Aanhanger van het harmoniemodel; Nieuwe NCW-voorzitter Hans Blankert gepokt en gemazeld in overlegeconomie

Een practical joke op zijn tijd, daar houdt de komende NCW-voorzitter Hans Blankert wel van.

Zo ontving hij een paar jaar geleden, omstreeks Sinterklaas, als voorzitter van de werkgeversvereniging FME van FNV-bestuurder H. Peperkamp een banketstaaf in de vorm van een 5. De industriebond gaf op die manier weer wat de looneis in de lopende onderhandelingen over de arbeidsvoorwaarden was. De gesprekken sleepten zich voort, het werd Kerstmis en dat was voor de FME-voorzitter hèt moment om de geste van zijn onderhandelingspartners te pareren: zij kregen een kerstkrans die de onmiskenbare omtrek van een vette 0 vertoonde.

De jaarlijkse CAO-onderhandelingen zijn maar een deel van het werk van de voorzitter/directeur van de vereniging FME (metaal, elektronica- en elektrotechnische industrie), maar springen wel het meest in het oog. Een groot liefhebber was Blankert er niet van, althans voorzover ze het karakter van een rituele dans hadden. “Ik hou niet van dansen”, sprak hij bij zijn aantreden, “en zeker niet met mannen.”

Blankerts komst bij de FME in 1986 was bij delen van de achterban met gefronste wenkbrauwen ontvangen. De econoom Blankert was niet van de metaal en aanverwante sectoren, hij had zijn sporen in de bouw verdiend, met een intermezzo als gemeente-ambtenaar. Kende hij de branche wel genoeg? Moest hij bij de FME de opvolger zijn van die bekende, harde en militante Ter Hart en verantwoordelijk worden voor een van de grootste CAO's (200.000 werknemers)?

Blankert was anders. Kort na zijn aantreden kondigde hij aan dat de langwerpige vergadertafel in de voorzitterskamer zou worden vervangen door een ronde. “Dat praat prettiger.” Hij sprak lovende woorden over de Industriebond FNV en toonde zich aanhanger van het harmoniemodel. “Ik denk dat de ideale relatie met de vakbeweging ontstaat op het moment dat dat ingekankerde wantrouwen dat er van beide kanten pleegt te zijn, wordt weggenomen”, zei hij aan de vooravond van zijn voorzitterscarrière. Blankert verhoudt zich tot Ter Hart als de dag tot de nacht, zo valt te beluisteren.

De scepsis in FME-kringen tegen de nieuwe voorzitter verdween al snel. Een van zijn tegenspelers, CAO-onderhandelaar F.W. Hanko van de Industrie- en Voedingsbond CNV durft de stelling aan dat Blankert namens de FME “een knap onderhandelaar” is geweest die “goedkope CAO's” heeft afgesloten.

Hoewel geboren op Sumatra, voormalig Nederlands-Indië, is Blankert (51 jaar, gehuwd, twee kinderen) vooral Rotterdammer: hij studeerde er, hij woont er, en eventuele stress slaat hij weg bij de veteranen van Hockeyclub Rotterdam. Voorzover Rotterdams op pragmatisch en zakelijk slaat, is het op Blankert van toepassing. In CAO-onderhandelingen kon hij zijn tegenspelers het gelijk van de vismarkt geven, maar evenzeer zijn grenzen stellen “waar hij met geen 20.000 paarden van af te halen was”. Hij toonde een afkeer van al te gedetailleerde afspraken, bijvoorbeeld over het aantal nieuw te stichten banen.

Toch zijn ook in Blankerts jaren bij de FME arbeidsconflicten in de metaalsector niet achterwege gebleven en die lieten hem niet onberoerd. Behalve voor CAO-onderhandelingen ontmoeten werkgevers en vakbonden elkaar geregeld in de Raad van Overleg voor de Metaalindustrie, de ROM. Geïrriteerd liet Blankert zich eens ontvallen dat de letter O eerder voor "onderhandelingen' of zelfs "oorlog' leek te staan dan voor "overleg'.

In september vorig jaar kondigde Blankert aan dat hij in de loop van 1992 bij de FME zou opstappen en een baan in het bedrijfsleven ambieerde. Hij besefte dat het daarvoor op zijn leeftijd de hoogste tijd werd. Op voorspraak van FME-penningmeester H.A.J. Bemelmans, president-directeur van Alcoa Nederland, werd Blankert vorig jaar commissaris bij deze onderneming in aluminium produkten. Zo zette hij alsnog een stap in de praktijk van de branche die hij zes jaar als werkgeversvoorzitter heeft vertegenwoordigd.

Dat Blankert nu naar het NCW gaat en beroepsbestuurder blijft, verbaast Bemelmans. “Ik had verwacht dat hij een baan in het bedrijfsleven zou krijgen. Hij zou het zeer goed hebben gedaan.”

Voormalig FME-voorzitter Ter Hart denkt dat het voorzitterschap van het NCW Blankert op het lijf is geschreven. Hij kent het bedrijfsleven en de wereld van de overlegeconomie als geen ander - dat heeft hij voor op zijn voorganger Ruding die toch vooral die bankier en oud-minister van financiën was - en weet ook om te gaan met de mores van "Den Haag'.

E.J. Rongen, directievoorzitter van DSM Limburg en een van de vice-voorzitters van het NCW, bevestigt dat dit de eigenschappen zijn die het bestuur van de kandidaat-voorzitter verlangt. “En hij moest de christelijke beginselen zijn toegedaan”. De NCW-voorzitter is tenslotte de leidsman van ondernemers voor wie in de “christelijke leer, zoals die via bijbel en kerken tot hen komt, een unieke en onvervangbare bron van inspiratie” ligt. Het was niet iedereen opgevallen dat Blankert Nederlands-hervormd is. Zelf heeft hij opgemerkt: “Ik word graag afgerekend op mijn daden en niet op mijn kerkgang.”

CNV-bestuurder Hanko denkt dat het even wennen zal worden om straks Blankert te ontmoeten in het Convent van Christelijk-Sociale Organisaties, het samenwerkingsverband van christelijke werkgevers, boeren- en tuindersorganisaties en vakverbond, dat regelmatig met het CDA overlegt. Zelf is Blankert geen lid van een politieke partij en van hem zijn ook geen ambities in die richting bekend.

Een FME-medewerker denkt dat Blankerts neiging om omwegen te mijden hem wellicht minder geschikt maken voor de politiek. Al kan Blankert ook kiezen voor subtiliteiten zoals bleek toen hij bij CAO-onderhandelingen over de prijscompensatie en nog wat meer loon vakbondsbestuurders kaartjes voor "Les Miserables' cadeau deed.

Loopbaan drs. J.C. Blankert (1940)

1972 doctoraal bedrijfseconomie Nederlandse Economische Hogeschool Rotterdam 1962-1980 in dienst bij Verenigde Dura Bedrijven (VDB) 1975-1980 lid raad van bestuur VDB 1980-1984 directeur Gemeentelijke Energiebedrijven Rotterdam 1984-1986 directeur Wilma Nederland BV 1986-1992 voorzitter/directeur vereniging FME 1986-1992 bestuurslid VNO en NCW 1990 voorzitter Nederlands Normalisatie Instituut NNI 1991 lid raad van commissarissen Alcoa Nederland