De papierlawines van grenzeloos Europa

De Europese binnengrenzen zullen volgend jaar vergaan, maar de BTW blijft tot 1998 bestaan. En de controle op betaling ervan ook - per computer. Of de nieuwe systematiek feilloos werkt, wordt betwijfeld.

Als "Europa zonder grenzen' ergens direct nut zal afwerpen, dàn in de drukkersbranche. Vóór 1 januari 1993 moeten alle im- en exportbedrijven in de Europese Gemeenschap nieuwe facturen laten drukken. Daarop moet voortaan verplicht hun BTW-nummer zijn vermeld, dat voor Nederlandse ondernemingen zal worden voorafgegaan door de afkorting NL. Het is wellicht de grootste drukorder die ooit door enige overheid is opgelegd.

Ieder bedrijf dat zaken met andere EG-landen doet, moet volgend jaar bovendien als database voor àlle twaalf belastingdiensten uit de de Gemeenschap kunnen fungeren. In heel Europa wordt iedere exporteur verplicht per kwartaal aan de fiscus precies op te geven hoeveel precies aan welk EG-land is geleverd. Per 1 januari moet iedere bedrijfsadministratie op deze nieuwe verplichting zijn ingesteld. Als één van de twaalf belastingdiensten de opgaven niet vertrouwt, dan moet ieder bedrijf precies kunnen opgeven met welke afnemer in de EG is gehandeld en hoeveel BTW daarmee was gemoeid.

Om deze informatie-explosie enigszins binnen de perken te houden, is afgesproken dat na 1 januari 1993 binnen de EG geen handel meer mag worden gedreven zonder dat de ondernemers elkaars BTW-nummer vermelden op hun facturen. Om zekerheid te krijgen over de vraag of de handelspartner een belastingplichtige ondernemer is, moet dat nummer van tevoren via een computernetwerk van de fiscus zijn gecontroleerd. Zo krijgt handelen binnen de EG volgend jaar iets van betalen met bankpas en PIN-code: alleen als het nummer klopt, kan een transactie volgen.

Wie denkt dat de overheid met het opheffen van de grenscontrole een beslissende stap terugdoet, heeft het mis. Het is één van de aardigste ficties van de EG dat Europa in 1993 inderdaad geen grenzen meer zou hebben. De verplichting om BTW te betalen in het land waarvoor de geëxporteerde goederen zijn bestemd blijft zeker nog tot en met 1997 bestaan. De controle daarop dus ook.

De grenscontrole wordt in 1993 niet opgeheven maar slechts verlegd, en wel naar het bedrijf zelf, zo plegen fiscalisten te zeggen die de nieuwe BTW-overgangsregeling van Brussel doorgronden. Het komt erop neer dat, in plaats van controle door douaniers aan de slagboom, de fiscus voortaan aan de bron zelf komt controleren: in de boekhouding van de ondernemers. Het zijn de voorraad- en orderadministrateurs van het Europese bedrijfsleven die straks de prijs betalen voor een vlotter transport in een Europa zonder grenzen.

Met de "liberalisering' van de im- en export gebeurt zo precies hetzelfde als met het "vrije' personenverkeer: de grensbewaking komt naar U toe, volgend jaar! Het controleren van vreemdelingen bij de slagboom wordt immers overgenomen door "vliegende brigades' van marechaussees in het binnenland. De locale vreemdelingendiensten krijgen er nieuwe controletaken bij. De drang om iedere burger van een identiteitsbewijs en een legitimatieplicht te voorzien wordt er steeds groter door. Aan een Europees computersysteem met een internationaal opsporingsregister wordt al tijden gesleuteld. Wat moet een nationale overheid met een fraude- of criminaliteitsprobleem anders, zolang er geen centrale Europese politie of fiscus bestaat?

Bij het "vrije' handelsverkeer gebeurt iets vergelijkbaars - de twaalf nationale overheden moeten het ook daar hebben van samenwerking, uitwisseling en uniformering van nationale procedures en gegevens. Het Europa-zonder-grenscontrole wordt een Europa waar iedere lidstaat op eigen grondgebied controles moet uitvoeren namens de andere elf. Het is de paradox van grenzenloos Europa - de controledichtheid kan er enorm door groeien.

Aan een computersysteem waarmee de Europese belastingautoriteiten alle handelstransacties kunnen controleren wordt al gewerkt. Het zal Value added tax Information Exchange System gaan heten, afgekort tot VIES. De binnenlandse belastingdiensten krijgen er taken bij, vooral in de vorm van controleverzoeken van uit andere lidstaten. Wat het gele oormerk is voor het kalf en het identiteitsbewijs voor de burger, wordt straks het Europese BTW-nummer voor de ondernemer.

