De vragende partij kreeg "alles wat erin zat', meer niet

RIO DE JANEIRO, 15 JUNI. De vragende partij. Als het aan de Nederlandse premier Lubbers ligt, is dat begrip na "Rio' de wereld uit: “We moeten ons voortaan allemáál inspannen”. Maar de vragende partij zelf - de arme landen en de particuliere milieu-lobbyisten (NGO's) - geloven niet dat er voorlopig veel zal veranderen aan de vertrouwde tegenstellingen.

“De rijke landen van het Noorden zullen 70 miljard extra aan ontwikkelingshulp moeten geven, bovenop de 55 miljard die ze nu geven”, zei ook de Indiase minister voor milieuzaken Kamal Nath in een recent vraaggesprek. Daarmee zou het door het UNCED-secretariaat geschatte bedrag bereikt worden waaruit Agenda 21 gefinancierd kan worden.

“De erosie in de ontwikkelingshulp is met Rio doorbroken”, zei Lubbers dit weekeinde. Ook dat staat nog te bezien. Zijn collega's Pronk (ontwikkelinssamenwerking) en Alders (milieu) zeggen beiden niet te kunnen becijferen wat de ontwikkelingslanden aan Rio overhouden. Dat het te weinig is, staat vast. “Dit was alles wat erin zat”, zegt Alders. “Als er op financieel terrein doorbraken mogelijk geweest waren, was dit het moment. Het is niet gebeurd en het zal waarschijnlijk nooit meer gebeuren.”

Toch hebben enkele belangrijke landen in de zogeheten G-77, de groep van arme landen, sinds de laatste voorbereidende conferentie in New York hun houding wel genuanceerd. Dat bleek vooral tijdens het goedkeuren van de bossenverklaring, eind vorige week, toen zowel India als Maleisië plotseling bereid bleek het woord "exploitatie' vooraf te laten gaan door het woord "duurzame'.

En tijdens de laatste plenaire UNCED-vergadering, gistermiddag, deelde Pakistan namens de G-77 mee dat er goede hoop bestond dat de arme landen “hun deel van Agenda 21 kunnen uitvoeren”. Door "duurzaam' te investeren, zouden de arme landen langzamerhand los moeten raken uit de spiraal van korte-termijnwinst en milieudegradatie.

Gurmit Singh, voorzitter van de Environmental Protection Society, een belangrijke niet-gouvernementele organisatie (NGO) uit Maleisië, gelooft er niets van. “Landen als Maleisië blijven snelle winst najagen, bijvoorbeeld door bos te kappen en te verkopen”, zegt Singh, die in Rio heeft deelgenomen aan de schaduwconferentie, het Global Forum. “Dat beschouwen ze als hun soevereine recht en "Rio' heeft ze daarin grotendeels bevestigd. Het past in de psychlogie van een ontwikkelingsland dat lang een kolonie is geweest. Nu hebben ze eindelijk macht en daar springen ze gierig mee om.”

De Maleisische delegatie bevat, anders dan bijvoorbeeld de Nederlandse, geen leden van NGO's. Hoe ziet Singh de verhouding met de overheid in de toekomst? “Het kan alleen maar beter worden. Onze premier heeft beloofd in januari een dialoog te beginnen, maar dat betekent nog niet dat hij ook naar ons zal luisteren. Veel van onze leden zijn door het Global Forum erg opgewekt geraakt, maar het moet nog blijken hoe het over een half jaar is: blijft er beweging of is het weer business as usual.”

NGO's zoeken massaal de dialoog met regeringen. Tijdens het Global Forum werden gisteren meer dan dertig zogeheten "alternatieve verdragen' getekend. Die zijn tot stand gekomen in vergadersessies die in taaiheid niet onderdeden voor die in Riocentro, de plaats van de VN-conferentie, op veertig kilometer buiten de stad.

De NGO's presenteerden een alternatief klimaatverdrag, een biodiversiteitsverdrag en een bossenverdrag. Ook hielden ze zich bezig met onderwerpen die in Riocentro niet - volgens de NGO's: met opzet niet - aan bod kwamen, zoals: verstedelijking, bevolking, armoede, de volkeren van Amerika, racisme, alternatieve economische modellen. En ze stelden een eigen Earth Charter op - pendant voor de officiële Verklaring van Rio - die onder meer het bestaan van grenzen verwerpt, militarisme veroordeelt en culturele diversiteit beschermt.

De Nederlandse NGO's waren in Rio aanwezig onder de naam "Platform Brazilië'. Zijn zij tevreden met het bereikte resultaat? “Het maximale is eruit gebraden”, zegt prof. Hans Opschoor, voorzitter van het Platform. “We hebben altijd gedacht dat het in Rio zou gaan om kleine stapjes vooruit. Duurzaamheid is in de afgelopem twee weken niet tot stand gekomen. Wat nu op papier staat is onvoldoende en teleurstellend, maar er zijn een aantal openingen ontstaan. De eerstkomende jaren zal de motorzaag bijvoorbeeld nog wel loeien, maar steeds minder. Heel wat meer mensen dan voorheen zijn ervan doordrongen dat milieu een voorwaarde is voor ontwikkeling.”

Bovendien wordt nu erkend dat NGO's moeten meepraten over duurzame ontwikkeling, meent Opschoor, omdat juist de NGO's de programma's moeten uitvoeren waar overheden om vragen. “Een decreet in Delhi betekent niets als het op het platteland niet wordt uitgevoerd.”

Nederlandse NGO's hebben volgens Opschoor in een uitzonderlijke positie verkeerd door de nauwe samenwerking met de ministeriële ambtenaren, die “op een groot aantal punten naar ons hebben willen luisteren en onze ideeën hebben meegewogen bij alle onderhandelingen”.

Sommige NGO's gaan de samenwerking met de gevestigde orde echter bewust uit de weg. “Dierenmoordenaars” is in rode spuitbusletters gespoten over de stand van de Braziliaanse jachtvereniging op het Global Forum. En daar weer onder staat geschreven: “Dit waren ecoterroristen, die niet willen toegeven aan een redelijke dialoog.” De stand is leeg.

Christian de Laet, een Vlaamse Canadees, leidt de NGO Development Alternatives. “Riocentro is een spiegelpaleis”, zegt De Laet, “Wat daar is gebeurd is een aftands ritueel. Regeringen zijn niet geïnteresseerd in het milieu, alleen in verkiezingswinst en belastingopbrengst.”

Zijn organisatie wil Indiase boeren nieuwe technieken bijbrengen. Zo heeft hij groot succes met het aanplanten van gewassen, waarvan de wortels in een bal polysaccharide zitten, zegt hij. Als die plantjes een paar maanden voor de moesson geplant worden, geeft de polysaccharide genoeg voedsel tot het regenseizoen begint. En in die tijd zetten de wortels zich vast, zodat ze niet kunnen wegspoelen.

Develepment Alternatives koopt de oogst en betaalt er bijvoorbeeld voor in gereedschappen. “Zo scheppen wij geld waar eerst niets was”, zegt De Laet. “Eigen geld. Wij steken onze snuit niet in de trog van het internationale consultatiecircuit en de Wereldbank. Die leren het nooit. Want er is geen ergere dove dan hij die niet wil horen.”

Foto: Brazilianen protesteren tegen de Amerikaanse houding op de "wereldmilieutop' in Rio. (Foto AFP)