Het excelleren in originele travestie

Voorstelling: Na de beeldenstorm, 10 kippen en een geit van Edward Montie. Stichting Melkweg. Regie: Edward Montie. Spel: Cas Enklaar, Frans Spek, Johan Ooms, Jerôme Reehuis e.a. Gezien: 3/6, Melkweg, Amsterdam. Nog te zien: aldaar t/m 17/6.

De tien kippen uit de titel heb ik niet gezien, tenzij de dames zelf daarvoor doorgaan. Dat is eigenlijk wel zo waarschijnlijk: de geit wordt immers wel ten tonele gevoerd en de graad van balorigheid is hoog. Tien kippen en een geit dus - ná de beeldenstorm, een feuilleton-achtige verwijzing naar de produktie De Beeldenstorm, waarmee schrijver Edward Montie en tien geestverwanten vorig jaar bij wijze van "uitsmijter' het seizoen afsloten.

Die voorstelling heb ik niet gezien, maar ik stel me er nu iets bij voor. Kwamen tien als dames verklede heren toen samen in een museumzaal rond de blote David van Michelangelo, in Na de beeldenstorm is de schuur van een van hen, Annie, de plaats van handeling. Wat die handeling, behalve samenkomen en uitwisselen van "campy' opmerkingen, verder nog betreft, blijft een goed bewaard geheim. Montie stuurt het vele kanten op, maar geen enkele in het bijzonder. Als het maar een lacht oplevert, lijkt hij gedacht te hebben.

Daarom graaft Annie, als ik het goed begrepen heb, haar voorouders op uit het hunebed waar de schuur overheen is gebouwd. Daarom krijgt een lesbienne een kind en raakt haar vriendin, de keiharde zakenvrouw Duke (Johan Ooms), bekneld onder het hunebed, waarna storm en bliksem god weet welke magische gebeurtenis suggereren. En daarom ook hebben moeder en dochter Coloni (Peer Mascini en Evert van der Meulen) bij voortduring ruzie, speelt Cas Enklaar een landadellijke, sportieve freule en legt het hele gezelschap zich ten slotte te ruste op de strobalen in Annie's schuur. Zo beschouwd kan men gevoeglijk concluderen dat alles eindigt in pais en vree.

Welk wereldprobleem daaraan voorafgaand geschoren wordt, doet er niet toe. Het gaat om de lol en het excelleren in originele travestie. Welnu, Enklaar vind ik mooi (chic maar aards), Jerome Reehuis ook (als een schommel met een haarnetje, luisterend naar de veel te stadse naam Babs), en Evert van der Meulen eveneens. Rob Delhez (als het oorspronkelijk Amerikaanse giechelbekje Cindy) is slechts bij vlagen hilarisch en René Eljon (als Annie, een mislukte Edith Bunker) helemaal niet. Bij vlagen grappig is ook de tekst van Montie, meestal niet. De pointe is zoek en de formuleringen scheren te vaak langs de scherpte die alle balorigheid zou rechtvaardigen. Want die keert zich op den veel te lange duur tegen de kippen zelf.