Spoorlijn moeilijk te financieren

ROTTERDAM, 16 JUNI. De deels private financiering van de Betuwelijn blijft een struikelblok. Als de speciale goederenspoorlijn die Rotterdam met het Duitse spoorwegnet moet verbinden er niet komt, zal het grensoverschrijdend goederen vervoer stagneren op het huidige niveau van 250 miljoen ton per jaar. Dit zei minister Andriessen (Economische Zaken) vanmiddag op de vijfde Nationale Distributiedag in Amsterdam.

Volgens Andriessen kan het grensoverschrijdend goederenvervoer stijgen tot 400 miljoen ton in 2010 als de Betuwelijn aangelegd wordt. “Komt de Betuwelijn er nu nog?”, vroeg Andriessen zich af. “Alle signalen zijn positief, behalve één: de financiering. Vorig jaar leek de financiering rond, maar de lijn is inmiddels fiks duurder geworden”, aldus de minister.

Volgens de laatste schattingen zal de aanleg 5 miljard gulden kosten. “Deels onze eigen schuld. We maken de lijn langer dan voorzien. We trekken de lijn door naar de Maasvlakte, maar dat is noodzakelijk voor het vervoer van containers”, aldus Andriessen. Ook voorzieningen om de (geluids)overlast die de spoorlijn, waartegen in de Betuwe afgelopen weekeinde geprotesteerd is, moet beperken, kosten extra geld.

Hoewel de Betuwelijn prioriteit heeft bij de besteding van de aardgasbaten is het nog niet gelukt institutionele beleggers te vinden die geld in de Betuwelijn willen steken. De beleggers willen toezeggingen van de bedrijven die gebruik van de Betuwelijn zullen maken, die ze niet willen geven.

“De overheid zit krap bij kas terwijl institutionele beleggers zeer liquide zijn. Het ligt dus voor de hand dat we in die richting kijken. De overheid vraagt niet om subsidie, maar om risicodragende financiering”, zei Andriessen. Volgens hem kunnen de financiers daar ook baat bij hebben: “Wie betaalt bepaalt. En over de voorwaarden valt natuurlijk te praten.”

De minister wees in dit verband naar ontwikkelingen in het buitenland. “Er zijn in het buitenland mooie voorbeelden van consortia van beleggers en aannemers die dit soort zaken voor hun rekening nemen. Ik wil toch voorkomen, dat we straks een aanbieding uit het buitenland krijgen, die we niet kunnen afslaan.”

Andriessen zei verder dat het wegvervoer minder vaak de prijs als concurrentiewapen moet gebruiken. “Waarom geen concurrentie op andere zaken? Prijsconcurrentie komt vooral voor op markten waar het aanbod weinig onderscheidend vermogen heeft.” Volgens Andriessen vragen verladers andere diensten dan de vervoerders nu aanbieden.