Pag 14: Europa's binnengrenzen vergaan maar BTW blijft bestaan

“De douane wordt "geprivatiseerd' en haar werk wordt overgenomen door de ondernemingen. Nu we de invoering van het nieuwe BTW-stelsel voorbereiden, hoor ik ondernemers wel zuchten - hadden we die goede oude grenzen nog maar”, zegt secretaris fiscale zaken mr. A.J.M. Timmermans van het VNO. Het curieuze is namelijk dat het stelsel inhoudelijk niet verandert. BTW moet ook straks nog gewoon worden betaald in het land waarvoor de goederen zijn bestemd. Dat de begrippen "import' en "export' straks binnen de EG feestelijk worden afgeschaft en vervangen door de lelijke begrippen "intra-communautaire leveringen en verwervingen”, noemt Timmermans niet meer dan "een semantische truc'.

Wat wel verandert, is de positie van de Europese ondernemers - die wordt een heel stuk onduidelijker. Hun administratieve rompslomp groeit aanzienlijk en daarmee wordt de kansen op "ongelukjes' groter. Ondernemers moeten voortaan kunnen bewijzen dat goederen naar een andere lidstaat zijn gegaan, dat zij hebben gehandeld met één BTW-ondernemer in een andere lidstaat. De exporteur moet aantonen dat de bestelling door hem is afgeleverd. De importeur moet het conform in zijn administratie hebben opgenomen. Maar wie aansprakelijk is bij fouten of fraudes, is nog lang niet in alle gevallen duidelijk.

Nu fungeert de grens nog als waterscheiding - wie (in het eenvoudigste geval) daar zijn documenten heeft laten stempelen, is klaar. Het kan de Nederlandse fiscus niets schelen wat er voorbij Wuustwezel met de vracht gebeurt. Dat wordt straks anders. Ontvanger en leverancier geven voortaan ieder aan hun eigen nationale fiscus op met wie en voor welke waarde er is gehandeld. Het is de bedoeling dat de nationale belastingdiensten deze gegevens uitwisselen en vergelijken, via het VIES-netwerk. Zo kunnen ze controleren of de export en import op elkaar aansluiten en de BTW in het juiste land is betaald. Het is de vergelijking van deze zogeheten "listings' van de leveranciers met de aangiften van de importeurs die het steekproefsgewijs controleren van vrachtruimen door de douane zal vervangen. De controle van de listings is tevens het enige middel waarmee de fiscus nog BTW-fraudes aan het licht kan brengen.

Op die manier ontvangt de Nederlandse fiscus opgaven uit elf andere lidstaten - uit Italië, Spanje en Denemarken hoort de fiscus voor welke bedragen bijvoorbeeld een Nederlandse bloembollenexporteur in die landen heeft verhandeld. Die bedragen worden opgeteld en vergeleken met de totaal-opgave van de bollenhandelaar in Nederland. Komen de bedragen overeen, dan is er niets aan de hand. Maar o wee, als er sprake is van een "mismatch'. Eerst wordt dan gekeken met welk land de discrepantie bestaat. Daarvoor wordt aan de ondernemer een specificatie gevraagd.

Stel nu dat de Spaanse fiscus opgeeft dat er veel meer transacties met de bollenhandelaar bekend zijn dan het bedrijf hier opgeeft. Dan moet de Nederlandse fiscus bij de Spaanse fiscus navragen met welke individuele importeurs aldaar de het bedrijf zaken deed. Die gegevens worden vergeleken met de opgave van het Nederlandse bedrijf - de bloembollenboer moet precies opgeven met welke Spaanse bedrijven zaken zijn gedaan. Pas dan wordt duidelijk bij welke Spaanse transacties het verschil zit. Vervolgens kan aan de Spaanse fiscus worden gevraagd die importeur een controlebezoek te brengen. Dan beginnen de problemen pas goed. Is er alleen een telfout gemaakt? Misschien door de bollenboer, wellicht door de Spaanse importeur of misschien door de Spaanse of Nederlandse fiscus? Zijn er geen koersverschillen in de berekeningen geslopen? Hebben beide ondernemers dezelfde transactie wel in hetzelfde kwartaal verantwoord? Is er diefstal in het spel en wie is er dan verantwoordelijk? Dergelijke onderzoeken kunnen gemakkelijk maanden duren.

Het is niet ondenkbeeldig dat beide bedrijven bewijzen dat ze voorafgaand aan hun contract naam en BTW-nummer van hun handelspartner via de computer controleerden. Beide bedrijven tonen bovendien een sluitende boekhouding - de bollenhandelaar kan de uitvoer met vrachtbrieven en betalingen bewijzen, de Spaanse importeur verantwoordt in zijn administratie hoeveelheid en waarde van het verworven goed. Welke belastingdienst mag dan naheffen over de verschillen tussen de opgegeven Spaanse "verwervingen' en de Nederlandse "leveringen'? De Spaanse fiscus omdat hij aanneemt dat de Spaanse importeur heeft vergeten BTW voor de import aan te geven? Of de Nederlandse belastingdienst omdat ze de bollenhandelaar ervan verdenkt dat hij zijn Spaanse levering helemaal niet heeft uitgevoerd, maar stiekem onbelast op de Nederlandse binnenlandse markt bracht?

