is nog steeds weinig te zien in de bioscoop', zo luidt de stelling van filmdistributeur Cinemien ter introductie van een acht dagen beslaand mini-festival in een Amsterdamse bioscoop. In aansluiting op een wetenschappelijke conferentie aan beide hoofdstedelijke universiteiten ("Alice in Wonderland. First International Conference on Girls and Girlhood: Transitions and Dilemmas') worden negentien nieuwe en reeds bekende speelfilms vertoond, die de vermeende leemte moeten vullen.

Nu valt op genoemde stelling wel het een en ander af te dingen. Toevallig gingen vorige week nog twee Hollywoodfilms (The Man in the Moon en My Girl) in Nederlandse première die precies het terrein bestrijken van de seksuele initiatie en de moeizame relatie met de ouders van jonge tienermeisjes. Het filmblad SKOOP wijdde in het laatste nummer zelfs een overzichtsartikel aan dit zogenaamde "coming of age'-genre. Statistisch bezien gaan die veelal semi-autobiografische films vaker over jongens dan over meisjes, maar er zijn in de wereld ook heel wat meer mannelijke dan vrouwelijke regisseurs.

In het algemeen gesproken is het grootste probleem van het huidige bioscoopaanbod niet dat er te weinig te zien valt over de leefwereld van tieners. Een groot deel van de potentiële bezoekers valt immers in die leeftijdscategorie. Je zou hoogstens kunnen wijzen op het misverstand dat 13 tot 21-jarigen (m/v) het liefst zouden kijken naar de belevenissen van hoofdpersonen die ook naar een eigen identiteit graven. Eerder zoeken ze in de bioscoop naar helden, waarmee ze zich kunnen identificeren. Een "coming of age'-film wordt per definitie gemaakt door een oudere, die zich die moeilijke periode herinnert, met nostalgie, bitterheid of doorgaans een mengeling van beide. Daarom sluit Rambo of Sissi misschien beter aan bij de leefwereld van pubers dan een film over de herinnerde vlegeljaren van een regisseur, die zijn verleden koestert, weegt en van zich af schudt.

Het "Internationale Meidenfestival" in Kriterion richt zich nadrukkelijk op jongeren. De catalogus geeft in korte zinnen en zonder moeilijke woorden samenvattingen van de inhoud, die daardoor gesimplificeerd wordt tot de flaptekst van een Witte Ravenpocket. Het nobele, maar niet erg doordachte streven het programma te richten op deze doelgroep is waarschijnlijk niet van toepassing op het bijbehorende wetenschappelijke congres.

Ongeacht deze overwegingen zijn er natuurlijk wel een aantal aardige films te zien. De thema's variëren van verkrachting (Not a Pretty Picture en Shame), incest (De ontkenning) en het uithuwelijken in niet-westerse culturen (Boulevards d'Afrique en Julia's geheim) tot onverwachte meisjesvriendschappen (Rohmers Quatre aventures de Reinette et Mirabelle, Times Square en Old Enough) en lesbische relaties (Koekoekskinderen en Nocturne). Meer kenmerkend voor de universele problemen van opgroeiende meisjes zijn de films waarin de eerste seksuele ervaring na een verzengend verlangen op een teleurstelling uitloopt. Herkenbaar is bij voorbeeld de relatie met een oudere man, zoals in Nouchka van Brakels nog steeds even charmante en wijze eerste speelfilm Het debuut (1977) en de grimmige, van een heel andere toon getuigende 36 fillette van Catherine Breillat uit 1988. Een 14-jarige, stevig uit de kluiten gewassen meid verveelt zich op de camping bij Biarritz en verleidt half-bewust een veel oudere BMW-rijder. Maar op zijn hotelkamer komt ze tot andere gedachten en bindt hem nog meer aan zich door bij nader inzien haar maagdelijkheid te verdedigen. Vooral de intens waargenomen lichaamstaal, de tegenstrijdigheid in de blikken en gebaren van Delphine Zentout en Etienne Chicot, maken 36 fillette tot een intrigerende, maar moeilijk te verteren verslag van een onoplosbaar seksueel gevecht: niet bepaald een film voor schuchtere pubermeisjes.

De openingsfilm (alleen voor genodigden) van de week is ook nogal heftig voor al te jonge toeschouwsters. Hjälten (The Hero) van de Zweedse Agneta Fagelström Olsson laat de wrede wereld zien van een in 1965 17-jarige rebelse meid. We komen volgende week bij de première - het is de enige nieuwe festivalfilm die in roulatie komt - op de tegendraadse kwaliteiten van Hjälten terug. Evenals in 36 fillette wordt in de Zweedse film slechts terloops aandacht besteed aan de relatie van de hoofdpersoon tot haar moeder. Terwijl vaders, oudere minnaars, vriendjes en vriendinnen de parameters vormen van de meidenwereld, zijn de moeders hooguit als marginale zeurpieten de moeite van het vermelden waard. Ook in dat opzicht geven de films uitsluitend een adequate weergave van de herinnerde werkelijkheid.