Via dubbel mandaat politici; Lubbers wil debat over EG verlevendigen

DEN HAAG, 16 JUNI. Herinvoering van een dubbellidmaatschap van het nationale en het Europese Parlement zou volgens minister-president Lubbers de aantrekkelijkheid van de Europese politieke discussie voor het publiek aanzienlijk vergroten.

In een gesprek met deze krant zei de premier gisteren dat nationale “topparlementariërs” die ook deelnemen aan belangrijke debatten in het Europese Parlement “de herkenbaarheid sterk verbeteren, zodat de Europese politiek kan gaan leven, echt de moeite waard wordt”.

Premier Lubbers zei dit in een reactie op het Deense "nee' in het referendum over het Verdrag betreffende de Europese Unie. “Als we daarbij kijken naar de parlementaire situatie in Europa komt elke keer het punt van het democratisch deficit terug. Ik heb daarbij de indruk dat men over veel thema's liever dichter bij huis in het eigen parlement spreekt dan in het anonieme ginds van het Europese Parlement. Hoe kun je dat verbeteren? Met een meer politieke verantwoording van het bestuur, in het bijzonder de Europese Commissie, in debatten die zodanig de moeite waard zijn dat ze leven.”

Politieke debatten in het Europese Parlement krijgen, aldus Lubbers, met deelname van nationaal bekende figuren veel meer betekenis. “Ik zou het bijvoorbeeld heel goed vinden als er een debat kwam over de vraag hoe Europa zich verhoudt tot de moord en doodslag in Joegoslavie. En dan niet tussen de ministers van buitenlandse zaken, die uit de Algemene Raad komen met hun verklaringen, maar door volksvertegenwoordigers die in hun landen bekend zijn, zodat de mensen zeggen: "dat is onze man”'.

De huidige gescheiden circuits van nationale en van Europarlementariërs leiden volgens Lubbers tot “vervreemding”. Alle landen en alle politici moeten in de opvatting van de premier ook voortdurend zeggen: dit wordt het Europa van de regio's, dit wordt het Europa van de eigen identiteit. “Het mag niet het Europa worden van de "melting pot', het moet herkenbaar blijven. Een verenigd Europa is natuurlijk heel mooi, maar je merkt dat allerlei mensen zich afvragen: wie leidt dat dan eigenlijk? Is dat Parijs/Bonn, met zo nu en dan een andere hoofdstad erbij? Dat is vervreemding. En ik kan me dus voorstellen dat men in Denemarken, gelegen aan de noordflank van het grote Duitsland, een wat aparte gevoeligheid heeft.”

Pag 3: Premier: bureaucratie in Brussel aanpakken

Herinvoering van een dubbellidmaatschap zou een van de antwoorden kunnen zijn op het onbehagen bij een deel van de Europese bevolking over de verdergaande integratie. Daarnaast wil premier Lubbers in Nederland het beleid van decentralisatie en bestuurlijke vernieuwing met extra kracht voortzetten. Ten slotte moeten ook concrete maatregelen worden genomen voor vermindering van de bureaucratie in Brussel. “Het belangrijkste is de politiek dichterbij de burger te brengen en tegelijkertijd moeten we proberen Brussel zo veel mogelijk uit de detaillering te halen.”

Volgens premier Lubbers richt het “onderhuids gevoel van onbehagen” dat blijkbaar in Europa leeft, getuige de uitslag van het Deense referendum, zich niet alleen tegen "Europa'. “Het is ruimer, het is ook gericht tegen een democratie die overbelast is door een teveel aan taken.” Volgens de premier kan men derhalve het onbehagen ten aanzien van "Maastricht' dan ook niet simpel wegnemen met een “intensivering van de reclame” via bijvoorbeeld Postbus 51. “Ik ga nu ook geen vlammende betogen houden, maar gewoon uiteenzetten wat ik hier ook heb gezegd. Verder moeten we op bepaalde punten de pas wat versnellen, in het bijzonder met betrekking tot de decentralisatie. We moeten daarnaast misschien ook wat alerter reageren op de misvatting dat politiek in kleine kamertjes wordt gemaakt.”

Voor minister-president Lubbers was het Deense nee “niet een soort fatale klap die het rechtvaardigde dat ineens overal de telefoons roodgloeiend liepen. Dit is democratie, nietwaar. We moeten niet vergeten dat bijna de helft van de Denen voor "Maastricht' was”.

Lubbers geeft overigens toe dat de groeiende scepsis over "Maastricht' een zeker risico in zich houdt voor de voortgang van de Europese integratie. “Bondskanselier Kohl zei vorig najaar al tegen mij dat we tempo moeten maken met "Maastricht' omdat het klimaat om het verdrag aangenomen te krijgen, om uberhaupt een politieke uitdaging aan te gaan, er niet beter op zou worden. Die gevoelens bestonden dus al voor het Deense referendum.”