Reis Venetiaan is mijlpaal in relatie met Suriname

ROTTERDAM, 16 JUNI. Voor het eerst sinds de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 brengt het Surinaamse staatshoofd een officieel bezoek aan Nederland. Dit feit alleen al maakt de komst van president R. Venetiaan tot een mijlpaal in de altijd gevoelige betrekkingen met het voormalige rijksdeel.

De eerste president van Suriname, J. Ferrier, kwam na de coup van 1980 “voor vakantie” naar Nederland om vervolgens nooit meer weg te gaan. Na de decembermoorden van 1982 schortte Den Haag de ontwikkelingshulp op. De verkiezingen van 1987 leken een nieuwe periode in te luiden. Maar de pogingen om de betrekkingen nieuw leven in te blazen leidden slechts tot teleurstellingen.

De toenmalige minister van ontwikkelingssamenwerking, P. Bukman, trapte in 1988 op gevoelige Surinaamse tenen toen hij een "nieuwe zakelijkheid' introduceerde in de hulprelatie. Den Haag wilde wel geld verstrekken, maar Paramaribo moest eerst zelf orde in de economische chaos scheppen. De tijd dat Suriname zonder veel plichtplegingen harde deviezen op de rekening van de Centrale Bank kreeg bijgeschreven was voorbij.

Een bezoek van vice-president H. Arron aan Den Haag drie jaar geleden liep daarom op niets uit. En de trip van minister Pronk (ontwikkelingssamenwerking) naar Paramaribo in de zomer van 1990 kenmerkte zich vooral door wederzijds onbegrip. Suriname was intussen in een steeds diepere politieke en economische crisis geraakt. Van de weinig daadkrachtige Surinaamse regering, die onder voortdurende druk van het leger stond, verwachtte niemand meer iets. De "telefooncoup' van december 1990 maakte een einde aan het democratische intermezzo.

Sinds de nieuwe verkiezingen van mei vorig jaar heeft zowel Nederland als Suriname zich voorgenomen het beter te doen. Den Haag kwam tot het inzicht dat men een door het leger belaagde regering beter niet in de kou kan laten staan. En de Surinaamse regering besefte dat zij de economie moest saneren en de militaire invloed terugdringen.

Met het bezoek van president Venetiaan moet de kroon worden gezet op de hernieuwde relatie. Belangrijkste stap is de ondertekening van een raamverdrag, dat het kader moet vormen voor een even brede als unieke samenwerking. Uitgangspunt is versterking van de Surinaamse economie en democratie.

De basis daarvoor werd vorig jaar november gelegd op Bonaire. Ministeriële delegaties ondertekenden een protocol, waarin de onderwerpen voor mogelijke samenwerking werden genoemd. Het gaat niet alleen om economische hulp. Nederland en Suriname willen ook samenwerken op terreinen als justitie en politie, defensie, buitenlands beleid, cultuur en onderwijs. Het ontwikkelingsverdrag van 1975 zal onderdeel uitmaken van het raamverdrag.

Het ambtelijk vooroverleg leidde de afgelopen dagen tot wat spanningen, maar daarover was niemand in Den Haag verbaasd gezien de ervaring van de laatste jaren. De Surinamers zouden graag zien dat er extra geld op tafel komt voor de nieuwe terreinen van samenwerking. Zij vinden dat de uit het ontwikkelingsverdrag van 1975 resterende 1,3 miljard gulden hiervoor niet mag worden aangewend. Het conflict lijkt alleszins oplosbaar, omdat Nederland zich meermalen bereid heeft verklaard de economische hulp voort te zetten zodra de verdragsmiddelen van 1975 zijn uitgeput. In het ambtelijk vooroverleg heeft Den Haag inmiddels toegezegd deze belofte, die ook al in het verdrag van 1975 was gedaan, te herbevestigen. Aan Surinaamse zijde zijn hierover de afgelopen dagen geen messen meer getrokken.

Minister Pronk verzekerde in het weekeinde vanuit Rio de Janeiro “er niet aan te twijfelen” dat het raamverdrag donderdag wordt ondertekend. Venetiaan hield gisteren in Paramaribo nog een slag om de arm. “Indien de zaken naar wens verlopen en er iets te ondertekenen valt, zal dat gebeuren”, zei hij.

In Den Haag heeft men een redelijke mate van vertrouwen in de Surinaamse regering. Onder leiding van Venetiaan is ook al een en ander tot stand gebracht. De grondwet werd gewijzigd, waardoor het leger in elk geval op papier zijn machtspositie kwijtraakte. Op het gebied van justitie en politie is de samenwerking tussen Nederland en Suriname de afgelopen maanden al behoorlijk gevorderd. Voor Den Haag een heel belangrijk punt wegens de bestrijding van het drugverkeer uit Suriname. Ook de samenwerking op het gebied van de defensie staat al in de steigers.

De sanering van de deplorabele economie, waarbij alleen de zwarte markt nog floreert, is voor Paramaribo steeds een pijnlijk probleem geweest. Met de militairen in de coulissen is het moeilijk om impopulaire economische maatregelen aan de bevolking te verkopen.

Nederland staat erop dat Suriname een hard aanpassingsprogramma doorvoert. Als tegemoetkoming is Den Haag bereid bij te dragen in de leniging van de ergste sociale noden. Nederland weet zich volledig gesteund door het rapport van Coopers & Lybrand, waarin in opdracht van Suriname een saneringsprogramma is uitgewerkt. Vorige maand kwam een aanvullend rapport gereed, waarin de gegevens naar de laatste stand van zaken zijn bijgewerkt. Dat het Suriname ernst is, blijkt ook al uit de zware delegatie van vijftig man die Venetiaan op zijn bezoek vergezelt: onder hen vijf ministers en tal van vertegenwoordigers van het bedrijfsleven.

President Venetiaan en zijn Nederlandse gesprekspartners zullen de komende dagen zelf nog enige knopen moeten doorhakken. Het gaat dan vooral om de invulling van de hulpbedragen. In het ambtelijk vooroverleg is alleen overeengekomen dat er een fonds voor betalingsbalanssteun, een sociaal fonds en een investeringsfonds voor Suriname moeten komen. In Den Haag gelooft echter niemand dat het Nederlands-Surinaamse topoverleg deze week alsnog vastloopt.

Het kan geen toeval zijn dat het Surinaamse kabinet zich na uitvoerig beraad juist afgelopen zondag heeft "gecommitteerd' aan het aanvullende rapport van Coopers & Lybrand. Venetiaan zal het zijn Nederlandse gesprekspartners ongetwijfeld onder de neus wrijven. Den Haag kan er dan nauwelijks nog onderuit om een mooi gebaar te maken.