Strauss met volkse aanpak

Concert: Kon. Concertgebouworkest o.l.v. Nikolaus Harnoncourt m.m.v. Pamela Coburn (sopraan), Birgit Remmert (alt), Hans Peter Blochwitz en Rudolf Schasching (tenoren). Programma: F. Schubert: Ouverture Rosamunde; Josef en Johann Strauss: Walsen, polka's en delen uit Der Zigeunerbaron. Gehoord: 13/6 Europahal Rai Amsterdam. Tv-uitz. tweede deel: 20/6 22.44 uur Avro Ned. 1.

Als men niet beter wist kon men denken dat het Koninklijk Concertgebouworkest zich plots iets heeft aangetrokken van het door minister d'Ancona gepropageerde nieuwe kunstbeleid. Zaterdag gaf het wereldberoemde orkest een massaal bezocht gesponsord populair Weens concert met muziek van Schubert en Strauss in de immense Europahal van de Amsterdamse Rai, die dankzij enige versterking ook op de achterste plaatsen nog een redelijke maar uiteraard afstandelijke akoestiek had. Net als vrijwel immer in het Concertgebouw was ook hier de zaal (9000 zitplaatsen) uitverkocht. Twee keer zoveel mensen hadden het concert wel willen bijwonen, maar door twee tv-uitzendingen van de Avro, afgelopen zaterdag en komende zaterdag, is het publieksbereik nog vele malen groter.

Zo werd voldaan aan alle wensen van de minister. Maar toch was dit concert geen triomf voor haar: het was al de 32ste keer dat het Concertgebouworkest optrad in de Rai, zodat met recht van een traditie kan worden gesproken. Het enige nieuws was dat het concert deze keer niet was opgenomen in het Holland Festival, omdat het programma volgens Jan van Vlijmen niet paste in de thema's van dit jaar. Onhandig - naar de nieuwe normen - is dat wel. Want als Van Vlijmen elf optredens van het Concertgebouworkest met Weense muziek (negen keer Don Giovanni en twee concerten met Schubert en Strauss) tot festivalthema had verklaard, was zijn bezoekerstotaal 23.400 hoger geweest.

De Wener Harnoncourt leidde voor de tweede keer in de Rai een Weense avond: in 1984 had hij Mozart (Der Schauspieldirektor) gecombineerd met Johann Strauss, van wie hij enkele jaren geleden met het Concertgebouworkest bij de Nederlandse Opera Die Fledermaus uitvoerde. Nu opende Schuberts ouverture Rosamunde (gecomponeerd in 1820, toen na het dansende Weense Congres heel Wenen begon te walsen) deze avond met walsen, polka's en soli en ensembles uit de operette Der Zigeunerbaron. Schubert werd, net als de laatste weken tijdens de uitvoering van zijn complete symfonische repertoire in het Concertgebouw, gespeeld met een wat aangezette dramatiek, waarvan de zwaarmoedigheid aanwezig bleef in de inleiding van de wals Wein, Weib und Gesang.

De Strauss-stijl van Harnoncourt - zo bleek uit de rest van het programma - is een heel andere dan de verbazingwekkend lichte, briljante en geacheveerde virtuositeit die Carlos Kleiber op Nieuwjaarsdag liet horen bij de Wiener Philharmoniker. Harnoncourt cultiveert een veel volksere aanpak met een donkerder klankkleur en hij schuwde niet - ook in An der schönen blauen Donau, een van de twee toegiften - het gehoempa flink te benadrukken. Aan de andere kant vervalt hij ook niet in sentimenteel gezwijmel, hij rekt de lekkere passages niet zwelgend uit tot bijna-stilstand en van een smeltende klankschoonheid is al helemaal geen sprake.

Het is toch wel erg Strauss op de manier waarvan Harnoncourt kennelijk echt houdt: hij dirigeerde werkelijk voor zijn plezier en bij de stukken uit Der Zigeunerbaron zong hij meestal met de vier solisten mee, al was dat dan voor het publiek onhoorbaar. Hans Peter Blochwitz leek zich met zijn fraaie chique stemgeluid in dit repertoire wat minder thuis te voelen - Als flotter Geist had heel wat flitsender kunnen klinken. De Amerikaanse sopraan Pamela Coburn zong ook gedistingeerd maar wel erg schitterend met haar ruime ronde stem in So elend und so treu. In het Schatzwalzer-terzet harmonieerde zij prachtig met de mooie altstem van Birgit Remmert.

De Weense tenor Rudolf Schasching maakte met zijn forse gestalte, onvervalst Weense dialect en cliché-gebaren verreweg de meest authentieke indruk in zijn lofzang op het "Schweinespeck'. De avond eindigde zoals het in zo'n geval hoort: met de Radetzky-mars die deels werd meegeklapt door het publiek, dat zich - net als het Concertgebouworkest met zijn uitbundig klinkende blazers en slagwerkers - willig liet leiden door Harnoncourt.