Italië en Frankrijk liggen dwars tijdens vergadering in Luxemburg; Besluit over landbouwhervorming uitgesteld

LUXEMBURG, 17 JUNI. De Italiaanse eis om meer melk en grote onrust onder de Franse boeren hebben ervoor gezorgd dat de EG-ministers van landbouw nog steeds geen definitief besluit hebben genomen over hervorming van het Europese landbouwbeleid. Gisteren besloten de ministers in Luxemburg om op 30 juni opnieuw bijeen te komen voor een extra beraad. Het ziet er naar uit dat dan wel knopen kunnen worden doorgehakt.

Een maand geleden bereikten de ministers in Brussel een politiek akkoord over ingrijpende hervorming van het EG-landbouwbeleid. Die komt in grote lijnen neer op forse prijsdalingen in combinatie met directe inkomenssteun voor de boeren en braaklegging van grond. Alleen Italië onthield zich toen van steun omdat het geen toestemming kreeg van de andere lidstaten om 1,5 miljoen ton extra melk te produceren.

De Italiaanse melk domineerde ook de vergadering in Luxemburg. Die bijeenkomst was bedoeld om het akkoord om te zetten in uitvoeringsbesluiten, maar die opzet werd door Italië geblokkeerd. Minister Bukman en zijn Belgische collega Bourgeois zeiden na afloop dat Nederland en België zich, evenals Groot-Brittannië, Denemarken en Luxemburg, fel blijven verzetten tegen “een druppel extra melk” voor Italië. Belangrijkste argument is dat de Italianen zich nooit aan de produktiebeperking in de zuivel hebben gehouden en ook nooit de superheffing hebben betaald.

Maar volgens EG-ambtenaren wordt achter de schermen hard gewerkt aan een compromis. De Italianen zouden de toezegging hebben gekregen dat er “welwillend” naar hun probleem wordt gekeken. De Italianen zouden op hun beurt de zaak dan niet te hard opspelen op de komende top van regeringsleiders in Lissabon of zelfs helemaal niet ter sprake brengen.

Formeel werd echter het bestaan van zo'n compromis ontkend. Volgens een woordvoerder zal Portugal doorgaan met het zoeken naar een oplossing, maar hij verwacht niet dat behandeling van de Italiaanse melk op de top in Lissabon kan worden vermeden. Mogelijk wordt daar wel de formule voor een doorbraak gevonden. Maar ook als dat niet het geval is, kan Italië besluitvorming over de landbouwhervorming op 30 juni of eventueel 1 juli niet tegenhouden. Dan kan namelijk formeel worden besloten met meerderheid van stemmen.

Ook de Franse minister van landbouw, Mermaz, kondigde voor aanvang van het landbouwberaad onverwacht aan dat hij nu nog geen besluitvorming wenst. Het akkoord over de landbouwhervorming is op groot verzet bij de Franse boeren gestuit. Gealarmeerd door de protesten wil Mermaz meer tijd hebben in eigen land het hervormingsakkoord toe te lichten.

Minister Bukman zei dat hij zich bijzonder had geërgerd aan de pogingen van Mermaz om op sommige punten veranderingen aan te brengen in het akkoord. Die pogingen werd door Portugal de kop ingedrukt met de mededeling dat op de komende bijeenkomst zal worden gestemd op basis van de in mei afgesproken tekst. Bukman verwijt Mermaz dat hij “politieke risico's” heeft afgeroepen. Het akkoord over de landbouwhervorming pakt op het gebied van de vleessector en de zuivel niet ongunstig uit voor de Ieren die overmorgen stemmen over het verdrag van Maastricht. “Indien de indruk zou zijn gewekt dat het akkoord op losse schroeven was komen te staan, had dat geen goede invloed op de uitkomst van het referendum in Ierland”, aldus Bukman.

De financiering van het nieuwe landbouwbeleid lijkt geen problemen meer op te leveren voor formele goedkeuring. Zowel voorzitter Delors van de Europese Commissie als landbouwcommissaris MacSharry hebben verklaard dat de uitgaven binnen het in 1988 afgesproken richtsnoer voor het landbouwbeleid blijven. Die bepaalt dat de landbouwuitgaven jaarlijks mogen groeien met 74 procent van de gemiddelde economische groei in de EG. Dat plafond zal in 1994 niet extra omhoog worden getrokken met 1,5 miljard ecu, zoals de Europese Commissie had voorgesteld. Tegelijkertijd heeft de Commissie gezegd dat de inkomenssteun voor de boeren voor de komende vier jaar vast ligt.

Bukman toonde zich gisteren tevreden met die uitleg. Uit cijfers van de Commissie blijkt dat de richtsnoer tot en met 1997 met ongeveer acht miljard ecu stijgt (economische groei plus inflatiecorrectie). Nederland wilde een bevriezing van de richtsnoer in reële termen op het niveau van 1992, maar het verloor die slag enkele maanden geleden al. De minister toonde zich daar gisteren niet verdrietig over. Hij heeft in ieder geval de zekerheid voorgespiegeld gekregen dat de uitgaven niet sneller zullen stijgen dan het plafond. Dat betekent dat zijn ministerie de komende jaren het risico bespaard blijft te worden aangeslagen door de minister van financiën voor overschrijding van het landbouwbudget.

De opmerkingen die Bukman vorige week maakte over het uit de hand lopen van de kosten van het nieuwe beleid, waren dan ook vooral bedoeld voor binnenlands gebruik, aldus een woordvoerder. “Ik denk niet dat de minister zich erg druk maakt over de inkomsten van de EG. Maar hij wil wel absolute zekerheid over de uitgaven opdat Landbouw niet de Zwarte Piet krijgt toegeschoven”.