Palestijnen betogen in Gazastrook

GAZA, 15 JUNI. Israelische militairen in de bezette Gazastrook hebben gisteren vanuit helikopters grind uitgegooid om een Palestijnse protestdemonstratie tegen reisbeperkingen naar Israel uiteen te drijven. Tevens werden geluidsbommen en traangas gebruikt tegen de ruim 2.000 betogers. Er vielen geen slachtoffers.

Na de moord op een Israelisch schoolmeisje in de omgeving van Tel Aviv door een Palestijn uit de Gazastrook hebben de Israelische bezettingsautoriteiten de eisen voor toegang tot Israel zelf aanzienlijk verscherpt. Volgens de nieuwe regels mogen alleen nog Palestijnen die ouder zijn dan 25 jaar, voorzien zijn van een speciale vergunning en worden vergezeld door hun Israelische werkgever nog Israel in. Dat betekent in de praktijk dat gisteren slechts 7.600 Palestijnen naar hun werk in Israel konden gaan, van de 30.000 die er vroeger werkten. Nog scherpere beperkingen werden vorige week versoepeld na protesten van de werkgevers, die hun goedkope werknemers niet konden missen.

Door deze maatregelen zijn de economische problemen van de naar schatting 750.000 Palestijnen die in de Gazastrook leven nog verder verergerd. Voordien werd de werkloosheid door internationale humanitaire organisaties al op circa 40 procent geschat. Het gebied is economisch praktisch geheel van Israel afhankelijk.

Het Israelische leger heeft gisteren meegedeeld een Palestijns moordcommando te hebben opgerold dat in de Gazastrook ten minste 22 Palestijnen zou hebben gedood op verdenking van collaboratie met Israel. Het commando zou zijn verbonden met de Palestijnse guerrilla-organisatie Al-Fatah, de grootste beweging binnen de PLO. Pro-PLO-Palestijnen staan over het algemeen zeer kritisch tegenover de standrechtelijke executies van vermeende collaborateurs. Donderdag werden in Gaza twee Palestijnen doodgeschoten bij de woning van een Palestijnse journalist die de executies had gekritiseerd. Zaterdag werden in het gebied weer twee Palestijnen vermoord. (Reuter, AFP)