Jubileumexpositie

"Kunst waarvan Pistolen Paul watertandt' staat er boven het artikel dat Paul Steenhuis wijdt aan de jubileumexpositie van Kunsthandel Ivo Bouwman in Den Haag (NRC Handelsblad, 6 juni).

De begrijpelijkheid van de getoonde werken is groot genoeg om een gangstervorst te doen watertanden; ter adstructie van deze stelling volgt er uit een boekje van een kwart eeuw oud een citaat, dat bijna de helft van het artikel beslaat.

Als het de bedoeling van de recensent is om het toegankelijke karakter van de tentoongestelde kunstwerken te benadrukken, dan volg ik hem daar graag in. Elitaire toestanden treft men al teveel aan in de kunstwereld.

Als hij echter ongecompliceerde esthetiek en waardering voor vakmanschap wil criminaliseren door Pistolen Paul er met de haren bij te slepen, dan vind ik dat nogal ver gaan.

Van Jan Sluyters is op de tentoonstelling onder meer "Les femmes qui s'embrassent' aanwezig. Het werk van Sluyters is in Nederland nog regelmatig voorhanden en te koop, soms zelfs voor bedragen van vier of vijf cijfers. Zou deze kunstenaar eertijds de basis van zijn faam in het buitenland hebben gelegd, zoals zijn tijdgenoten Mondriaan en Van Dongen, dan zou de handel in zijn werken zich grotendeels buiten het bereik van de Nederlandse kunsthandel afspelen.

Dit chef d'oeuvre van deze schilder veroorzaakte in 1906 juist bij de mooie-Haagse-plaatjes-liefhebbers veel schandaal en zorgde ervoor dat de rijkstoelage aan Sluyters ingetrokken werd. Terecht is door bemiddeling van Bouwman dit stuk in de collectie van het Stedelijk Museum opgenomen.