Tekentafelpolder

Vijftig jaar geleden ontwierpen onder anderen de hoogleraren M.J. Granpré Molière, Sj. Groenman, C.W. Hofstee de inrichting van de Noordoostpolder. Dit ontwerp was gebaseerd op bruikbaarheid en ook op schoonheid. Zij kozen voor een harmonische en flexibele opzet met bedrijven van 12 tot 48 ha. Geen rigide plan, want het ruimtelijke concept is nog steeds bruikbaar.

Willem van der Ham (NRC Handelsblad, 27 mei) gaat aan deze bepalende elementen van ruimtelijke kwaliteit geheel voorbij. Na de kop: "De polder bloedt leeg' meldt de auteur een aantal positieve ontwikkelingen. Inderdaad, het aantal inwoners werd slechts 38.000, maar de rijksoverheid bleef in gebreke door de infrastructuur niet van een spoorlijn te voorzien.

Het plan voor de buitenwegen behelsde per boerderij een of twee arbeiderswoningen. De mechanisering miniseerde de hulp van landarbeiders, en de opkomst van de bromfiets maakte dat hun gezinnen zich liever in het dorp vestigden. Dientengevolge kwamen er omstreeks 1965 honderden huizen leeg, eigendom van de rijksoverheid. Deze werden verkocht, veelal als tweede huis, aan hoogleraren, artsen, hoge ambtenaren, maar ook aan mensen in dienstverlenende beroepen. Jaarlijks komt een aantal boerderijen vrij, door bedrijfsvergroting. Ook deze worden verkocht, meestal aan particulieren. Er is dus geen sprake van leegloop, maar van eigentijdse invulling. Aan de buitenwegen komt een gevarieerde bevolking van agrariërs en hoger en middelbaar opgeleiden, veelal permanent nu.

Het "Citymarketing-plan' sluit aan bij de stedelijke bebouwing, in de elleboog van de A50. Gelukkig komt er geen lintbebouwing van zich aan elkaar spiegelende bedrijven, zoals in de Randstad. Bij de beschrijving van het landschap, vraagt men zich af, wanneer Van der Ham de polder het laatst bezocht heeft. Als men over de Ketelbrug de polder inrijdt, verrast het fraaie uitzicht. De Ramspolbrug biedt één van de mooiste uitzichten van ons land; richting Emmeloord langs de A50 de Casteleijnsplas en het Kuinderbos.