Piraterij baart reders in Azië zorgen

SINGAPORE, 16 JUNI. Reders in Zuidoost-Azië willen dat de regeringen in de regio snel actie ondernemen tegen het toenemend aantal gevallen van piraterij. De Federatie van Aziatische Scheepseigenaren doet in een brief aan de betreffende autoriteiten vooral een dringend beroep op Indonesië, Maleisië en Singapore.

Volgens de Federatie is het aantal overvallen, die meestal worden uitgevoerd door bendes met speedboten, de laatste maanden opgelopen en worden de overvallen steeds gewelddadiger. Van januari tot begin mei waren 21 gevallen van piraterij gemeld. Vorig jaar bedroeg het totale aantal 61, in 1990 32 en in 1989 drie. De overvallen worden vooral gepleegd op schepen die zich in de buurt van Singapore bevinden.

De Nationale Scheepsassociatie in Singapore heeft bemanningsleden van schepen opgeroepen om traangas, lichtbakens, brandslangen en prikkeldraad te gebruiken in de strijd tegen piraten. Zelf maken de overvallers veelvuldig gebruik van benzinebommen, wat een groot gevaar oplevert voor de vele olietankers die zich in het gebied bevinden. Tijdens de overval worden de bemanningsleden veelal vastgebonden, waardoor schepen onbestuurbaar worden. De overvallers ontkomen vrij gemakkelijk tussen de honderden eilandjes in Maleisië en Indonesië. Tot nu toe zijn er “weinig” doden gevallen bij de overvallen, aldus de Scheepsassociatie in Singapore, die geen concrete cijfers bekendmaakte.

Singapore en Indonesië overwegen om zeepatrouilles in te stellen om over de veiligheid van schepen te waken. (Reuter)