Oeso voorziet verslechtering van economie in Zweden

PARIJS, 17 JUNI. De economie van Zweden zal ook dit jaar achteruitgaan. Vorig jaar nam het bruto nationaal produkt af met 1,2 procent en dit jaar zal de achteruitgang 0,3 procent bedragen. Dit schrijft de Oeso, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, in haar jongste publicatie over de economie van Zweden. Voor 1993 voorziet de Oeso een bescheiden economische groei van 0,9 procent.

Het grote tekort op de begroting dwarsboomt Zweden in zijn ambitie om lid te worden van de Europese Gemeenschap, omdat het niet voldoet aan de standaarden die zijn opgenomen in de voorwaarden voor de Economisch Monetaire Unie (EMU), aldus de Oeso, een forum van 26 geïndustrialiseerde landen gevestigd in Parijs.

Zweden vroeg in juli vorig jaar het lidmaatschap van de EG aan. Het land koppelde zijn munteenheid, de kroon, in mei van dit jaar aan de ecu, de rekeneenheid van de EG.

Goed nieuws heeft de OESO over de inflatie in Zweden. Die zal dit jaar uitkomen op 2,3 procent. Vorig jaar bedroeg die nog 7,5 procent. In 1993 zal de geldontwaarding 2,8 procent bedragen. Behalve voor de inflatiebestrijding heeft de Oeso lof voor de grotere concurrentie in de industrie en de stabiliteit van de kroon. Bovendien heeft het land uitzicht op lagere rentetarieven.

Daarentegen wordt het overheidstekort opgedreven door belastinghervormingen, meer rente en aflossing op staatsschulden en door hogere kosten voor de gezondheidszorg en het onderwijs. Het overheidstekort gaat van 1,5 procent van het bruto nationaal produkt in 1991 naar 4,1 procent in dit jaar en 4,8 procent in 1993.

Ook wat betreft de werkloosheid schetst de Oeso een weinig positief beeld. Was in 1991 nog 2,7 procent van de Zweedse beroepsbevolking zonder werk, dit jaar zal dat percentage oplopen tot 4,5. (Reuter)