Belastingspecialist Timmermans van het VNO vreest door dit soort geschillen een "eindeloos gekeuvel' tussen de belastingdiensten van de lidstaten. Als de lidstaten ergens moeite mee hebben, dan is het wel het afstaan van hun "fiscale souvereiniteit', zo merkt hij op. Binnen Europa is nog steeds geen sluitende arbitrage-procedure in geval van dreigende dubbele heffing op het gebied van de vennootschapsbelasting.

Hij meent dat “bedrijven die naam en BTW-nummer van hun handelspartner via de computer checken en aantonen dat er aan een andere lidstaat is geleverd, gedisculpeerd moeten zijn”. Maar hij erkent tegelijkertijd dat zó vergaand vertrouwen op het BTW-computersysteem alleen reeël is als alle twaalf lidstaten voortdurend hun nummerbestanden "schoon' en up-to-date houden. “Dat is wel mogelijk, hoor. Kijk maar naar credit-card maatschappijen”. Ook die kunnen voortdurend namen en nummers controleren op betrouwbaarheid - zo zou het BTW-netwerk ook moeten functioneren. Wie bevestigd krijgt dat naam en nummer inderdaad van een bonafide belastingplichtige onderneming in een andere lidstaat zijn, zou de garantie moeten hebben dat hij met een gerust hart onbelast (met het nultarief) kan uitvoeren. Waarna de aansprakelijkheid voor "mismatches' bij de fiscale afhandeling niet meer bij hem moet rusten, zo vindt het VNO.

Maar tussen de doelmatigheid van American Express en sommige belastingdiensten in sommige lidstaten gaapt een behoorlijke kloof, geeft Timmermans toe. Het is niet ondenkbaar dat malafide bedrijven lang genoeg in BTW-nummerbestanden opgenomen blijven om Nederlandse ondernemers te kunnen duperen. Dat zou immers kunnen leiden tot talloze "mismatches' en daarmee tot vele extra controles door de fiscus. Nederlandse fiscus noch Nederlands bedrijfsleven zitten daarop te wachten.

De omvang van de gegevensstroom die het Europese fiscale controle-circus zal genereren kan intussen moeilijk worden onderschat. Niet alleen de controle aan de Nederlandse grens wordt immers "verlegd' naar de boekhouding, àlle Europese grenscontroles waarbij Nederlandse ondernemers zijn betrokken worden verlegd. De projectgroep Intra Communautaire Transacties van de belastingdienst verwacht zo ieder kwartaal van ongeveer 36.000 Nederlandse exporteurs via het VIES-netwerk ongeveer 1 miljoen "informatieregels' te ontvangen. Daarmee wordt gedoeld op de "listings' van totaal-bedragen in de handel met buitenlandse afnemers. Uit de andere elf lidstaten verwacht de fiscus ieder kwartaal “enige honderdduizenden beweringen” te onvangen van ongeveer 70.000 buitenlandse importeurs die met Nederlandse exporteurs zaken deden.

Tegenover alle verzuchtingen in het bedrijfsleven over de nieuwe administratieve procedures die gaan komen, staat toch ook tevredenheid over het wegvallen van de controles aan de grens, de lange wachttijden en de kosten van de particuliere douane-expediteurs. “Zestig miljoen douanedocumenten worden per 1 januari overbodig”, zei Commissaris Scrivener vorige maand in Brussel, bij de presentatie van de Handleiding BTW-1993 die het de ondernemer allemaal uit moet leggen. En voor het einddoel van het Europa zonder grenzen zijn de ondernemers wel tot een enkel administratief offer bereid. De Gemeenschap standaardiseert immers ook kwaliteitsnormen en de produktievoorschriften van de goederen en diensten waardoor geleidelijk één markt met 320 miljoen consumenten ontstaat. Dat ondernemend Nederland in ruil daarvoor z'n boekhouding totaal moet omgooien, wordt daarvoor graag op de koop toegenomen.

De fiscus verstrekt inlichtingen over het nieuwe BTW-stelsel via de ondernemerstelefoon (06-0443) en de douanetelefoon (06-0143). Het VNO houdt nog op 23 en 24 juni voorlichtingsbijeenkomsten in Bussum en Zwolle. De Europese commissie verstrekt een brochure "BTW-gids voor 1993' via het voorlichtingsbureau in Den Haag (070-3469326).